Wetenschap - 18 augustus 2016

Veel plastic in gestrande potvissen

tekst:
Roelof Kleis

Een deel van de potvissen die eerder dit jaar strandden op de Noordzeekust had flink wat plastic ‘aan boord’. In één maag werd zelfs 25 kilo afval aangetroffen.

Dat blijkt uit onderzoek van het maag- en darmstelsel van de dieren door onder meer wetenschappers van Imares. In totaal strandden in januari en februari 30 potvissen op de Noordzeekust van Engeland, Frankrijk, Nederland, Duitsland en Denemarken. In ons land ging het om zes potvissen die op 12 en 14 januari strandden op Texel. Onderzoekers van Imares hebben vijf van deze dieren onderzocht.

Van alle gestrande potvissen werden er 22 onderzocht op de aanwezigheid van afval. De magen werden omgekeerd en de darmen van de Texelse dieren (tot wel 170 meter lengte per dier) werden opengesneden en uitgespoeld. Het aanwezige afval werd in kaart gebracht en geanalyseerd op herkomst. In negen dieren werd afval aangetroffen. Daarbij gaat het om kleine objecten als een plastic dop van een fles en stukken plastic folie tot meterslange stukken touw en delen van visnetten.

In een ideale wereld zit er natuurlijk geen afval in zo'n beest. Maar geen eentje is er aan doodgegaan
Mardik Leopold

Het dier met het meeste afval was een potvis die in Frankrijk strandde in het Nauw van Calais. Deze potvis had liefst 25 kilo (voornamelijk) plastic afval ingeslikt, waaronder 13 meter visnetdelen en een groot visnet van 13,5x1,2 meter. Het meest opmerkelijke afval was een zwart stuk plastic motorkap. Het stuk van 68x24 centimeter zat in de maag van een potvis die op de Duitse kust strandde. Het stuk bleek afkomstig van een Ford-SUV.

touwinpotvis.jpg

Bioloog Mardik Leopold van Imares noemt de hoeveelheden ‘verrassend’. Maar hij is voorzichtig met conclusies. ‘In een ideale wereld zit er natuurlijk geen afval in zo’n beest. Maar geen eentje is er aan doodgegaan. De dieren waren allemaal gezond en goed doorvoed.’ Geen van de dieren had inwendige verwondingen die door het afval veroorzaakt zouden kunnen zijn. ‘Zo’n maag is ook groot’, benadrukt Leopold. ‘Zo groot als een volwassen mens. Dus het kan niet zo snel kwaad.’

Dat wil overigens niet zeggen dat er geen gevaar is. Potvissen kotsen volgens Leopold regelmatig onverteerbare delen van hun voedsel uit. ‘Netten zijn in dat opzicht gevaarlijk. De kans is aanwezig dat zo’n net dan achter de tanden blijft hangen. Afval kan tot verstopping van de darm leiden met alle gevolgen van dien.’ De meeste aangetroffen voorwerpen bevonden zich in de maag en waren niet tot de darmen doorgedrongen.

Driekwart van de aangetroffen stukken afval bleek gerelateerd aan visserij: netten, touw, een grote vishaak. De rest was ‘algemeen afval’ zoals plastic tassen, landbouwplastic, een plastic emmer, koffiecapsules en duct-tape. Veel van het afval is volgens Leopold waarschijnlijk
opgedaan in de Noordzee, maar een aantal visserslijnen vermoedelijk verder noordelijk. Noord-Atlantische potvissen migreren van Noorwegen naar de Azoren. Soms nemen ze evenwel de verkeerde afslag en zwemmen de ondiepe Noordzee in waar ze stranden.


Re:ageer