Wetenschap - 12 december 2017

Veel meer schelpdieren in Nederlandse wateren

tekst:
Tessa Louwerens
1

De hoeveelheid schelpdieren in de Nederlandse wateren is explosief toegenomen. Zo blijkt uit de jaarlijkse inventarisatie door Wageningen Marine Research.

Jetze van Zwol, medewerker WMR, sorteert de vangst ©Jack Perdon (WMR)

Met name de halfgeknotte strandschelpen (spisula) hebben een comeback gemaakt, zo blijkt uit het rapport dat Marine Research opstelde in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. ‘Dit voorjaar hebben we de hoogste hoeveelheid ooit gemeten, sinds de start van de inventarisatie in 1995, vertelt projectleider Karin Troost van Wageningen Marine Research. Het gaat ook goed met de scheermessen (Ensis directus), die scherpe langwerpige schelpen waar je voor uit moet kijken als je met blote voeten over het strand loopt. Troost: ‘Beide soorten lijken vorig jaar een zeer succesvolle broedval te hebben gehad.’ Broedval is de overgang van schelpdierlarven vanuit het water naar de bodem.

Terug van weggeweest
Spisula was voorheen één van de meest voorkomende schelpdiersoort in de kustwateren, maar na de millenniumwisseling kromp het bestand in 10 jaar tijd van 692 naar slechts 3 miljoen kilo. Vorig jaar was de schatting 39 miljoen kilo en een jaar later was dit 1.282 miljoen kilo. Troost: ‘Sinds 2015 zagen we spisula al langzaam terugkomen, wat al heel spannend was, maar we hadden niet voorzien dat we in 2017 zo’n enorm bestand aan zouden treffen. Dit is belangrijk voor mens en natuur, want er wordt op spisula gevist én het is een belangrijke voedselbron voor zwarte zee-eenden.’

Combinatie van factoren
In de Nederlandse kustwateren wordt veel gevist op schelpdieren. Om het beleid te bepalen, wordt elk jaar een inventarisatie gemaakt van de bestanden van scheermessen en halfgeknotte strandschelpen en andere soorten die belangrijk zijn voor de visserij. Ook met die andere schelpdiersoorten gaat het goed. ‘We zien al jaren een toename van otterschelpen, zaagjes en venusschelpen’, vertelt Troost.

Waarom het aantal schelpdieren zo explosief is toegenomen, kan Troost niet direct verklaren. ‘Het is waarschijnlijk een combinatie van factoren, zoals voedselaanbod, aanwezigheid van roofdieren of klimaatveranderingen. We zouden graag onderzoeken of we oorzaken kunnen aanwijzen en proberen daar komend jaar een project voor op te zetten.’

Re:acties 1

  • Piet van Noort

    De mossel op de strekdammen hoort hier zeker niet bij, hun achteruitgang is een van de oorzaken dat er minder scholeksters geteld worden. De mislukte proef met het Elastocoast, dat ter compensatie van de mosselgroei op de strekdammen die onder het zand zijn gespoten had moeten dienen, heeft ook geen goed gedaan. Zeker niet nu Hoogheemraad Hollands Noorderkwartier en provincie Noord-Holland overwegen om extra strekdammen buiten recreatiestranden alsnog te gaan behandelen. Dit had uitgetest moeten zijn voor er zand over de voedselplekken van scholeksters werd gespoten.

    Reageer

Re:ageer