Wetenschap - 3 april 2020

Plastic meten in de Rijn

tekst:
Roelof Kleis

Hoeveel zichtbaar plastic drijft er in de Rijn? Niet zo heel veel, laat een op basis van WUR-kennis ontwikkelde methode zien die is gebaseerd op tellen en wegen.

© Shutterstock

De oceanen stromen langzaam maar zeker vol met plastic. Veel plastic wordt aangevoerd door rivieren, valt in micro- en nanoschaal uit elkaar en is met het blote oog niet zichtbaar. Maar hoeveel zichtbaar (macro)plastic is er alsnog? Macroplastic draagt in massa veel meer bij aan de plasticstroom. Paul Vriend, masterstudent Milieuwetenschappen, ontwikkelde een snelle meetmethode die werkt voor rivieren als de Rijn.

Tussenjaar
Eigenlijk is het een project dat hij in 2018 in zijn tussenjaar begon tijdens een stage voor The Ocean Cleanup. De opdracht was de hoeveelheid macroplastic in de Rijn in beeld te brengen. Als basis gebruikte Vriend een door WUR-hydroloog en coauteur Tim van Emmerik beschreven methode van tellen (vanaf een brug) en wegen van (met netten verzamelde) monsters. Voor het verzamelen van de weegmonsters paste Vriend de methode aan.

‘Monsters verzamelen met netten werkt goed in rivieren met heel veel macroplastic zoals die in Indonesië of Thailand’, zegt Vriend. ‘Maar voor de Rijn werkt dat niet; de concentratie plastic is te laag. Genomen monsters zijn dan niet representatief genoeg. Bovendien is de Rijn drukbevaren, je kunt niet zomaar voor langere tijd een net in het water hangen. Daar is de scheepvaart niet blij mee.’

Kwamen er ineens vijf politieauto’s met zwaailichten om de brug af te zetten
Paul Vriend

Vriend ondervond overigens nog een bezwaar: met netten en touwen in de weer op een brug ziet er nogal verdacht uit, zo bleek onlangs op de Erasmusbrug in Rotterdam. ‘Kwamen er ineens vijf politieauto’s met zwaailichten om de brug af te zetten. Ik was op dat moment net even alleen bezig. Waar ik die touwen voor nodig had? Ze waren gealarmeerd dat iemand op de brug zichzelf iets wilde aandoen!’

88121673_656635551835437_781639143988920320_n.jpg

‘En het mooie was’, gaat Vriend verder, ‘dat even later hetzelfde nog een keer gebeurde. Ze hadden de afloop niet gemeld aan de centrale. Werd de brug weer afgesloten.’ Exit het netten-idee. Als alternatief gebruikte Vriend de Shoreliner, een ontwerp van ingenieursbureau Tauw om plastic mee te verzamelen. De Shoreliner is in feite een verzamelbak die afval opvangt dat door een lange drijvende arm uit het water wordt gevist.

Hindert niet
De Shoreliner heeft in de verte wel wat weg van het vangmechanisme waarmee The Ocean Cleanup op dit moment plastic verzamelt in de Stille Oceaan. Het apparaat is opgesteld in één van de havens van Rotterdam en hindert de scheepvaart dus niet. Het verzamelde plastic is volgens Vriend een goede maat voor wat er in de Rijn zoal langsdrijft. Maar dat is dus niet zo heel erg veel. Op de meetdagen in oktober ongeveer zes kilo per dag.

De gebruikte methode meet alleen het zichtbare (groter dan 5 cm) drijvende plastic uit de bovenste halve meter van de waterkolom.
Paul Vriend

Dat wil volgens Vriend niet zeggen dat de Rijn schoon is. ‘De gebruikte methode meet alleen het zichtbare (groter dan 5 cm) drijvende plastic uit de bovenste halve meter van de waterkolom. Kleiner plastic en plastic dieper onder water blijft buiten beeld.’ De Shoreliner verzamelde bovendien wel veel kleiner plastic, de zogeheten nurdles, die als halffabricaat voor plastic spullen worden gebruikt. En dan is er nog de vracht aan onzichtbaar micro- en nanoplastic.

Drones
Maar als een snelle bepaling voor een eerste inschatting werkt de methode dus prima, vindt Vriend. Hij ging na zijn tussenjaar in Wageningen studeren en werkte zijn data uit tot zijn eerste wetenschappelijke artikel als hoofdauteur. Zonder coronacrisis zou hij op dit moment op stage zijn in Indonesië, om daar een variant van de metingen toe te passen. Daarbij wordt het tellen van stukken plastic met drones gedaan in plaats van door mensen vanaf een brug. Het project staat even ‘on hold’.