Wetenschap - 18 augustus 2016

‘Meer onderzoek nodig naar effect insecticide op wilde bij’

tekst:
Rob Ramaker
4

Een nieuw artikel in Nature laat zien dat bestrijdingsmiddel imidacloprid wilde bijen negatief beïnvloedt. Bijenexpert Tjeerd Blacquiere ziet nog geen sluitend bewijs voor het verband.

Foto credit

Wilde bijensoorten die zich voeden van bloemen behandeld met het bestrijdingsmiddel imidacloprid gaan harder achteruit dan andere soorten. Dit blijkt uit een studie die gisteren in het tijdschrift Nature Communications verscheen. Het is een nieuwe bladzijde in de discussie over neonicotinoïden, een omstreden categorie bestrijdingsmiddelen. De gevonden correlatie is volgens bijenexpert Tjeerd Blacquiere geen sluitend bewijs. Hij hoopt op meer experimenten met wilde bijen.

De discussies over risico’s van neonicotinoïden draaien vaak om honingbijen. Is de focus op wilde bijen nieuw?
‘Deze focus is niet nieuw maar de discussie is heel complex. Experimenten met wilde bijen staan in de kinderschoenen omdat ze ingewikkeld en duur zijn. En omdat we hier zo weinig van weten kijken we vaak, zoals ook hier, naar correlaties tussen bijen en dit of dat. Je moet dan eigenlijk aantonen dat er geen verband bestaat met allerlei andere dingen. Correlaties met één factor vind ik niet voldoende bewijs.’

Wat weten we al over de effecten van neonicotinoïden op wilde bijen?
‘Wilde bijen zijn vooral achteruit gegaan door de landbouw; herverkaveling vanaf de jaren vijftig en het veranderde milieu. De laatste twintig jaar – waarin juist de neonicotinoïden worden gebruikt  - gaan de bijensoorten minder hard achteruit. Behalve misschien de zeldzame soorten, maar die leven juist weer niet in landbouwgebied.
‘Aan honingbijen is heel veel onderzoek gedaan, ook proeven van onszelf, dat laat zien dat er nog geen meetbare effecten van neonicotinoïden zijn aangetroffen. Als je bijenvolken langdurig blootstelt aan hoeveelheden boven het maximum in de natuur – een worst-case scenario – vind je geen effecten. Neonicotinoïden en sterfte van honingbijen hebben niets met elkaar te maken.’

Wilde bijen zijn vooral achteruit gegaan door de landbouw; herverkaveling vanaf de jaren vijftig en het veranderde milieu.
Tjeerd Blacquiere, bijenexpert

En de effecten op insecten die in het water leven?
‘In het oppervlaktewater heb je soms pieken. Dit komt door lozingen uit de glastuinbouw. Dat is zeker een probleem voor waterorganismen. De eendagsvlieglarve is bijvoorbeeld zo gevoelig dat ze massaal doodgaan. Dat is dus wel een probleem.’

Voor het publiek is deze discussie soms verwarrend omdat geruststellende en alarmerende berichten elkaar afwisselen. Zijn er echt zoveel contradicties?
‘Er waren drie, vier jaar geleden veel contradicties. Toen is ook veel gedaan om genuanceerde geluiden zwart te maken, iets waar ik ook last van heb gehad. Bij imkers speelt het nu veel minder, maar in de maatschappelijke discussie gaat het er heel anders aan toe. Supermarkten worden bijvoorbeeld in reclamespotjes neergezet als “bijenmoordenaars” omdat ze niet alleen aanvoerende boeren kiezen die geen neonicotinoïden gebruiken. Zo wordt de strijd nou eenmaal gevoerd.’

Re:acties 4

  • herald

    money money money, we are really wondering who those wageningen 'researchers' are working for. Still denying in front of all the evidences, incredible. There should be an investigation on scientific integrity.

    Reageer
  • Monique

    Een mooi voorbeeld van hoe wetenschappers door de industrie gebruikt worden om wetenschappelijke vooruitgang tegen te houden. Twijfel zaaien, feiten verdraaien, en losse bevindingen gebruiken om integrale conclusies te ondermijnen. Precies wat gebeurde met de wetenschap rondom klimaatverandering, roken, of asbest (lees bv. Klein - This changes everything). Als universiteit zou je daar ver van moeten blijven.

    Reageer
  • te kort door de bocht

    "Als je bijenvolken langdurig blootstelt aan hoeveelheden boven het maximum in de natuur vind je geen effecten," zegt Blacquiere. Nee, niet van de neonicotinoïden op zichzelf wellicht. Maar ook andere (veld)omstandigheden spelen een rol. En dan kunnen die middelen net het zetje geven om de bij overstuur te helpen. Zeggen dat neonicotinoïden en sterfte van honingbijen niets met elkaar te maken hebben (Blacquiere)is bij de huidige stand van het onderzoek veel te kort door de bocht. Net zoals overigens zeggen dat neonicotinoïden de oorzaak van bijensterfte zijn (Tennekes). Maar de effecten op het waterleven zijn door Van den Brink wel onomstotelijk aangetoond.

    Reageer
  • Henk Tennekes

    Je kunt de visie van Tjeerd Blacquière en Bayer CropScience naast elkaar leggen. Ze wijken niet van elkaar af. Het onderzoek toont een correlatie en geen oorzakelijk verband, wordt beweerd. Dat is zeker waar. Zo was het ooit ook bij roken en longkanker. Alleen was er zo veel toegevoegd bewijs voor de schadelijkheid van sigarettenrook dat je er niet aan ontkwam te concluderen dat de correlatie een oorzakelijk verband weergaf. Bij de neonics is het niet anders. En er staat ontzettend veel op het spel.

    Reageer

Re:ageer