Student - 16 november 2017

Oud kruidenboek ontrafeld

tekst:
Roelof Kleis

Ze wilde een andere stage dan gebruikelijk en die kreeg ze. Als een ware detective ontrafelde biologiestudent Ingeborg Swart de geheimen van een oud plantenboek in de bibliotheek van Artis.

Biologiestudent Ingeborg Swart onderzocht een circa 200 jaar oud kruidenboek dat in de bibliotheek van Artis ligt. Foto: Sven Menschel

In de kluis van de bibliotheek van dierentuin Artis in Amsterdam ligt een platte kartonnen doos. In die doos ligt een boek, formaat A4. Daarin staan prachtige met de hand ingekleurde tekeningen van bloemen en planten. De plaatjes zijn er met zorg ingeplakt. Handgeschreven tekst begeleidt de tekeningen. Het lijkt op het eerste gezicht op een soort catalogus.

Conservator Hans Mulder van Artis heeft het boek speciaal voor de fotosessie van Resource naar de bibliotheek gebracht, want de catacomben van de Artisbieb zijn verboden gebied. Daar is zelfs masterstudent Ingeborg Swart niet geweest. Maar de bibliotheek zelf is ook al smullen Het is alsof je een Harry Potter-film binnenstapt. Duizenden bruine banden bedekken de wanden. Geleerdheid uit voorbije tijden. Vanaf het enige schilderij in de ruimte kijkt Carl Linnaeus streng naar beneden.

Auteur achterhalen

‘Dit is toch een droom!’ Swarts ogen stralen bij de aanblik van zoveel moois. Ze houdt ‘heel erg’ van boeken. ‘Ik wilde iets anders dan een doorsnee ecologische stage. Ik wilde iets doen met biologie en communicatie.’ Ze klopte aan bij museum Naturalis. En dat kwam mooi uit, want Tinde van Andel, werkzaam bij Naturalis en buitengewoon hoogleraar Etnobotanie in Wageningen, had juist iets interessants bij de hand: het oude, vergeten en mysterieuze plantenboek in Amsterdam.

Corpora ex Regno Vegetabili of Ligchaamen uijt het Plantenrijk staat in zwierige letters op de omslag. Dat is alles. Geen auteur, geen plaatsnaam, geen datum. Het boek bevat 271 beschrijvingen van planten. Van 136 planten zijn ingekleurde tekeningen bijgevoegd. Swart kreeg de taak om de planten op naam te brengen en de auteur van het werk te achterhalen.

Om maar meteen met het laatste te beginnen: dat is niet gelukt. Swart denkt dat de schrijver een handelaar in medicinale planten moet zijn geweest, die het boek omstreeks 1800 heeft geschreven. Die datering leidt ze af uit het watermerk in het papier. De professie van de man – of vrouw, maar dat is minder waarschijnlijk – herleidt Swart uit kenmerken van de teksten. Maar de auteur is en blijft dus onbekend.

Detectivewerk

In feite was het een soort CSI met boeken. Dat begon met het fotograferen van elke pagina. In de Artisbieb, vanaf een krukje, maakte Swart met een geleende camera van elke pagina een foto. Het boek zelf is te kwetsbaar om mee te werken. Vervolgens las ze het boek, zette het verouderde Nederlands om in eigentijdse taal en vertaalde de tekst in het Engels. Dat was het eenvoudige deel.

Het echte speurwerk zat ’m in het op naam brengen van de planten. Swart: ‘Dat was een behoorlijke klus. Bij de meeste planten stonden een Nederlandse naam en twee semiwetenschappelijke namen. De auteur gebruikte niet de nu gebruikelijke indeling van Linnaeus. Vooral voor de exotische planten was het daarom moeilijk om een Nederlandse naam terug te vinden.’ Swart bracht heel wat uurtjes door in het Herbarium van Naturalis in Leiden, speurend naar vergelijkbare plaatjes en omschrijvingen in oude naslagwerken uit die tijd. ‘Heerlijk detectivewerk.’

Korenbloem

De plaatjes in het manuscript zijn overigens niet origineel. De auteur heeft ze uit een bekend standaardwerk uit 1549 van de Duitse botanicus Leonhard Fuchs geknipt. De schrijver was dus niet onbemiddeld; dergelijke boeken waren kostbaar. Volgens Swart moet hij er zeker twee hebben verknipt. Daarbij heeft hij ook flink wat fouten gemaakt. Niet elk plaatje kwam bij de goede omschrijving terecht. Een mooi voorbeeld is de korenbloem op pagina 47, die is verward met de papaver.

De auteur was dus volgens Swart in ieder geval geen botanicus of bioloog. Dat valt ook af te leiden uit de omschrijvingen bij de planten, die meer gaan over de herkomst en herkenning van de planten dan over botanische eigenschappen. Omdat ook het precieze medicinale gebruik er bekaaid vanaf komt, denkt begeleider Van Andel evenmin aan een apotheker. ‘Er staan geen recepten in van medicijnen. De auteur is daarentegen wel heel precies over hoe de kwaliteit van de plant moet zijn en weet precies waar de exotische planten vandaan komen en waar de inheemse planten groeien.’

5153.jpg

Kruidenhandel

De Corpora kwam in 1860 in bezit van Artis door toedoen van een zekere J.F. Steenbergen. Wie deze persoon is, is vooralsnog onduidelijk. ‘Eigenlijk heb ik zo’n boek nog nooit eerder gezien’, zegt Van Andel. ‘Het is een manuscript, dus het is niet uitgegeven. Dit soort dingen ligt vaak heel lang in historische bibliotheken op een plank met onbekende manuscripten. Daar komen ze terecht als bijvoorbeeld een boedel wordt geruimd. Artis heeft mij gevraagd of ik er onderzoek naar wilde doen.’

Als de maker inderdaad een handelaar in geneeskrachtige kruiden was, laat dat nog vele opties open, want daarvan waren er destijds honderden in Amsterdam, aldus Van Andel. ‘De medicijnen in apotheken bestonden voornamelijk uit plantenextracten, die in handzame hoeveelheden in stopflessen werden bewaard. De apothekers kochten die planten van handelaren, die ze op hun beurt betrokken van kwekers. In de havens kwamen de exotische planten per schip binnen.’ De Utrechtse onderzoeker Wouter Klein hoopt binnenkort te promoveren op een studie naar die medicinale kruidenhandel tussen 1650-1800. Hij gaat verder onderzoek doen naar de mogelijke bronnen die voor de tekst van de Corpora zijn gebruikt.

Terug in de kluis

Voor Swart zit het werk er inmiddels geval op. De nalatenschap van haar stage is de website plantenrijk.wordpress.com, waarop het hele boek te lezen is. Daarmee is het manuscript na ruim tweehonderd jaar dan toch nog openbaar. Van Andel hoopt dat dit ertoe leidt dat er nog meer van dit soort boeken boven water komen. De Corpora zelf ligt intussen weer in zijn kartonnen doos in de kluis van Artis.


Re:ageer