Student - 20 juni 2019

In tropisch Cairns is overal leven

tekst:
Inge Corino

‘Cairns ligt dicht bij de evenaar en heeft een tropisch klimaat. Daardoor voelt de natuur een stuk levendiger aan dan in Nederland. Er is constant geritsel en beweging; dat heeft iets gezelligs. In de ochtend maken de exotische vogels je met een enorm kabaal wakker en op straat rennen de hagedissen alle kanten op terwijl de zoete geur van wilde mango’s je omringt. En aan het eind van de dag kan je zomaar een babygekko in je bed vinden.

Slang uit het riool

Niet alle beestjes zijn echter zo schattig. Toen ik een keer de buurt aan het verkennen was, kwam er opeens een zwarte slang met een dikke rode buik uit het riool gekropen. Ik liet later een foto zien aan een Aussie en die zei dat ik beter wat afstand had kunnen nemen. Blijkbaar zijn die slangen erg giftig. Oeps.

Ik vond op het werk een spin zo groot als mijn hand
Capture.JPG

Ook van de spinnen word je niet blij. Ik deed bij het Australian Institute for Tropical Health and Medicine onderzoek naar een eiwit. Op de muizenafdeling waar ik werkte, vond ik op een dag een gigantische spin. Hij was zo groot als mijn hand en leek uit een horrorfilm te zijn ontsnapt. Ik heb nog steeds geen flauw idee hoe de spin binnen is gekomen; die afdeling hoort hermetisch afgesloten te zijn.

Ik heb veel gewandeld in de bergen van Cairns en ook een dag gedoken en gesnorkeld bij het Great Barrier Reef. Veel plekken zijn zo ondiep dat delen van het koraal bijna boven het water uitkomen. En het water is heel helder. Ontelbare kleurrijke visjes zwommen rond het witte rif en zelfs een zeeschildpad kwam voorbij die dag. Waanzinnig, ik zwom er een duimbreedte vanaf! Helaas was de verbleking van het koraal erg duidelijk. De felle kleuren waren compleet verdwenen als gevolg van klimaatverandering.

Droog T-shirt mee

Mijn idee was om in Cairns de Nederlandse winter te ontduiken. Dat plan bleek echter een stuk minder perfect toen in december het regenseizoen begon. Er kan dan in één week meer regen vallen dan in Nederland in een heel jaar. Halverwege januari werd de combinatie van hitte en hoge luchtvochtigheid vrijwel ondraaglijk. Ik nam elke dag een extra shirt mee naar het werk. Tijdens de korte wandeling van mijn huis naar het lab zweette ik zo dat ik doorweekt aankwam.’