Student - 6 juni 2019

Luxe is relatief in Zambia

tekst:
Eva van der Graaf

Wie? Kees te Velde (25), masterstudent Aquaculture and Marine Resource Management
Wat? Stage bij aquacultuurbedrijf Yalelo
Waar? Sivonga, Zambia

Wageningse masterstudenten gaan voor hun stage en thesis de hele wereld over. Ze maken kennis met de praktijk en andere culturen. Hier vertellen ze over hun avonturen.

‘Ik ben de eerste student die hier stage loopt. Ik zit aan het Karibameer, het grootste mensgemaakte meer in volume ter wereld. Mijn onderzoek gaat over carrying capacity: hoeveel vissen kunnen ze hier produceren voordat het de waterkwaliteit schaadt? Ook help ik het bedrijf bij de veranderingen die nodig zijn om te voldoen aan de richtlijnen van het ASC-keurmerk voor kweekvis.

Resort of niet, alle apparatuur gaat stuk

Het is vrij moeilijk om hier aan een kamer of een huis te komen, dus het bedrijf heeft een plekje voor me geregeld in een luxe resort. Vanuit mijn kamer heb ik uitzicht op het meer. Maar resort of niet, het blijft Zambia. Alle apparatuur gaat stuk. Ik heb binnen geen wifi en een tijdje geleden zat de hele stad zonder stroom en deed mijn kamersleutel het niet meer. Je moet ermee leren omgaan.

kees 2.jpg

Vissen en bier drinken

In de weekenden is er niet veel te doen hier. Als ik aan Zambianen vraag wat ze in hun vrije tijd doen, antwoorden ze: slapen of tv-kijken. Ze zijn niet erg ondernemend. Er wordt wel veel gevoetbald. Met de mensen van het bedrijf doen we wel eens iets samen, zoals een biertje drinken of vissen. Verder zit ik een beetje te lezen. Over een tijdje komt mijn vriendin hier en gaan we rondreizen en naar de Victoriawatervallen.

Voor mijn onderzoek moet ik ook aardig wat rondreizen en verschillende watermonsters nemen. Over het algemeen is het hier verstandig om een Zambiaanse chauffeur te hebben. Als je als blanke iets wilt kopen, is het vijf keer zo duur. Het is fijn om iemand bij je te hebben die weet hoe alles in elkaar zit.

IMG_20190129_101430904.jpg

Nooit slecht nieuws

Het cultuurverschil met Nederland is enorm. Dat zie je aan alles. 95 procent van de werknemers in het bedrijf is Zambiaans, maar in hogere posities is de helft internationaal. Mensen hebben hier geen toegang tot een goede opleiding. Werken gaat meestal ook niet zo efficiënt. Als er ergens twee mannen aan het werk zijn, kijken er vier toe.

Zambianen vinden het onbeleefd om slecht nieuws te brengen. Ik heb een keer twee uur op een boot moeten wachten, terwijl de schipper maar bleef zeggen dat hij er bijna was. En als mensen iets kapot hebben gemaakt, verstoppen ze het. De Zambianen zijn wel heel hartelijk en lachen veel.’

Heb je ook een mooi verhaal over je stage of thesisonderzoek in het buitenland?
Mail naar lieke.dekwant@wur.nl


Re:ageer