Nieuws - 14 juni 2018

Overwerken? Wen er maar aan!

tekst:
Tessa Louwerens

Gemiddeld werken onderzoekers ruim 25 procent meer dan in hun contract staat. Vooral mensen met een vast contract draaien overuren, zo blijkt uit onderzoek van het Rathenau Instituut. Is dat erg? Of hoort overwerk er nu eenmaal bij in de wetenschap?

tekst Tessa Louwerens  illustratie Henk van Ruitenbeek

Bauke.JPG

Bauke Albada
Universitair docent Organische Chemie

‘Overwerken hoort erbij en ik heb zelf het gevoel dat 25 procent nog een lage schatting is. Per definitie zijn wetenschappers mensen met passie voor hun vak. Hun hobby is deel van hun werk. Om in je eigen vakgebied een leidende rol in te kunnen nemen, moet je nu eenmaal veel tijd investeren in je onderzoek. Aangezien een wetenschapper aan een universiteit ook andere taken heeft, zoals onderwijs en management, zal hij extra tijd moeten creëren om vooraan te blijven lopen in zijn wetenschapsveld. Dit is op zich niet erg, maar het is wel goed als je maat kunt houden, zodat burn-out en overspannenheid niet gaan opspelen.’

Gauthier.JPG

Gauthier Konnert
Promovendus Aquacultuur en Visserij

‘Ik vind het prima af en toe meer uren te werken, bijvoorbeeld bij het uitvoeren van een experiment. Maar ik denk niet dat het een vereiste is voor goede wetenschap. Je kunt ook 40 uur per week werken en een productieve onderzoeker zijn. Maar onderzoek is competitief en meer uren werken levert waarschijnlijk meer resultaten en mogelijk meer publicaties op. In die zin hebben ambitieuze mensen waarschijnlijk de neiging om overuren te maken, wat beloond wordt als ze inderdaad meer resultaten krijgen. Het is een persoonlijke keuze en verantwoordelijkheid om professionele ambities en privéleven te balanceren. Als ik 60 uur per week wil werken, houdt niemand me tegen, als het verder goed gaat met mij. Maar ik voel me niet onder druk gezet.’

Joris.JPG

Joris Sprakel
Universitair hoofddocent Physical Chemistry and Soft Matter

‘Juist wetenschappers zouden op basis van rationele argumenten buiten gebaande paden moeten treden. De realiteit is dat alles in ons werk een afweging is tussen wat je wil bereiken, zowel in je werk als daarbuiten, en hoeveel tijd je eraan kan of wil besteden. Dit hangt ook samen met en hoe efficiënt je werkt en hoe goed je prioriteert. “Overwerk” suggereert dat het vervelend is. Ik ben dol op mijn werk, dus veel van de extra uren komen voort uit puur enthousiasme en dan voelt het niet als werk. Kortom, niks moet en iedereen kan hierin zijn eigen keuzes maken, zolang je wel een wezenlijke bijdrage blijft leveren aan je vakgebied, de organisatie en het onderwijs.’

Maria.JPG

Maria Forlenza
Universitair docent Celbiologie en Immunologie

‘Wetenschap is de beste baan die er is, je hebt flexibiliteit en vrijheid. Op papier vraagt niemand me om over te werken en ik heb het gevoel dat het mijn keuze is. Maar om carrière te maken moet je laten zien dat je bereid bent om net een stapje verder te gaan, en dit kan betekenen dat je overuren maakt. Ik vind het niet erg om extra uren te werken en het frustreert me niet. Toch ervaar ik dat er een limiet is. Ik zie veel hardwerkende wetenschappers wier inspanningen niet altijd worden onderkend, deels vanwege bezuinigingen en de steeds hogere verwachtingen. Er is maar zo veel dat iemand kan doen, zelfs in de extra tijd. Op dat moment krijg je ook geen energie meer van je werk, maar kost het juist energie.’

Ivonne.JPG

Ivonne Rietjes
Hoogleraar Toxicologie

‘Overwerk hoort momenteel inderdaad vrij structureel bij de wetenschap en ik denk dat het zelfs nog wel meer dan 25 procent is. Het probleem is dat het heel moeilijk is het werk af te krijgen in de beschikbare uren. Binnen de uren waarvoor je bent aangenomen kom je momenteel, zeker met die hoge studenten aantallen, niet voldoende toe aan je wetenschappelijke taken. Dit zorgt er wel voor dat je vooral mensen krijgt die het heel graag doen en het wetenschappelijke werk ook voor een deel als hobby zien. Dat laatste vind ik positief.’

Yannick Weesepoel (2).JPG

Yannick Weesepoel
Onderzoeker bij Rikilt

‘Ik doe contractonderzoek en daar heb je duidelijke, overzichtelijke doelen. Het zijn strakke deadlines en je moet goed plannen, maar als de tijd of het geld op is, dan stopt het. Bij de universiteit is dat anders, daar is het werk nooit af. Toen ik als AIO werkte, werd ik gerust gevraagd om op zaterdag op te komen draven, en dan zit iedereen daar te werken. Natuurlijk werk ik nu ook af en toe wel extra, maar zeker niet structureel. In een jaar zitten ongeveer 1750 onderzoeksuren en als je daar structureel boven komt, dan krijg je er bij ons een collega bij. Het is niet zo dat één persoon dan 1,5 fte gaat invullen.’

Bernice.JPG

Bernice Bovenkerk
Universitair Docent Filosofie

‘Overwerken is binnen de wetenschap een ongeschreven norm. Nadeel is dat het ongelijkheid in de hand werkt en ik denk dat het ook een genderissue is. Ik heb zelf bijvoorbeeld kinderen en kan niet aan die norm voldoen. Het klinkt raar, maar ik ben vier dagen per week gaan werken, zodat ik kans heb om over te werken op mijn vrije dag. Het frustreert mij soms dat ik te weinig tijd heb om bijvoorbeeld mijn literatuur goed bij te houden. Naast onderzoek en onderwijs heb je veel extra taken. Deze fragmentatie maakt dat je uiteindelijk weinig aan onderzoek toekomt. Onlangs heb ik een Vidi-beurs binnengehaald. Het kan dus wel, ook als je niet veel kunt overwerken.’