Organisatie - 27 februari 2020

myWURSTspace?

tekst:
Tessa Louwerens

Een nieuw concept voor de inrichting van kantoren moet de ruimtenood op de campus oplossen en samenwerking bevorderen. Met myWURspace komt echter wel een eind aan de vaste werkplek. Het Open en Transparant Werken (OTW) zoals op de vierde verdieping van Atlas al is ingevoerd, dient als voorbeeld. Zitten medewerkers daar op te wachten?

Tekst Tessa Louwerens Illustratie Henk van Ruitenbeek

margaret.jpg

Margaret Bosveld, analist Levensmiddelenchemie
‘Aannemen van meer personeel - zonder dat daar werkplekken voor zijn - en dan overgaan op MyWURspace, vind ik niet realistisch. Ik zat tien jaar geleden in de huisvestingscommissie van de OR en toen hebben we onderzoek gedaan naar flexwerken. Het zal veel geld kosten om myWURspace goed uit te voeren en ik betwijfel of dit goedkoper is dan een nieuw gebouw. Bovendien werken we hier anders dan bijvoorbeeld bij een groot administratief kantoor, waar ze positief zijn over dit concept. Veel van ons hebben labruimte nodig, een kantoor en plekken om te overleggen met studenten. Ik ben geen voorstander van flexwerken, maar vind dat het moet kunnen als je dit als afdeling of onderzoeksgroep wilt. Ik hoor veel geluiden van mensen die het niet prettig vinden. Wat mij stoort is dat die worden weggezet als niet flexibel en ouderwets. Ik hoop dat de WUR-council dit goed onderzoekt en met een gedegen rapport komt dat voor-en nadelen afweegt.’

NicoBondt.jpg

Nico Bondt, onderzoeker en projectmanager bij Wageningen Economic Research
‘De invoering van deze nieuwe werkvorm (OTW) leidde tot veel weerstand onder medewerkers van Wageningen Economic Research, maar uiteindelijk ging de discussie alleen over hoe en niet óf het zou gebeuren. De uitvoering is zorgvuldig opgepakt en goed doordacht. Het kantoor in Atlas ziet er fraai uit en een deel van de collega’s vindt het geweldig. Maar of de doelen - meer samenwerking en betere communicatie - zijn behaald, betwijfel ik. Mensen proberen vooral stil en rustig te zijn. Het idee is dat men zich verplaatst over de verschillende zones afhankelijk van de werkzaamheden. In de praktijk zie ik dat mensen toch een min of meer vaste plek hebben en soms extra vroeg beginnen zodat ze een stilteplek kunnen bemachtigen voor de rest van de dag. Misschien is thuiswerken voor hen een oplossing. Maar in dat opzicht hinkt WUR op twee gedachten: mensen ‘any time, any place’ laten werken, maar thuiswerken wordt ontmoedigd. Zelf vind ik het lastig als ik ongestoord wil bellen en mijn computer daarbij nodig heb, de daarvoor geschikte plekken zijn meestal bezet.’

Pot Wieke - GA--20191203-FT2A1154.JPG-Portrait (002).jpg

Wieke Pot, docent en onderzoeker Bestuurskunde
‘Ik heb in mijn loopbaan als interim manager op verschillende plekken gewerkt en heb wel positieve voorbeelden van flexibel werken ervaren. In dat geval waren er meer werkplekken dan medewerkers en veel verschillende soorten werkplekken, inclusief ruim voldoende kamers om je terug te trekken. Maar meestal komen er minder werkplekken en een onrustiger werkomgeving. Juist voor onderzoekers en docenten is het belangrijk dat ze een plek hebben waar ze zich kunnen concentreren, hun studenten kunnen ontvangen en hun literatuur kunnen bijhouden.
Flexibel werken betekent, denk ik, niet meer interactie. Ik denk eerder dat het omgekeerde zal gebeuren. En dat vind ik zorgwekkend, vooral voor de toch al individueel georiënteerde universitaire beroepen. Ik denk dat MyWURspace een groot productiviteitsverlies zal betekenen.’

Yuca Waarts.jpg

Yuca Waarts, Senior onderzoeker duurzame ketenontwikkeling
‘Sinds juni 2019 werken we bij Wageningen Economic Research in Atlas met OTW. De verschillende zones werken wel. Wat ik jammer vind is dat mijn teamleden nu overal en nergens zitten. Ik ben mijn kudde kwijt. Als we elkaar willen spreken moeten we dat organiseren. Aan de andere kant heb ik weer een nieuwe kudde gevonden. Want je ziet toch dat mensen weer een “vaste” plek opzoeken. Ik ben er nu wel blij mee. Maar kan mij goed voorstellen dat sommige mensen zich erg verloren voelen. Dat had ik in het begin ook. Dit concept werkt niet voor iedereen en leidt ook niet per se tot meer samenwerking. Je zit wel bij elkaar in de buurt, maar je wilt elkaar niet teveel storen. Het werk is individualistischer geworden in vergelijking met toen ik nog met drie mensen op een kamer zat.’

Sjaak Wolfert Portrait.jpg

Sjaak Wolfert, Senior Scientist, Wageningen Economic Research
‘Komende van Leeuwenborch werk ik nu al een tijdje met erg veel plezier op de vierde in Atlas waar OTW is ingevoerd: een mooie open en transparante ruimte die uitnodigt om samen te werken. Ik zit in veel internationale projecten en heb regelmatig overleg via teleconferenties. Voorheen liep ik er vaak tegenaan dat ik lastig plekken kon vinden om dat te doen. Hier zijn diverse zaaltjes waar je via usb je laptop kunt aansluiten op het televisiescherm. Er zijn stiltezones en focusruimtes waar ik kan werken aan voorstellen of reviews en plekken waar ik gasten kan ontvangen.
Ik begrijp wel dat sommige mensen negatief zijn. Dat komt denk ik ook omdat op veel plaatsen dit concept verkeerd is ingevoerd en dan werkt het averechts en contraproductief. Maar bij ons is het goed doordacht en er is voldoende plek voor iedereen. In de ideale wereld hadden we misschien allemaal een eigen kamer met onze persoonlijke spullen, én voldoende uitwijkmogelijkheden voor vergaderingen, videoconferenties enzovoorts. Maar WUR heeft ruimtegebrek, en we zullen efficiënt met onze ruimte om moeten gaan. Voor iedereen die twijfelt, zou ik zeggen kom gerust bij ons kijken.’


Re:ageer