Organisatie - 23 oktober 2008

leuke studie<br> nu nog een baan

Paarden verdringen de koeien uit het Nederlandse landschap en steeds meer mensen doen ‘iets’ met paarden. Geen wonder dus dat opleidingen gericht op de paardenbranche in trek zijn. Maar zijn er straks wel banen voor al die hooggeleerde paardenmeiden? ‘Een teer onderwerp’, aldus de Sectorraad Paard.

achtergrond_0_162.jpg
achtergrond_0_162.jpg

Foto: EQUUS en DE VEETELERS

De paardenbranche is in de afgelopen dertig jaar snel gegroeid. Vijf procent van de bevolking rijdt inmiddels paard, heeft een verzorgpony of bezoekt paardensportevenementen, met als gevolg dat er nu al 450 duizend paarden en pony’s in Nederland rondlopen. Onderzoekers spreken van ‘verpaarding’ en ‘verrommeling’ van het landschap door witte hekken en paardenbakken.
Dat komt vooral omdat de sector nog in ontwikkeling is, stelt Jaap Werners van de Sectorraad Paard. ‘De sector is breed en divers. Anders dan bij andere agrarische bedrijfstakken waar het gaat om geld, is dat bij ons verdeeld. Er is een klein aantal professionals en daarnaast een heel groot hobbycircuit van recreanten.’
Onder die recreanten zijn veel mensen die van hun hobby hun beroep willen maken. En dat kan ook, want er zijn zeven universitaire of hbo-opleidingen waarbij paarden een hoofdrol spelen. Wageningen UR herbergt er drie. Van het internationaal gerichte Equine, Leisure & Sports (ELS), de opvolger van de Nederlandstalige opleiding Paardenhouderij bij Van Hall Larenstein in Wageningen, studeert komend jaar de eerste lichting studenten af. Sinds het begin trekt de opleiding jaarlijks zo’n veertig studenten, waarvan iets meer dan de helft uit Duitsland komt.

Vrouwentak
‘De achtergrond van onze studenten is heel divers. Sommigen komen van boerenbedrijven, anderen uit de stad. Van rijkaard tot achterbuurt, zeg maar. Het zijn wel allemaal paardenfanaten’, schetst onderwijsassistente Mieke Theunissen. Bovendien zijn het overwegend meiden. Theunissen: ‘Het is een echte vrouwentak. Die paar mannen die erin actief zijn, zitten meestal in de top, zoals je bij de echte dressuurrijders ziet.’ ELS wil volgend jaar een tweede major Equine, Business & Economics starten. ‘Nu trekken we meer de mensen die sportgericht zijn. Met een commerciëlere opleiding hopen we ook meer jongens te trekken’, vertelt docent Hans van Tartwijk.
Tijdens de opleiding stippelen studenten hun eigen carrièrepad uit. ‘De hippische wereld is enorm breed en ze proeven alle verschillende facetten. We werken samen met bedrijven in voeding en paardensportartikelen en de studenten maken een bedrijfsplan. Voor de uitvoering ervan krijgen ze ook echt een lening van de Rabobank’, aldus Theunissen, die zelf in 2006 afstudeerde aan de voorloper van ELS. Momenteel lopen er verschillende onderwijsprojecten rondom het thema dierenwelzijn, waarin ELS-studenten deelonderzoeken doen.
Drie miljoen euro
In Nederland zijn naar schatting 450 duizend paarden en pony’s. Jaarlijks worden veertigduizend veulens geboren, waarvan vijftienduizend geregistreerde sportpaarden. In de sector gaat twee tot drie miljard euro per jaar om en werken tussen de dertien- en vijftienduizend mensen. Er zijn circa 160 duizend paardenhouders, van wie velen hun inkomen grotendeels uit een andere baan halen.
Uit marktonderzoek, uitgevoerd in opdracht van de Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie, blijkt dat 800 duizend Nederlanders geïnteresseerd zijn in paarden. Dat zijn niet alleen de mensen die een paard of pony hebben, berijden of verzorgen, maar ook degenen die regelmatig paardensportevenementen bezoeken. Ook bij Paard en management, een major van Diermanagement in Leeuwarden, wordt veel nadruk gelegd op dierenwelzijn. Daar is tevens een nieuwe major in de maak - Dier en zorg - waarin het paard als ‘therapeutisch middel’ aan bod komt. Bijzonder in Leeuwarden is bovendien de aandacht voor paarden in het wild. Paard en management bestaat nu acht jaar en heeft een constante instroom van ongeveer twintig studenten per jaar, vertelt majorcoördinator Gerrit de Jong. Het onderwijs richt zich op evenementenorganisatie, bedrijfsontwikkeling, gezondheidszorg en het vertalen van wetenschappelijke kennis naar de praktijk. Thema’s die goed aansluiten op het werkveld, volgens De Jong.

Beperkte werkgelegenheid
De studie Dierwetenschappen aan Wageningen Universiteit trekt universitaire studenten die ‘iets met paarden’ willen doen. ‘Er zijn mensen nodig die verstand hebben van voeding, fokprogramma’s, gezondheid en huisvesting’, zegt universitair docent en studieadviseur Egbert Kanis. ‘Paard en landschap is ook een actueel onderwerp. En er zijn adviseurs nodig bij het ministerie, productschappen en adviesbureaus.’
De bachelor Dierwetenschappen heeft al jarenlang een stabiele instroom van ongeveer zeventig eerstejaars. Volgens Kanis’ inschatting hebben pakweg vijftien daarvan een expliciete belangstelling voor paarden. Al verschuift dat weleens. ‘Sommige studenten gaan tijdens hun studie koeien ook leuk vinden. Maar anderen raken misschien weer meer geïnteresseerd in paarden.’
Ondanks de verpaarding van de samenleving is Kanis niet helemaal gerust op de werkgelegenheid in die branche. ‘We raden masterstudenten altijd aan om niet op één paard te wedden en ook een afstudeervak op een ander terrein te kiezen.’ Een carrière in de wetenschap is voor slechts weinig paardenstudenten weggelegd, omdat er weinig aio-projecten zijn. Bij de leerstoelgroep Fokkerij en genetica lopen er momenteel twee. ‘Door de versnippering in de paardensector is het moeilijk om geld voor onderzoek te krijgen uit het bedrijfsleven’, legt Kanis uit.
Hogere paardenopleidingen

  • Equine, Leisure & Sports in Wageningen (Van Hall Larenstein)
  • Paard en management in Leeuwarden (Van Hall Larenstein)
  • Horse Business Management in Emmen (Hogeschool Drenthe)
  • Hippische bedrijfskunde in Dronten (CAH Dronten)
  • Paardenhouderij of Paardensport in Deurne (Stoas)
  • Dierwetenschappen, Wageningen Universiteit
  • Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht
‘Een teer onderwerp’ noemt Jaap Werners van de Sectorraad Paard de werkgelegenheid voor afstudeerden. ‘Het doet ons natuurlijk plezier dat dit soort hogere opleidingen er zijn. Maar in hoeverre de afgestudeerden banen vinden, hangt ook af van de ontwikkeling van de sector.’ Hij doelt daarbij vooral op het hoge hobbygehalte van de paardenhouderij. ‘Naarmate de professionalisering doorzet, groeit de behoefte aan een kader met goede opleidingen.’
ELS-docent Van Tartwijk ziet wel genoeg kansen voor afgestudeerden, onder meer in het buitenland. ‘Nu India, Brazilië, China en Rusland het goed doen, zie je meteen paarden die kant op gaan. Negentig procent van de paarden die werden gebruikt bij een internationale springwedstrijd in China deze zomer, kwam uit Europa.’ Nederland presteert goed in de internationale paardensport, beaamt Werners. Zowel de prestaties van het Nederlandse rijpaard als van Nederlandse ruiters domineren al jaren de wereldtop. ‘Kennisexport omtrent paarden kan dan mee in de slipstream van de kwaliteit van het Nederlandse paard en de ruiter. Maar hoe groot die kansen zijn, hangt ook af van de financiële situatie wereldwijd’, aldus Werners.

Periferie
Theunissen en Van Tartwijk van ELS zijn ervan overtuigd dat je, als je goed bent en echt wilt, een passende baan kunt vinden in de sector. Van Tartwijk: ‘Met onze opleiding mikken we vooral op de periferie. Onze afgestudeerden komen bijvoorbeeld terecht bij evenementenorganisaties en in management- en adviesfuncties. Eén van onze afgestudeerden is bedrijfsleidster bij een zadelmakerij, iemand anders is instructeur bij de Nederlandse Hippische Beroepsopleidingen, weer een ander doet hetzelfde in Zweden. En iemand is webeditor van horses.nl.’
De eerste stap voor afgestudeerden is soms moeilijk, erkent majorcoördinator Gerrit de Jong uit Leeuwarden. Volgens hem helpt het wanneer je tijdens de studie al in aanraking komt met grotere bedrijven. ‘Het is heel belangrijk om aan je netwerk te blijven sleutelen. Als je écht voor het paard gaat en doorzettingsvermogen hebt, vind je de weg wel. Mensen die dat missen komen bij de verzekeraars terecht, zoals ik de alternatieven noem.’

Re:ageer