Wetenschap - 3 oktober 2002

Zwols landschap gevormd door natuurramp

Zwols landschap gevormd door natuurramp

De ontstaansgeschiedenis van het landschap bij Zwolle is waarschijnlijk aan revisie toe. Het lijkt erop dat wereldwijde natuurrampen de Vecht hebben laten overstromen. Tot nu toe werd aangenomen dat het landschap rondom Zwolle gevormd is door de IJssel en de getijden van de Zuiderzee.

Micromorfologe dr Maja Kooistra van Alterra heeft in 2001 bij Zwolle voor het eerst een bos opgegraven voor archeologisch onderzoek. Zij deed dat in een onderzoeksteam met dendrologen van stichting Ring en biologisch archeologen van Biax Consult. Het team is nog bezig de conclusies te verfijnen, maar de bevindingen zijn evident.

De enorme kleilaag die bovenop het bos gevonden is bevat geen rivierzand, zoals bij de IJssel gebruikelijk, of silt zoals bij zeeklei valt te verwachten. Kooistra denkt daarom dat niet de IJssel en de Zuiderzee het landschap vormden, maar overstromingen van de Vecht. "Er moet filtering hebben plaatsgevonden door rietmoerassen of doordat het water over een drempel in de dekzandlaag is gestroomd. Daardoor vinden we alleen maar hele fijne klei."

Volgens Kooistra is het onderzoek reden genoeg om beter te kijken naar andere kleilandschappen bij Zwolle. "In het achterland, in het rivierdal van de Vecht is dezelfde hele zware klei gevonden, maar er is nooit in detail naar gekeken." De conclusies kunnen vergaande gevolgen hebben voor de ontstaansgeschiedenis van het landschap. Het zou zelfs kunnen gebeuren dat bodemkaarten en geomorfologische kaarten moeten worden herzien.

Het opgegraven veenbos levert ook aanwijzingen voor de theorie van de Engelse historicus David Keys, die stelde dat er in de jaren 535, 536 en 541 wereldwijd natuurrampen plaatsvonden. Keys verbindt de natuurrampen met culturele verschuivingen, zoals het verdwijnen van het Romeinse rijk en de ondergang van een enorme Inca-stad.

Het opgegraven bos is in de eerste eeuw voor Christus ontstaan, en was rond 530 waarschijnlijk een slecht groeiend, nat en dicht bos van eiken, elzen en essen. Biax Consult vond er naast de pollen van bomen ook pollen van varens, grassen, kruiden, waterplanten en granen. De granen duiden erop dat er in de buurt akkerbouw moet zijn geweest. Het bos was waarschijnlijk te dicht, te nat en te onherbergzaam voor de mens, want Kooistra vond geen sporen van betreding. Dendrologisch onderzoek van stichting Ring toonde aan dat de bomen in de periode tussen 531 en 560 zijn gestorven. Ook koolstofdateringen wijzen op hetzelfde tijdsbestek. "Het sluit allemaal te goed aan om met deze mogelijkheid geen rekening te houden", aldus Kooistra. | M.W.

FOTO

Maja Kooistra kan op slijpplaten de geschiedenis uit de bodem lezen. Dit 25 maal vergrote getande visbotje in een duin bij Voorne-Putten wijst op bewoning, ook al omdat het botje gebroken is door betreding. Vergelijkbare technieken gebruikte Kooistra in het veenbos bij Zwolle. | Foto Alterra

Re:ageer