Organisatie - 13 maart 2008

Zo… fysiologisch

‘Tijs’, zegt Aalt Dijkhuizen verbolgen.
‘Aalt’, reageert Tijs Breukink voorzichtig.
‘Mag ik vragen wat voor merkwaardig mailbericht ik vanochtend van jou heb ontvangen?’
‘Je krijgt zoveel mailtjes van me, Aalt’, ontwijkt Breukink. ‘Welke bedoel je precies?’
‘Welk merkwaardig mailtje zou ik nou bedoelen, Tijs? Die met die aangepaste cijfers voor Operatie Rinkel? Het CC-tje van je mailtje naar de Facilitaire Dienst, waarin je zegt dat je een uurtje later komt? Of dat clipje met die urinerende ijsbeer? Die middels vloeibare ontlasting een frase neerschrijft in de sneeuw?’
Schuldbewust kijkt Breukink naar beneden. ‘Die met die ijsbeer, Aalt’, mompelt de mathematische wonderjongen.
‘En wat urineerde die ijsbeer ook alweer in de sneeuw, Tijs? Was het iets verheffends? Een wijze spreuk? Van het concert des levens… Was het een simpel berichtje, bedoeld om een hardwerkende manager een hart onder de riem te steken? Toi toi toi. Break their legs. Zoiets. Of was het iets anders?’
Breukink schuift ongemakkelijk op zijn stoel heen weer. ‘Ik denk dat je me…’
Dijkhuizen knipt met zijn vingers. ‘Ik weet het alweer, Tijs. Het was een bedrag. Twee-en-een-halve ton.’
Breukink steekt zijn vinger op en opent zijn mond, maar maakt geen geluid.
Geërgerd leunt de leider der leiders achterover in zijn stoel. ‘Als je wilt onderhandelen over salarisverhoging, of alvast de hoogte van je gouden handdruk wilt vastleggen, dan is dit niet de juiste manier, Tijs. Met dat bedrag heb ik geen moeite, maar dat hoeft toch niet zo… zo fysiologisch? Zo urinair? Dat kan toch ook tijdens een etentje?’
Vragend kijkt Dijkhuizen naar zijn mathematische rechterhand.
‘Dit hoort bij de nieuwe wervingscampagne van Van Hall-Larenstein’, zegt Breukink.
‘De communicado’s van VHL geven studenten via klimaatverandering-watdoejij.nl de mogelijkheid om via urinerende ijsberen berichtjes te mailen.’
‘Aha’, zegt Dijkhuizen.
‘Het aantal bezoekers op de webstek van VHL is vertienvoudigd…’, zegt Breukink.
‘Leuk’, zegt Dijkhuizen.
‘…Maar die grap heeft wel twee-en-een-halve ton gekost’, zegt Breukink.
‘Potvolblomme’, zegt Dijkhuizen. De leider trekt wit weg. ‘Da’s veel geld voor een plassende ijsbeer’, steunt hij.

Re:ageer