Wetenschap - 20 juni 2002

Ziekteverzuim verschilt sterk

Ziekteverzuim verschilt sterk

Wageninger vaker ziek na reorganisaties

De ziekteverzuimcijfers bij verschillende onderdelen van Wageningen UR lopen ver uiteen. Een onderzoeker van het IMAG zit bijvoorbeeld zo'n zeven dagen per jaar ziek thuis, terwijl een medewerker van het bestuurscentrum of facilitair bedrijf jaarlijks maar liefst 22 dagen in de lappenmand zit. Dat blijkt uit cijfers van de afdeling HRM.

Een onderzoek naar het ziekteverzuim moet dit najaar in kaart brengen waarom het ziekteverzuim zover uiteen loopt. Het verzuim is bij DLO-instituten gemiddeld 6,3 procent, bij de universiteit 5,9. Het ligt daarmee zo'n twee procent boven het gemiddelde van vergelijkbare organisaties.

Een belangrijke oorzaak ligt volgens Rinus Tazelaar van de afdeling HRM voor de hand. De reorganisaties hebben hun tol ge?ist bij verschillende onderdelen van Wageningen UR. "We hebben een periode achter de rug met heel veel turbulentie en onzekerheid. En laten we eerlijk zijn, de communicatie over de reorganisatie was vaak slecht. Plannen werden van boven gedicteerd en neergeknald in de organisatie." Tazelaar heeft van de raad van bestuur de opdracht gekregen om in kaart te brengen welke factoren de grote verschillen in het ziekteverzuim kunnen verklaren.

Het gestegen verzuim zorgt voor een fikse kostenpost voor Wageningen UR. Niet alleen doordat werk blijft liggen, maar ook direct doordat de bedrijfsarts een hoger tarief in rekening brengt. In plaats van 50 euro per medewerker per jaar betaalt Wageningen UR nu het dubbele, 100 euro per medewerker jaar.

Tazelaar voorziet dat de raad van bestuur in de toekomst instituten financieel gaat straffen en belonen voor een goed personeelsbeleid. "We hebben dat nu nog niet gedaan om de directies de kans te geven zich te bewijzen. Je kunt directieraden die net zijn aangetreden niet belasten met het verleden. Maar het is zeer waarschijnlijk dat we in de toekomst wel zullen komen met een systeem van straffen en belonen. Een mogelijkheid daarvoor zou kunnen zijn dat de gestegen kosten voor de bedrijfsarts worden doorberekend aan kenniseenheden met een hoog ziekteverzuim."

Op dit moment werken de DLO-instituten aan plannen om het ziekteverzuim tegen te gaan. Die plannen zijn gebaseerd op een uitgebreid werkdrukonderzoek bij DLO. De conclusies van dat onderzoek waren dat de betrokkenheid van veel medewerkers bij de organisatie laag is en de werkdruk hoog. Bij de universiteit wordt deze zomer een vergelijkbaar onderzoek afgerond.

Koploper ziekteverzuim is het IAC, daar bedroeg het verzuim vorig jaar bijna tien procent, maar volgens interim-directrice Tina van den Briel is dat cijfer vertekend. Het IAC is een relatief kleine organisatie, daardoor weegt elke ziekmelding zwaar mee bij het bepalen van het percentage. Bij verreweg de meeste zieke IAC-ers is de ziekte niet gerelateerd aan het werk. Ook het verzuim bij het bestuurscentrum en het facilitair bedrijf is erg hoog. Met name het facilitair bedrijf heeft het afgelopen jaar een ingrijpende reorganisatie doorgemaakt. | K.V.

Ziekteverzuim per onderdeel van Wageningen UR (in procent)

IMAG 3,1

Omgeving 3,6

PV 3,7

Plant 3,8

LEI 4,5

ATO 4,9

Maatsch. 5,3

ATV 5,5

RIKILT 5,9

PRI 6,3

RIVO 6,6

Dier 6,6

Alterra 7,1

PPO 7,2

BC/FB DLO 7,3

ID 7,4

BC/FB WU 9,6

IAC 9,7

Re:ageer