Wetenschap - 1 januari 1970

Wilde zwijnen

Wilde zwijnen


Het krioelt van de wilde zwijnen op de Veluwe. Het aantal groeit naar de
zesduizend, en dat is drie keer zoveel als de Veluwe van nature aankan. Er
gebeuren dan ook steeds meer verkeersongelukken. Een aanrijding met een
scooter is voor het wild zwijn meestal dodelijk, maar ook de scooter is
doorgaans total loss. Zijn er te veel wilde zwijnen?

Dr Geert Groot Bruinderink, grofwildecoloog bij Alterra:

,,Er gebeuren rare dingen op de Veluwe. De grote aantallen zijn een
rechtstreeks gevolg van het beheer door de jagers. De groei van de
populatie wilde zwijnen is afhankelijk van het voedselaanbod in de herfst,
en er is een aantal goede jaren geweest, met veel beukennootjes en eikels.
De jagers hebben niet aan de plicht voldaan het aantal wilde zwijnen op
peil te houden. Wat de jagers doen is profiteren van de goede jaren, en de
stand laten oplopen om zoveel mogelijk wilde zwijnen te kunnen afschieten.
Maar er speelt meer mee: als je wilde zwijnen op een natuurlijke manier
beheert, met een gewoon voedselaanbod, is op de Veluwe plaats voor zo'n
vijftienhonderd wilde zwijnen. Alles wat daarbij komt, komt door bijvoeren.
Dat mag niet meer, maar ik vermoed dat er illegaal wordt bijgevoerd.
In de jaren zeventig is afgesproken dat een voorjaarstand - dat is voordat
er jongen geboren worden - van zevenhonderdvijftig wilde zwijnen acceptabel
is, zowel wat betreft de schade aan het bos en de landbouw als bijvoorbeeld
de verkeersveiligheid. Dat betekent dat er ‘s zomers vijftienhonderd wilde
zwijnen zijn. Dat is een aantal jaren redelijk goed gegaan, maar in de
jaren negentig groeide de stand naar drieduizend en in de eerste jaren van
tweeduizend naar vijf- tot zesduizend. Dat is bijna een verdriedubbeling.
Wilde zwijnen leveren door hun wroetgedrag een bijdrage aan de
biodiversiteit in het bos. Maar als ze dat te frequent doen begint het meer
te lijken op het vernielen van de biotoop. Alle dierlijke organismen en de
wortels en knollen die ze zoeken verdwijnen daardoor. Als de mensen
doorgaan met bijvoeren krijg je dus minder variatie in het bos. Mijn advies
aan de jagers is dan ook om te zorgen voor een goede, lage voorjaarsstand.
De hoge stand nu is niet alleen een gevaar voor de biodiversiteit en de
verkeersveiligheid, maar ook voor de verspreiding van dierziektes als mond-
en klauwzeer en vogelpest.
Je kunt je ook afvragen of de jacht wel nodig is, of natuurlijk beheer niet
beter is. Wat ik zou willen voorstellen is om in een substantieel deel van
de Veluwe - een gebied van tien- tot twintigduizend hectare - een
experiment te starten, waarbij je stopt met jagen. Als je dan de
ontwikkeling heel nauwkeurig volgt, met de juiste parameters, en je houdt
dat zo'n tien jaar vol, dan kun je op een bepaald moment - zeg in 2015 - de
discussie aan over hoe je de wilde zwijnen op de Veluwe moet beheren. De
jagers zullen hier niet zo snel aan willen. Zo'n plan zal moeten komen van
het rijk of de provincie.'' | M.W.

Re:ageer