Wetenschap - 2 oktober 2012

Wie beoordeelt het topsectoronderzoek?

Gisteren was de deadline voor bedrijven en onderzoekers om onderzoeksvoorstellen in te dienen bij de topsectoren Agri&Food en Tuinbouw. Nu kan het keuzeproces beginnen, want er zijn veel meer plannen dan geld. Hoe gaat dat precies?

topsectoren.jpg
Verschillende DLO-onderzoekers hebben vorige week de laatste hand gelegd aan hun onderzoeksvoorstel voor de topsectoren Agri&Food en Tuinbouw. Die moesten uiterlijk op 1 oktober binnen zijn bij het Topconsortium voor Kennis en Innovatie (TKI), de club waar bedrijven en onderzoekers samenwerken in de topsectoren. Kees de Gooijer is interim-directeur van het TKI-bureau Agri&Food. Hij legt de voorstellen voor aan commissies van deskundigen. Die maken een ranking welke voorstellen straks geld krijgen.
Wat zijn de criteria?
‘De topsector zet in op 3 thema's: meer met minder, hogere toegevoegde waarde en internationaal leiderschap. Elk thema heeft een beoordelingscommissie. Daarin zitten mensen met verstand van zaken.'
Maar hoe beoordelen die mensen?
‘Ten eerste moet het voorstel vernieuwend zijn. Ten tweede moet het bijdragen aan de Nederlandse concurrentiepositie. Ten derde moet het maatschappelijk relevant zijn - denk aan meer gezondheid, duurzaamheid, voedselzekerheid of veiligheid. Ten vierde moet het wetenschappelijk excellent zijn en tot slot wordt de kwaliteit van het voorstel en het consortium beoordeeld. Alle vijf criteria tellen voor 20 procent mee.'
Er was toch al een selectieronde eind juli?
‘Eind juli heeft het TKI-bureau een eerste toetsing gedaan van de voorstellen. Toen zijn 220 voorstellen getoetst, of er bijvoorbeeld voldoende financiële bijdrage van het bedrijfsleven was en of ze innovatief waren. Van 87 voorstellen hebben we toen gezegd: die kunnen verder worden uitgewerkt. De toetsing was vooral een service aan de indieners. Er zijn veel meer plannen dan er geld is, het budget werd negen keer overvraagd, dus ons advies aan de ‘afvallers' was: werk het voorstel niet verder uit, de kans dat je geld krijgt is zeer klein. Maar het stond ze vrij het voorstel aan te passen en opnieuw in te dienen. Nu gaan we echt kiezen.'
Bedrijven nemen het voortouw en worden gekoppeld aan DLO en TNO. Daarmee ligt de inbreng van die onderzoeksinstituten vast?
‘De capaciteitsinzet van DLO en TNO ligt vast. Zo draagt DLO 37 miljoen bij aan de topsector Agri&Food en 14 miljoen aan de topsector Tuinbouw. Doel van de topsectoren is dat de agrifoodsector de inhoud van het onderzoek aangeeft. Dat kan in theorie leiden tot een zware verschuiving aan onderzoeksopdrachten bij DLO. Daarmee kun je DLO in problemen brengen en dat willen we niet. Daarom hebben we als TKI Agri&Food gezegd: we selecteren voor 2013 10 miljoen aan nieuwe projecten, de overige 27 miljoen vullen we de komende jaren in. Zodat er elk jaar zo'n tien miljoen euro vrijvalt voor nieuw onderzoek.'
Bedrijven hebben plannen ter waarde van zo'n 100 miljoen euro ingediend - daar wordt maar 10 miljoen van gehonoreerd?
‘Dat klopt. De oorspronkelijke 220 voorstellen voor de topsector zouden zo'n 100 miljoen hebben gekost. Na de toetsing in juli was nog grofweg een derde deel van de voorstellen over. Die zijn nu verder uitgewerkt en daar wordt een keuze uit gemaakt.'
Wanneer weten de onderzoekers welke projecten worden goedgekeurd?
‘Ik stuur de voorstellen komende week door naar de beoordelingscommissies. Ik denk dat de topsectoren uiterlijk in november het ministerie zal adviseren welk onderzoek komend jaar wordt gefinancierd.'

Re:ageer