Wetenschap - 7 februari 2002

Werkplek: Tomatenkas De Dreijen

Werkplek: Tomatenkas De Dreijen

Aan de weg tussen de Arboretumlaan en De Dreijen in Wageningen staat een rij kassen. In kas G is Jan Laurens aan het werk. Hij zorgt ervoor dat het gewas er mooi bij staat. "Dit was een tropische kas, maar hij is verbouwd", vertelt Laurens. "Er zijn tomaten in gekomen."

Het is een lange weg van tomatenzaadje naar vruchtdragende plant. Er komen heel wat werkzaamheden bij kijken voor Laurens. Hij kweekt eerst de plantjes op. Als ze groot genoeg zijn, leidt hij de stengels omhoog langs draden. Indraaien heet dat in tuindersjargon. In deze kas komen de planten niet hoger dan de reikhoogte van Jan Laurens. Daar heeft hij zelf voor gezorgd. Hoger is voor de plantenfysiologische proeven niet nodig en het werkt wel zo makkelijk. Dieven doet Laurens ook: uitlopers met de hand verwijderen. Als de planten bloeien, gaat hij trillen. Met een apparaat zorgt hij voor bestuiving door het stuifmeel los te trillen. Daarna gaan de vruchten groeien. Uit de volgroeide vrucht haalt hij het zaad, maakt het schoon met zoutzuur en bewaart het.

Bijtende stoffen als salpeterzuur, zwavelzuur en kaliloog gebruikt Laurens ook bij het klaarmaken van de voedingsoplossing voor de planten. Geen wonder dat hij dan een pak aandoet en een bril op heeft.

In de kas hangen zwavelpotten tegen de schimmelziekte meeldauw. Er hangen ook kaartjes met sluipwespen tegen wittevlieg, een plaag in kassen. "Ik hoef zowat nooit meer te spuiten", zegt Laurens enthousiast. "Vroeger moest dat iedere week." Hij is trots op het resultaat. "Dezelfde tomatenplanten staan in kassen in Napels, maar daar barst het van de wittevlieg en de meeldauw." | M.Hg, foto G.A.

Re:ageer