Wetenschap - 31 januari 2002

Werkplek: Spoelkeuken Transitorium

Werkplek: Spoelkeuken Transitorium

Gerrit Nellestijn ruimt de afwasmachine uit. Elke dag haalt hij een paar bakken glaswerk op bij Moleculaire Biologie en een aantal andere leerstoelgroepen die in het Transitorium zitten. Erlenmeyers, bekerglazen, maatcilinders, weckflessen, potjes, zelfs plastic kokers die over gekweekte planten gezet worden. Het is geen gewone afwasmachine waar hij mee werkt. Ze desinfecteert ook en spoelt na met demi-water. "Als het hierin niet schoon te krijgen is, vergeet het dan maar, dan voer ik het af", zegt Nellestijn.

Een collega komt binnen met een reactorvat dat hij voor zijn proef heeft gebruikt. "Deze fermentor ga ik autoclaveren", legt Nellestijn uit. Dat doet hij voor alle leerstoelgroepen van het Transitorium. Van alles gaat in de autoclaaf, van kleine pipetjes tot een grote fermentor. In de autoclaaf verhit Nellestijn de spullen twintig minuten lang bij 120 graden Celsius. "Dan hoort alles dood te zijn." Dat geldt ook voor recombinanten uit het VMT-lab, het laboratorium voor veilige microbiologische technieken. Genetisch gemodificeerde organismen worden geautoclaveerd, afgevoerd en vernietigd.

Gerrit Nellestijn heeft al een lange staat van dienst in Wageningen. "Eerst heb ik zeventien jaar op de Binnenhaven gewerkt bij Fytopathologie. Ik ben daar begonnen als jongste bediende toen ik een jaar of zestien was. Nu werk ik zeker alweer twaalf jaar hier. Ik ga vaak met plezier naar mijn werk. Ik heb veel contact met studenten en onderzoekers en er is altijd wel tijd voor een praatje. Dat houdt de moed erin. Met de reorganisatie zijn dingen gebeurd die minder leuk waren. Collega's die ik gekend heb, moesten weg. Dat grijpt je wel een beetje aan." | M.Hg, foto G.A.

Re:ageer