Wetenschap - 11 april 2002

Werkplek: Botanische tuin De Dreijen

Werkplek: Botanische tuin De Dreijen

Op een mooie voorjaarsdag is er haast geen mooiere werkplek denkbaar dan een tuin. Marinus van den Berg en Marius van de Weerd zijn bezig het kruidengedeelte van botanische tuin De Dreijen te spitten en vrij van onkruid te maken. E?n onkruid mag blijven staan: de brandnetel. Er staat een bordje bij met zijn offici?le Latijnse naam. Hij heeft een plaatsje gekregen in het vak met planten die een gunstige werking hebben op nieren, blaas en urinewegen. Er staan ook kruiden om wonden mee te genezen, tegen darmklachten, tegen hoofdpijn; tegen bijna alle klachten is wel een kruid gewassen.

Vanaf half maart zijn de hoveniers in de tuin bezig. Tot eind april, begin mei verzorgen ze de overblijvende planten. Daarna gaan de eenjarigen en de nieuwe vaste planten de grond in. Dan volgt een periode met veel onkruidbestrijding, meest door wieden en schoffelen, soms met de spuit.

De kruidentuin is maar een klein deel van botanische tuin De Dreijen. Met vier man houden ze de totale tuin bij. Straks met drie, als een van de collega's met pensioen gaat. "Alles netjes doen kan niet", zegt Marinus. "Je moet keuzes maken. Het wetenschappelijke deel is het belangrijkste, vooral de rozencollectie. Het andere schiet er wel eens bij in."

De rozentuin is niet de mooiste die je je kunt voorstellen, maar wetenschappelijk wel een van de belangrijkste. Kwekers en onderzoekers kunnen hier erfelijk materiaal van gebruiken voor verdere ontwikkeling van de roos. De tuin is onderdeel van de nationale plantencollectie, een combinatie van alle universiteitstuinen. "Ja," zegt Marinus, "het is hier officieel een museum." | M.Hg, foto G.A.

Re:ageer