Wetenschap - 1 januari 1970

Wélke Nederlander krijgt natte voeten?

De Wageningse promovendus ir. Marc Metzger ontwierp een computerprogramma waarmee de effecten van klimaatverandering op de regio’s in Europa gedetailleerd te bepalen zijn. Daarmee is bijvoorbeeld te zien dat de strandtenthouder in Noordwijk wel eens zou kunnen profiteren van de hitte en droogte langs de Middellandse Zeekust. Zijn programma leverde een artikel in Science op met verregaande conclusies. Maar ook grote belangstelling van vele wetenschappers.

Tot voor kort werd over klimaatverandering meestal gepraat in algemeenheden. De zeespiegel stijgt, de temperatuur ook, de natuur zal veranderen, het weer zal extremer worden, de landbouw zal te lijden hebben, enzovoorts. De berichtgeving rond het klimaatrapport van het Milieu- en Natuurplanbureau dat deze week werd aangeboden aan staatssecretaris Pieter van Geel van milieu, was niet veel anders. Nederland krijgt natte voeten, was de overheersende teneur.
Een nieuw geluid is dat de Nederlandse landbouw en het toerisme wel eens zouden kunnen profiteren van de klimaatverandering. Want klimaatveranderingen hebben niet overal in Europa dezelfde gevolgen. De zomer van 2003 illustreert dit goed: de Nederlandse landbouw had veel te lijden van de droogte en hitte, maar de boeren sprongen er financieel goed uit, omdat de graanoogsten in het nog veel drogere en hetere Frankrijk mislukten.

Eurostat
De nieuwe geluiden komen voort uit de ontwikkeling dat wetenschappers de regionale verschillen steeds gedetailleerder in kaart kunnen brengen. Klimaatwetenschappers werkten tot voor kort met veel verschillende klimaatscenario’s en modellen, allemaal met andere parameters en allemaal met andere input. De resultaten van die berekeningen verschilden nogal; bovendien was er geen overeenstemming over in welke regio welke effecten verwacht kunnen worden. Dankzij een nieuwe systeem van ir. Marc Metzger van de leerstoelgroep Plantaardige productiesystemen gaat dat veranderen. De promovendus heeft de afgelopen vijf jaar in het Ateam-project, met een aantal andere Wageningse en buitenlandse wetenschappers, bestaande klimaatscenario’s en klimaatmodellen omgewerkt om te bepalen hoe kwetsbaar de verschillende Europese regio’s en sectoren zijn.
Hij maakte samen met zijn collega's een computerprogramma met zogenaamde kwetsbaarheidskaarten, waarmee iedereen de gevoeligheid voor klimaatverandering van regio's kan inschatten. Metzger hoopt op 15 november te promoveren op de kwetsbaarheid van Europa als gevolg van de klimaatverandering, maar nu al krijgt hij dagelijks twee à drie verzoeken van wetenschappers om zijn datasets te mogen gebruiken. Ook Eurostat, het Europese bureau voor de statistiek, heeft zich gemeld, vertelt hij.

Sneeuwgrens
Voor het programma ontwikkelde Metzer een indeling van Europa in homogene klimaatzones. Nederland valt bijvoorbeeld in een zone met Zuid-Engeland, Ierland, Noord-Frankrijk en Zuid-Duitsland, en in de strook van Noord-Italië tot Noord-Spanje zijn vooral de bergen bepalend voor het klimaat. Uiteindelijk onderscheidt Metzger in Europa 84 klimaatklassen die zijn onderverdeeld in 13 klimaatzones. Voor die zones is door te rekenen wat de effecten van klimaatverandering zijn tot het jaar 2020, 2050 of 2080. In totaal zijn er 3200 kaarten die laten zien wat er gebeurt bij de diverse opties. Gebruikers kunnen inzoomen op gebieden van 16 bij 16 kilometer en zien aan kleurverschillen wat er gebeurt met het landgebruik, de droogte, de rivierwaterafvoer, enzovoorts.
Met die kennis zijn de gevolgen van klimaatverandering regionaal in Europa gedetailleerd in kaart te brengen. Wélke Nederlanders krijgen natte voeten, wélke Spanjaarden krijgen last van droogte, en wélke Oostenrijkse ski-resorts krijgen het moeilijk door de naar boven schuivende sneeuwgrens? Dat zijn vragen die met de nieuwe kennis steeds beter te beantwoorden zijn. Ook kunnen wetenschappers steeds beter inschatten wat de klimatologische, hydrologische en ecologische randvoorwaarden zijn waarbinnen de landbouw en de recreatie economisch zullen moeten zien te functioneren.

Science
Dat gebeurt bijvoorbeeld in het artikel dat vorige week in Science werd gepubliceerd door de internationale wetenschappers van het Ateam-project. De belangrijkste conclusies uit de publicatie in Science zijn dat vooral de mediterrane gebieden en de alpen veel te lijden krijgen. Langs de Middellandse Zee zal vooral in de bergachtige gebieden de kans op extreme droogte en bosbranden toenemen. In de alpen zullen de ski-resorts te maken krijgen met een omhoog kruipende sneeuwgrens. Elke graad temperatuurverhoging leidt tot honderdvijftig meter verschuiving. De skigebieden zullen dus krimpen.
Metzger's promotor prof. Rik Leemans van de leerstoelgroep Milieusysteemanalyse - net als Metzger medeauteur van het Science-artikel en Wageningse penvoerder van het Nederlandse rapport - is enthousiast. 'Het is de eerste Europese stratificatie van het klimaat die als objectief kan worden gezien. Het zou me niet verbazen als het in de komende vijf jaar de standaard wordt. Je kunt hiermee heel snel een assessment doen van een verandering, en je kunt veranderingen monitoren.'
In het Ateam-project is nadrukkelijk de samenwerking gezocht met vertegenwoordigers uit economische sectoren als de landbouw, de recreatie en het waterbeheer. Dat wil niet zeggen dat het computerprogramma economische voorspellingen kan doen, maar mensen kunnen met het programma wel onderzoeken welke klimatologische randvoorwaarden in de toekomst bepalend zijn. 'Een strandtenthouder in Noordwijk kan zich afvragen of de mensen in de toekomst nog wel naar de Middellandse Zee gaan, als het daar tussen de 35 en 40 graden is en er regelmatig bosbranden uitbreken', aldus Leemans. / MW

Op de website van het Ateam is het programma te downloaden: http://www.pik-potsdam.de/ateam/

Re:ageer