Wetenschap
Natuur & milieu

Welk PET-flessenonderzoek is pet?

Mede door Wagenings onderzoek besloot de Tweede Kamer in 2012 om het statiegeld op PET-flessen af te schaffen. Een Delfts onderzoek stelt nu dat de Wageningers de kosten van het statiegeldsysteem te hoog hebben ingeschat. Die kritiek was er in 2012 ook al – hij staat nota bene in het bewuste Wageningse rapport.
Albert Sikkema

Vorige week ontstond consternatie in de media over het Wageningse onderzoek over statiegeld op PET-flessen uit 2012. Aanleiding was een ‘review’ van het Delftse instituut CE-Delft, waarin het statiegeldsysteem minder kost. Wageningen UR op haar beurt reageerde ontstemd op dit onderzoek en de sociale media maakten er een ‘rapportenoorlog’ van.

In 2012 sloot de levensmiddelenindustrie een overeenkomst met de overheid om het statiegeldsysteem voor PET-flessen in 2015 af te schaffen. Voorwaarde was wel dat de bedrijven aan duurzaamheidsafspraken moesten voldoen bij het inzamelen en recyclen van de plastic flessen. Binnenkort beoordeelt de Tweede Kamer hoe het met de uitvoering van die afspraken staat en of het statiegeld per 2015 van de PET-flessen mag.

Een mooi moment om de politici op andere gedachten te brengen, moet het bedrijf Tomra Systems hebben gedacht. Tomra is de belangrijkste fabrikant van inzamelsystemen van PET-flessen. Het einde van het statiegeld zou het inzamelsysteem van het bedrijf overbodig maken en veel werkgelegenheid kosten. Ze vroeg onderzoeksbureau CE-Delft om nog eens uit te rekenen hoe duur het statiegeldsysteem is. Dat was eerder uitgerekend door Food and Biobased Research van Wageningen UR in 2012. CE-Delft komt nu tot de conclusie dat ‘de kosten van het statiegeldsysteem ongeveer 50 procent lager zijn ten opzichte van voorgaande kostenramingen’ van Wageningen UR.

CE-Delft maakt gebruik van het rekenmodel dat Wageningen UR in 2012 ontwikkelde. Ze stopt alleen andere getallen in het model, zodat de kosten van de recycling veel lager uitvallen. Nieuw is dat niet. In 2012 was er ook veel kritiek op het Wageningse onderzoek en schreef het bureau B&G een kritische reactie, waarin ze aangeeft dat de aparte PET-recycling geen 40 miljoen maar 18 miljoen euro kost. Dit staat in een bijlage van het Wageningse rapport, dat de kritiek beoordeelt en de kosten tussen de 25 en 45 miljoen schat.

Dat rapport schreven de onderzoekers van Food and Biobased Research in opdracht van het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL), de branchevereniging van de supermarkten, en de FNLI, de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie. De leden van die organisaties waren overwegend tegenstander van het statiegeldsysteem, maar niet allemaal. Zo hebben de Aldi en Lidl een winstgevend recyclingsysteem voor alleen eigen PET-flessen en zijn zij voorstanders van het statiegeldsysteem. Deze supermarkten leverden echter geen gegevens aan bij de Wageningse onderzoekers.

Aanvankelijk maakten die onderzoekers een reeks vertrouwelijke conceptrapporten voor CLB en FNLI op basis van gegevens die de supermarkten zelf aanleverden. Een van de opdrachtgevers stuurde het rapport echter naar de Tweede Kamer toen die het statiegeldsysteem besprak. Die wilde blijkbaar de politiek beinvloeden met het Wagenings onderzoek.

Door deze gang van zaken wordt het Wageningse onderzoek door de critici bestempeld als pro-supermarkt en anti-statiegeld, maar dat ligt genuanceerder. De onderzoekers komen tot een ‘bedrijfsmatige’ kostenraming van 45 miljoen, uitgaande van kosten die de supermarkten aangeven. Daarbij zitten bijvoorbeeld schattingen hoeveel ruimte de recycling kost en hoe duur het personeel van de supermarkten is dat het statiegeldsysteem beheert. Een alternatieve ‘maatschappelijke’ raming, met andere keuzes en aannames, komt uit op 25 miljoen. De Wageningers doen geen uitspraken welke van de twee klopt.

Door de grote verschillen in modeluitkomsten ga je je wel afvragen hoe betrouwbaar het onderzoek is. En ook daar zijn de Wageningse onderzoekers heel helder over in hun rapport in 2012. De Wageningse studie was geen wetenschappelijke publicatie, compleet met een extern peer review. ‘Gelet op de beperkingen van de oorspronkelijke opdracht in tijd en budget behoorde een gedetailleerde levenscyclusanalyse (….) niet tot de mogelijkheden’, schrijven ze. Zo ontstond een model met aannames en grove schattingen.

Leave a Reply


Je moet inloggen om een comment te plaatsen.