Wetenschap - 1 januari 1970

Weinigen begrijpen de eigenzinnige koers van Van Bruchem

2

Weinigen begrijpen de eigenzinnige koers van Van Bruchem

Weinigen begrijpen de eigenzinnige koers van Van Bruchem


Hij ziet zichzelf niet als een Don Quichotte, maar een buitenbeentje is
dierwetenschapper dr Jaap van Bruchem zeker. De eigenzinnige veehouders die
hij om zich heen heeft verzameld bereiken met het volgen van zijn
afwijkende adviezen goede resultaten, maar ‘soms moet hij zijn verhaal wel
drie keer vertellen en dan snapt de helft het nog niet’. In Wageningen
vindt menigeen hem ‘knotsgek’. Anderen koesteren zijn ‘waardevolle kern’.
,,Ik word een beetje moe van het verwijt te ver voor het peloton uit te
lopen. Toch heb ik het gevoel dat er een beetje muziek begint te komen. Ik
voel me geen roepende in de woestijn.’’

Op de eerste lentedag zit Van Bruchem in Utrecht in de wachtruimte van de
economische politierechter. Voor de rechter staat melkveehouder Theo Spruit
uit Zegveld. Spruit boert met zo’n zeventig melkkoeien op 34 hectare
veenweide. Hij is een boer die ‘luistert naar de natuur’. Sinds vorig jaar
gebruikt hij geen kunstmest meer, hij maakt liever gebruik van ruige,
verteerde stromest. Drijfmest wordt pas uitgereden als het is vermengd met
stromest, regenwater en koolstof. Hij rijdt het breedwerpig uit, om direct
hierna met slootwater na te sproeien. Daar wringt de schoen. In Nederland
is een veehouder verplicht de mest emissiearm aan te brengen met een
mestinjecteur. Maar Spruit wil de regenwormen voor zich laten werken en
mestinjectie trekt een te zware wissel op de vitaliteit van de bodem.
Volgens Van Bruchem verdient Spruit ‘een plaats op de hoogste trede van het
erepodium, in plaats van op het schavot’. ,,Hij ziet kans de natuurlijke
complexiteit van zijn bedrijf op z’n gevoel te bespelen, op een manier die
door de wetenschap maar nauwelijks wordt doorgrond.’’ Spruit dreigt
slachtoffer te worden van wetgeving die mede is ingegeven door het in
Wageningen geïnitieerde ‘rationele sturen op hoofdeffecten’, dat ten koste
gaat van de ‘hogere-orde interacties’’ en de ‘coherentie van de systemen’,
aldus Van Bruchem.
Van Bruchem kent de familie Spruit sinds 1997, toen hij op verzoek van de
rechter-commissaris een analyse van het bedrijf maakte. Spruit is een van
pioniers van PMOV, een platform van zo’n 250 boeren en burgers dat ijvert
voor een nieuwe vorm van landbouw: ‘hoogproductief, diervriendelijk,
milieusparend, economisch gezond en sociaal aanvaardbaar’. Het platform is
ontstaan als vervolg op de experimenten op de Minderhoudhoeve, de
Ossekampen en de Friese milieucoöperatie Vel/Vanla. De PMOV-boeren zien de
bodem als de natuurlijke basis van hun bedrijf. Op eigen inzicht, ervaring
en intuïtie schroeven zij het gebruik van kunstmest en krachtvoer
aanzienlijk terug of zetten die zelfs stop. Zij worden hierin gesteund door
Van Bruchem die regelmatig lezingen voor de boeren verzorgt, of de
bedrijven bezoekt om eens te kijken naar de graszode en te ruiken in de
stallen. ,,Of het gras er goed bijstaat kun je eigenlijk al van een afstand
zien en goede mest stinkt niet’’, aldus Van Bruchem. Dat is de taal die de
veehouders begrijpen, maar zijn theoretische onderbouwing gaat de meesten
boven de pet.
Het ‘multidimensionale gedachtegoed’ van Van Bruchem wordt maar door
weinigen begrepen en in wetenschappelijke kring wordt zijn omarming van
controversiële additieven als kleimineralen, nuttige micro-organismen en
‘informatiedragers’ hem lang niet altijd in dank afgenomen. Van Bruchem:
,,We worstelen in Wageningen met de vraag hoe je complexiteit kunt managen.
Het allerkleinste bekende deeltje weegt 10-51 kilogram en het hele
universum 1055 kilogram. De realiteit is logaritmisch en niet één- of
driedimensionaal, maar oneindig-dimensionaal. Als je systemen op een
McDonalds-achtige manier gaat managen, dan ga je plat en implodeert de
zaak.’’ Van Bruchems toelichtingen doen je soms tollen op je benen. Dr Dick
van Zaane, beleidsadviseur van de raad van bestuur, heeft zelfs een term
bedacht voor zijn onnavolgbare redeneertrend: ‘de schil van Jaap’. ,,De
wollige schil die Jaap om zich heen heeft, is zijn grootste vijand. Ik zeg
daarom altijd tegen hem: ‘praat over je kern!’ Want de kern van Jaap – zijn
systeembenadering, de manier waarop hij boeren weet te betrekken bij
onderzoek en netwerken weet te creëren – vind ik zeer waardevol. Voor onze
organisatie is het een uitdaging wetenschappelijk te begrijpen hoe
voorloperboeren boeren.

Re:acties 2

  • Wytze Nauta

    Jaap van Bruchem had het al bij het rechte eind. Niemand in de politiek deed er wat mee. Waarom niet? Nu zitten we met de gebakken peren.

    Reageer
  • Vincent van Bruchem

    Als Van Bruchem junior vind ik het moeilijk te zien hoe oud Van Bruchem senior inmiddels is!
    Ik hoop van ganser harte dat hij nog lang mee gaat.

    Vr. Groet,
    Vincent

    Reageer

Re:ageer