Wetenschap - 1 januari 1970

We leven in het toetjes-tijdperk

We leven in het toetjes-tijdperk

We leven in het toetjes-tijdperk

BOEK Een Nederlander verdient gemiddeld zo'n vierhonderd maal zoveel als een Mozambikaan. Maar bij de vraag waarom raak je al snel verstrikt in allerlei historische processen, die vaak ook nog omstreden zijn. Bovendien is het de vraag of de Nederlander met al zijn rijkdom ook gelukkiger is. Voor David Landes, hoogleraar geschiedenis en economie aan Harvard University, gaan geluk en rijkdom niet samen, zo blijkt uit zijn boek Arm en rijk. We leven in het toetjes-tijdperk. We vinden dat alles zoet moet zijn; te veel mensen werken om te leven en leven om gelukkig te zijn. Daar is niets mis mee; het leidt alleen niet tot grote productiviteit. Wil je hoge productiviteit? Dan moet je leven om te werken en geluk als bijproduct zien te krijgen.

In grove streken schetst Landes in Arm en rijk de teloorgang van economieën in China en het Midden-Oosten, de opkomst van de moderne seculiere wetenschap, het begin van de industriële economie in Groot-Brittannië en de internationalisering van de economie aan het einde van de twintigste eeuw. Die grote lijn verlevendigt hij met vele praktische en anekdotische excursies. Zoals het interview met een Bengaalse diplomaat: In landen als India, Pakistan, Indonesië, Nigeria en Ghana heb ik me altijd bij de minste fysieke of mentale inspanning al slap gevoeld, terwijl ik me in Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland en de Verenigde Staten altijd gesterkt en gestimuleerd heb gevoeld door het gematigde klimaat.

We zouden als Nederlanders dus gelukkig moeten zijn met ons klimaat, want mede daaraan hebben we onze welvaart te danken. Diezelfde welvaart die het mogelijk maakt dat tropische landen zo geliefd zijn als vakantiebestemming. Daar kan Arm en rijk uitstekend dienen als lekker lezend en toch diepgravend vakantieboek. Werken onder tropische temperaturen gaat niet, maar zo heb je toch het gevoel iets nuttigs te doen

David A. Landes, Arm en rijk - Waarom sommige landen erg rijk zijn en sommige erg arm. Spectrum, 75 gulden, ISBN 9027491062

INTERNET Rijkdom komt met overdaad en dat is op Internet te merken aan de vloed van advertenties die meer en meer bandwidth opeisen. Op de voorpagina van de digitale Telegraaf (www.telegraaf.nl) staan bijvoorbeeld achttien banners, waarvan twee met bewegend beeld. Al die onzin, waar de argeloze surfer niet om vraagt en die niets bijdraagt aan de functionaliteit van een site, maakt dat de pagina zelfs via een snelle verbinding langzaam laadt. Internet zou Internet niet zijn als daar geen oplossing voor opdook. Daarom zijn er programmaatjes ontwikkeld die advertenties verbannen van het beeldscherm. Dankzij AtGuard (www.atguard.com), InterMute (www.intermute.com) en WebWasher (www.siemens.de/servers /wwash) en laden pagina's sneller en wordt je niet meer gek van al die aandachtvragende, flikkerende en glimmende plaatjes naast het blokje tekst dat je wilt lezen

Er zijn dreigingen die de individuele blik overstijgen, zoals de aftakeling van het tropisch regenwoud en de opwarming van de aarde. Het World Resources Institute (www.wri.org) poogt op wereldwijd niveau zicht te krijgen op zaken als klimaatveranderingen en de hoeveelheid biologische grondstoffen. Onlangs ontwikkelde het WRI het project Global Forest Watch (www.wri.org/gfw), waarin op grote schaal 's werelds rijkdom aan bossen gemonitord wordt

Niet minder ambitieus maar wel kleiner van schaal is 't Climate Prediction Centre (nic.fb4.noaa.gov/cpc) van de National Oceanic and Atmospheric Administration (www.noaa.gov), waar het klimaat van het Amerikaanse continent wordt gevolgd en voorspellingen worden gedaan voor de toekomst. De site heeft veel achtergrondinformatie, onder andere over El Niño

Over monitoring gesproken - de wereldbevolking in cyberspace is nu 163,25 miljoen mensen groot, van wie 36,1 miljoen Europeaan is, aldus NUA Internet Surveys (www.nua.ie/ surveys/how_many_online). In Nederland schommelde de cyberbevolking volgens de Nationale Internet Monitor (www.nim.nl) eind vorig jaar nog rond de 1,8 miljoen. M.W

Re:ageer