Organisatie - 1 maart 2007

Wat verwacht Wageningen van Balkenende IV?

Het nieuwe kabinet is begonnen met het uitvoeren van het regeerakkoord. Aan groepsgevoel en optimisme ontbreekt het de bewindslieden niet. Maar hoe haalbaar zijn de torenhoge ambities op het gebied van onderwijs en wetenschap? Wat zal er terecht komen van de speerpunten duurzaamheid en innovatie? En blijft die beruchte ‘spruitjeslucht’ nog lang hangen?

111_opinie_0.jpg
Lenny Putman, promovendus bij de leerstoelgroep Milieubeleid
‘Er zijn veel stappen vooruit gezet. Tijdens de verkiezingen kwam het milieu nauwelijks aan de orde, en nu hebben we een minister in plaats van een staatssecretaris, en een regeerakkoord vol mooie woorden. De nieuwe minister Jacqueline Cramer heb ik heel erg hoog zitten. Ik weet dat ze goed in staat is om bedrijven mee te krijgen als het gaat om duurzame ontwikkeling.
Het regeerakkoord zet trouwens wel erg in op innovatie. Dat is op zichzelf goed, maar aandacht voor het bestrijden van slechte praktijken is er niet. Volgens mij moeten er juist ook keiharde ondergrenzen gesteld worden aan de productie. Denk bijvoorbeeld aan de gloeilamp die in Australië in de ban wordt gedaan. Dat zou je met sterk vervuilende auto’s ook kunnen doen.
Op bladzijde acht van het regeerakkoord wordt eerst gezegd dat burgers een belangrijke verantwoordelijkheid dragen voor duurzaam consumeren, en dan pas dat ook het bedrijfsleven een rol speelt. Dan maak je wel een heel grote draai ten opzichte van het voorgaande beleid waarin geen aandacht bestond voor de consument. Ze zouden juist moeten zorgen voor meer samenhang tussen aanbod, informatievoorziening en duurzame consumptie. Laat ze eerst maar eens een keurmerk voor energiezuinige woningen invoeren. Dat Europese beleid had in 2006 al uitgevoerd moeten zijn.’

Prof. Hans Dons, bijzonder hoogleraar Ondernemerschap in de levenswetenschappen[img]
‘Ik ken Ronald Plasterk vrij goed. Hij was nog een tijdje lid van de wetenschappelijke adviesraad van Keygene, het bedrijf waarvoor ik werk. Misschien dat ik hem nog tegenkom wanneer we binnenkort met het Nederlands Instituut voor Biologie meer aandacht probeer te vragen voor het belang van de biologische wetenschappen, via het BioScience Forum. Ik heb er wel vertrouwen in dat hij dat van harte gaat ondersteunen.
De kritiek dat het Innovatieplatform van Balkenende niet verder kwam dan goede voornemens, vind ik onterecht. Er zijn heel concrete doelen bereikt en initiatieven genomen. Zo doet Wageningen UR mee aan het opzetten van een center of entrepreneurship, om daarmee het ondernemerschap in het onderwijs te versterken. Maar dit soort dingen kost tijd. Er moet namelijk een flinke cultuuromslag plaatsvinden binnen de kennisinstellingen.
Het is overigens interessant en vernieuwend dat er twee biologen in de regering zitten. Natuurlijk is dit een christelijk-rood kabinet, dat wellicht terughoudender zal zijn op het gebied van stamcelonderzoek en genetische modificatie. Maar het is ook goed om kritisch te zijn. Als ze maar niet vergeten dat nieuwe technologieën noodzakelijk zijn voor de voortgang van de wetenschap en de kwaliteit van het leven.’

Diederik van der Loo, voorzitter van studentenvakbond WSO[img]
‘Dit wordt echt heel anders dan toen Mark Rutte nog staatssecretaris was. Hij wilde veel te veel dingen doordrukken, zoals de leerrechten. Nu de regering belangengroepen nadrukkelijk uitnodigt om mee te denken, kunnen we flink gaan lobbyen. Het regeerakkoord is ook niet erg concreet, dus dat geeft ons een hoop ruimte.
Het akkoord is wel behoorlijk ambitieus. Ik lees bijvoorbeeld dat ze willen behoren tot de top van het Europese onderzoek. Maar er moet nog veel gebeuren, wil dat lukken. In elk geval gaat er eindelijk eens veel geld speciaal naar het hóger onderwijs. Zo hoeven universiteiten zich niet te profileren als bedrijven, wat ze ook niet zijn.
Natuurlijk hebben we ook kritiek. Dat de top hoger moet en de basis breder legt een grote druk op de kwaliteit van het onderwijs. Het is een mooi plan, maar door te streven naar een grotere participatie dreigt het onderwijs wat te versimpelen. Daarnaast zal er minder toezicht zijn op de kwaliteit, en dat werkt dus niet. Dan is er nog iets. Het is erg jammer dat het leerrechtenplan voorlopig wordt aangehouden. Maar gelukkig heeft Plasterk zich daar in het verleden sterk tegen verzet. Dat is wel een troost.’

Prof. Marcel Wissenburg, bijzonder hoogleraar Humanistische wijsbegeerte[img]
‘Van een aantal dingen word ik eerlijk gezegd niet erg vrolijk. Het is natuurlijk mooi dat duurzaamheid en dierenwelzijn zoveel aandacht krijgen, maar de medische ethiek komt er bijvoorbeeld minder goed van af.
Termen als spruitjeslucht en betutteling zijn helaas moeilijk te vermijden. Er zit nu eenmaal een aantal elementen uit de jaren ’50 en ’60 in het regeerakkoord. Kijk maar naar de manier waarop ze de integratie willen bevorderen. Ze kijken niet verder dan het niveau van de wijk. Daarmee speel je de angst voor de moderne wereld alleen maar in de kaart. Bovendien staat het gezin weer centraal, vooral het traditionele gezin. Wat gaat dit betekenen voor homo’s en voor de emancipatie van vrouwen?
En wat Plasterk betreft, als columnist kon hij nog wel eens scherp uit de hoek komen, maar over een paar maanden is hij volledig afgericht door zijn ambtenaren. Toch vind ik het een verfrissing dat er zoveel wetenschappers in het kabinet zitten. Ik hoop dat er meer aandacht komt voor fundamenteel onderzoek. En dat het marktdenken over het onderwijs voorbij is. Het vorige kabinet werd wat dat betreft wel erg voorspelbaar.’

Dr. Hans Hopster, lector Welzijn van dieren, Van Hall Larenstein[img]
‘Het is uniek dat er in een regeerakkoord zoveel staat over dierenwelzijn. Maar wat er in staat lijkt misschien nieuwer dan het is. De Nota Dierenwelzijn die ze bijvoorbeeld beloven, is in de vorige kabinetsperiode op ambtelijk niveau al voorbereid. Belangrijk is wel, dat deze nu wordt afgerond, beleidsstatus krijgt en wordt uitgevoerd. Door de nota in het regeerakkoord te noemen, krijgt de uitvoering ervan stellig meer gewicht.
Het motto ‘samen leven, samen werken’ komt me erg bekend voor. Wij weten al jaren dat je rond dierenwelzijn alleen iets kunt bereiken als je marktpartijen erbij betrekt en ambities deelt. Verrassend is wel dat ze grote nadruk leggen op het stimuleren van de vraag en aanbod van diervriendelijke producten. Maar ik ben een realist. Hoeveel geld en energie zullen ze er werkelijk in gaan steken? En weet de overheid duidelijk te maken waarom er meer zal moeten worden betaald voor diervriendelijke producten? Dat laatste is voor mij echt een speerpunt.
Over het onderwijs wil ik ook nog wel wat kwijt. De Tweede Kamer heeft vorig jaar een motie aangenomen waarin wordt verzocht het welzijn van dieren een prominentere plaats te geven in het groene onderwijs. Met het lectoraat Welzijn van Dieren ligt hier voor Wageningen UR een prachtkans. Ik heb de minister per brief aangeboden om hierover eens van gedachten te wisselen.’

Re:ageer