Student - 1 februari 2011

Wageningse student bij rellen in Tunesië

Lobke de Pooter is op stage in Tunesië. Afgelopen december braken er rellen uit en werd de president verjaagd. De derdejaars Internationaal land en waterbeheer zat een paar dagen opgesloten in haar eigen huis, en deed mee met een vreedzame demonstratie. Voor Resource blikt ze terug op de afgelopen weken.

DSC01639.JPG
Lobke woont in Borj Cedria, de laatste 'randstad' op 20 km van het centrum van Tunis. Tijdens haar stage test ze water op geschiktheid voor hergebruik in de landbouw, want 'Tunesië is een koploper wat betreft wetgeving en voorzieningen voor waterhergebruik in de landbouw.'
Eind december: uitgebrande trein
'Op kerstavond merkte ik voor het eerst iets van de onrust in het land. Er braken rellen uit nadat Mohamed Bouazizi zichzelf in brand had gestoken. Op weg naar Tozeur, wachtte ik drie uur lang zonder nieuws in een stilstaande trein. Op het andere spoor stond een uitgebrande trein. Die was ons tegemoet gereden vanuit de in opstand gekomen stad. Mensen reageerden verdeeld, sommigen vertelden me uitgebreid over de rellen, anderen wilden er niet over praten of zeiden dat het niets voorstelde. De media zwegen erover. Op de terugweg, werd de bus omgeleid door politieagenten. De stad was omsingeld.'
12 januari: avondklok
'Tot 12 januari was het alleen onrustig in het binnenland. Maar die woensdag waren er rellen in Tunis, en was de situatie te onvoorspelbaar om naar buiten te gaan. We werden halsoverkop het onderzoeksinstituut uitgezet en een avondklok werd ingesteld. Ik heb donderdag extra eten en water gekocht en ben vanaf toen binnen gebleven. Vrijdag, na de vlucht van president Ben Ali, is het echt onveilig geworden in het land, omdat zijn veiligheidstroepen schietend en plunderend door de wijken trokken. In de wijk waar ik woon werden blokkades opgeworpen en mijn buurmannen stonden elke avond, gewapend met metalen staven, voor de deur van het gebouw. Het spannendste moment was toen ik weer brood kon kopen. Heel het stadje liep uit naar de bakker, waar zich lange rijen vormden en soldaten aanwezig waren om alles in goede banen te leiden.'
17 januari: veilig heenkomen
'Maandag pakte ik een rugtas in met kleding voor een paar dagen, toiletspullen en laptop. Mijn stagebegeleider haalde mij op om bij hem te wonen, in een veiligere wijk en dicht bij het vliegveld zodat ik het land gemakkelijk zou kunnen verlaten. Die week veranderden de rellen in demonstraties. Ik was bij een herdenkingsbijeenkomst op de 'Champs Elysees' van Tunis, georganiseerd via facebook en twitter. Een vreedzame, zelfs uitbundig vrolijke en zeer indrukwekkende dag.'
 
24 januari: militair hoofdkwartier
'Zondag ging ik terug naar Borj Cedria en maandag was het onderzoekscentrum ook weerbeperkt, open. De avondklok werd versoepeld en een hotel op tien minuten lopen werd het militaire hoofdkwartier van de streek. Op dinsdag was ik met een vriendin in een ander stadje, daar zagen we een begrafenisstoet voor een martelaar.'
27 januari: nieuw kabinet
'Donderdag leek de situatie op de dagen voor de revolutie: iedereen was gespannen, er waren minder mensen op straat en extra eten werd ingeslagen. Gelukkig trad de tweede interimregering aan. Ik denk dat de mensen, net als ik, nu écht geen reden meer zien om te demonstreren.'
29 januari: schoenen kopen
'Zaterdag ben ik in het centrum van Tunis geweest om schoenen te kopen. Er waren twee bijeenkomsten: een voor de onafhankelijkheid van de vrouw en een tweede om de overwinning op de vorige interimregering te vieren.
'Ik heb me nooit onveilig gevoeld. Het was in mijn omgeving relatief rustig en ik ben nogal Zeeuws nuchter ingesteld. Mijn Tunesische vrienden zijn blij dat 'de maffia', de schoonfamilie van ex-president Ben Ali, weg is, er naar hen geluisterd wordt en het mogelijk is om een hoofddoek naar het werk te dragen. De toekomst kunnen we alleen afwachten, inch 'Allah. '

Re:ageer