Organisatie - 1 januari 1970

Wageningse steun aan rampgebieden

Met interpretatie van satellietbeelden, hulp bij het maken van plannen voor wederopbouw en de al eerder beloofde studiebeurzen wil Wageningen UR bijdragen aan de wederopbouw op langere termijn van door de tsunami getroffen gebieden in Azië.

Wageningen UR investeert ongeveer een half miljoen euro in onderwijs en onderzoek ten bate van het rampgebied. Het leeuwendeel daarvan gaat naar de tien beurzen voor MSc-studenten uit getroffen landen, die al onmiddellijk na de ramp beloofd werden. Nieuw is een pilot project waarin aan de hand van satellietbeelden de schade die de vloedgolf heeft aangericht in kaart wordt gebracht. Wageningen UR kocht gedetailleerde satellietbeelden van een gebied van elf bij elf kilometer in Atjeh. Dr Aart Schrevel van Alterra, en prof. Michael Schaepman van het departement Omgevingswetenschappen zijn momenteel bezig met de interpretatie van die beelden.
Schrevel: ‘De beelden hebben een resolutie van tweeëneenhalf tot zes meter. We analyseren de enorme schade aan infrastructuur maar ook aan het grondgebruik, bijvoorbeeld door sediment of verzouting. Vervolgens geven we aan waar de wederopbouw moet beginnen. Namelijk in gebieden met de minste schade, zodat er het snelst herstel is en de bevolking zo snel mogelijk weer onafhankelijk is van hulp van buiten.’
Die kennis kan bijdragen aan de plannen voor wederopbouw die bijvoorbeeld het Indonesische ministerie voor planning samen met de VN-organisaties FAO en UNEP gaat maken. Schrevel zal binnenkort naar Jakarta afreizen om met deze planners de waarde van de interpretatie van satellietbeelden te bespreken. Hij verwacht dat daarop de pilot een vervolg zal krijgen. Schrevel: ‘De schade is enorm. De wederopbouw gaat nog jaren duren.’
Wageningen UR wil ook in meer algemene zin bijdragen aan de planning van de wederopbouw door een catalogus op te stellen van deskundigen binnen Wageningen UR die kunnen bijdragen met kennis. Dr Bram Huijsman, directeur van het Noord-Zuid centrum en IAC en nu voorzitter van de ‘tsunami taskforce’ van Wageningen UR, geeft aan dat Wageningen UR daarbij nauw wil samenwerken met Nederlandse ambassades terplekke, de wereldvoedselorganisatie FAO en ook met Nederlandse partners uit de watersector. Die zijn verenigd in het Netherlands Water Partnership, waarbinnen ook een ‘tsunami werkgroep’ is opgericht. Wageningen UR is trekker van de samenwerking wat betreft de getroffen landbouwgebieden binnen het Netherlands Water Partnership.
Naast de directe kosten van de studiebeurzen en de aanschaf van satellietbeelden, draagt Wageningen UR vooral bij in mensuren. Zo doen Huijsman, Schrevel en anderen dit werk naast hun eigenlijke werk erbij. Andere kant van het verhaal is dat op de langere termijn onderzoeksfondsen meer geld voor bijvoorbeeld kustbeheer zullen gaan uittrekken, omdat de tsunami heeft laten zien hoe belangrijk dat kan zijn. Door nu te investeren in aansluiting op die ontwikkeling, kan Wageningen UR ook in de toekomst daar een rol in hebben. / JT

Re:ageer