Wetenschap - 1 januari 1970

Wageningse opleidingen niet klaar voor accreditatie

Wageningse opleidingen niet klaar voor accreditatie

Wageningse opleidingen niet klaar voor accreditatie


Het competentieproject, waarin de Wageningse opleidingen hun doelen
herdefiniëren en evalueren, loopt grote vertraging op. In 2004 moet de
Nederlandse Accreditatie Organisatie (NAO) de opleidingen accrediteren aan
de hand van de omschreven competenties. Slechts de helft van de opleidingen
loopt op schema.

De doelen van de opleidingen worden omschreven in competenties die
afbakenen waartoe studenten na hun opleiding in staat moeten zijn. Die
competenties zal de accreditatieorganisatie gebruiken om de Wageningse
opleidingen in de toekomst te toetsen op kwaliteit. Zonder goedkeuring van
het NAO krijgt een opleiding geen geld van de overheid.
Het competentieproject bestaat uit twee delen. Eerst wordt op
opleidingsniveau bepaald over welke competenties afgestudeerden zouden
moeten beschikken. De deadline hiervoor ligt in december 2003. Vervolgens
wordt in het voorjaar van 2004 gekeken of studenten deze competenties
opdoen in de bachelor- en masteropleidingen die al drie jaar lopen.
Een groot deel van de MSc-competenties is echter nog niet uitgewerkt. 14
Van de 27 beschrijvingen voldoen nog niet aan de criteria die daarvoor
opgesteld zijn, volgens drs Jan Steen van de ondersteunende stuurgroep
Competenties. Er zijn vijf masters waarvan de doelen te veel lijken op die
van andere masteropleidingen. Steen denkt dat een en ander kan worden
opgelost door de competenties te herformuleren.
Volgens ir Hank Bartelink, voorzitter van het onderwijsinstituut
Omgevingswetenschappen zit er te veel variatie in de opzet en in de
formulering van de competenties van de verschillende opleidingen, door
gebrek aan duidelijke centrale ondersteuning. Bartelink verwacht dat deze
verschillen moeilijk te verkopen zullen zijn aan het NAO. Desalniettemin
vindt hij dat de uitvoerders bij Omgevingswetenschappen goed werk hebben
afgeleverd. Steen erkent dat er achteraf gezien meer sturing op technisch
gebied nodig was geweest. Daarom gaat de stuurgroep medewerkers en
studenten die de competenties beschrijven, beter ondersteunen.
,,Ik ben boos omdat alles zo lang duurt, maar daar is niks meer aan te
doen’’, zegt Babs Jaspers van de opleidingscommissie Biologie. ,,Op dit
moment zijn in ieder geval alle docenten en studenten gemotiveerd. Met
behulp van de competenties gaan we de biologieopleiding hervormen. Alle
opleidingen zouden dat moeten doen'', stelt Jaspers. Jaspers vindt dat
rector Speelman middelen ter beschikking moet stellen aan
opleidingscommissies, zodat zij kunnen nagaan of hun programma wel overeen
komt met hetgeen zij met het de opleiding willen bereiken. Voor die fase
van het competentieproject is volgens Steen veel tijd nodig omdat er veel
overlegd moet worden door de verantwoordelijken voor de opleidingen en
vakken. Het hangt volgens Steen van de onderwijsinstituten af of dit deel
van het project centraal begeleid gaat worden of niet. Bartelink en Steen
zijn het met Jaspers eens dat hier geld voor moet worden vrijgemaakt. |
G.v.H.

Re:ageer