Wetenschap - 1 januari 1970

Wageningen ziet weinig in Europese dioxinemeting

Wageningen ziet weinig in Europese dioxinemeting

Aanwezigheid dioxines is over het hoofd te zien


Bij de Belgische methode meet je PCB's, en ga je ervan uit dat PCB's en dioxines in een vaste verhouding voorkomen, vertelt Brouwer. Maar dat klopt alleen als de dioxines afkomstig zijn van afgewerkte olie of oude transformators. Dioxines die bijvoorbeeld worden geproduceerd door een vuilverbrander spoor je zo niet op. Als alleen de Belgische methode gebruikt gaat worden, heb je grote kans dat we dioxines gaan missen.

Toch heeft de Europese Commissie de Belgische methode goedgekeurd. Ir Jo Bemelmans, woordvoerder van het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor land- en tuinbouwprodukten (RIKILT-DLO), weet waarom. Onder druk van de Belgen, en uit begrip voor de Belgische situatie. Belgiƫ kampt met een dioxineprobleem en heeft te weinig capaciteit om dioxine op een andere manier te meten. De PCB-methode is verhoudingsgewijs snel en goedkoop, en kan door veel labs worden uitgevoerd.

Bemelmans denkt dat de PCB-methode in dit speciale geval uitkomst kan bieden, maar vindt de PCB-methode op zich niet voor de hand liggend. Het RIKILT, dat in opdracht van LNV dioxinemetingen verricht, gebruikt zelf van twee verschillende meetmethoden: van de CALUX-methode en de GCMS-methode

De door Brouwer bedachte en door het RIKILT verder geperfectioneerde CALUX-methode is een biologische methode die niet de dioxine maar de activiteit ervan meet. De te onderzoeken monsters worden samengevoegd met een oplossing van genetisch gemodificeerde cellen. Als er dioxines in de monsters zitten, geven de cellen licht. Met de CALUX-methode is betrekkelijk eenvoudig vast te stellen of een monster dioxines bevat. Om meer precieze informatie te verkrijgen gebruikt het RIKILT de klassieke GCMS-methode, die door middel van gaschromatografie bepaalt hoeveel en wat voor dioxines zich in de monsters bevinden. De CALUX-methode slaat volgens het RIKILT af en toe vals alarm. Meer over dioxinemeting op pagina 4. W.K

Re:ageer