Organisatie - 12 oktober 2006

‘Wageningen voorbeeld voor hoger onderwijs’

Doekle Terpstra, voorzitter van de HBO-raad, vindt de samenwerking tussen Wageningen Universiteit en hogeschool Van Hall Larenstein een voorbeeld voor de rest van het hoger onderwijs. Dat zei hij dinsdag 10 oktober bij een werkbezoek aan Wageningen.

‘Ik vind dit echt een prachtig verhaal. Jullie laten zien wat er kan’, zei hij in een discussiebijeenkomst. De HBO-raad strijdt al jaren voor meer erkenning van het hbo, en zou graag zien dat hbo-instellingen en universiteiten meer gaan samenwerken. Dat lukt in de praktijk maar zelden, omdat universiteiten hbo’s zien als concurrenten die ook universiteitje willen spelen. Het hbo voelt zich daardoor ondergewaardeerd.
Terpstra: ‘Er zit veel sentiment in die discussie, we staan elkaar voortdurend naar het leven. Zolang je er over praat komen die sentimenten boven, maar als je het doet verdwijnen de problemen vanzelf. Daarom vond ik het zo inspirerend om jullie verhaal te horen.’
Terpstra stoort zich er onder andere aan dat hogescholen zich in het buitenland geen universiteit mogen noemen. ‘Hogescholen bestaan niet in andere landen, dus dat is heel moeilijk uit te leggen. Een aantal van onze hogescholen is zeker zo goed als een gemiddelde Europese universiteit. Maar hoe lang we er ook over praten, we komen daar niet uit.’
Hij brak ook een lans voor overheidsbekostiging van masteropleidingen aan hogescholen. De regering heeft besloten dat alleen masteropleidingen aan universiteiten geld krijgen. Terpstra: ‘Dat is toch bizar. We voeren een BSc-MSc-structuur in, maar weigeren de consequentie te aanvaarden. Mensen die graag een professionele route volgen, dwingen we om de wetenschappelijke route te nemen.’
De voorzitter van de HBO-raad noemde het voorbeeld van een maatschappelijk werker die een vervolgopleiding zoekt. ‘Die wordt gedwongen om sociologie, psychologie of een andere logie waar we er al zo veel van hebben te volgen, terwijl hij waarschijnlijk een heel andere opleiding zoekt die veel beter aansluit bij zijn beroepspraktijk.’
Op vragen van studenten antwoordde Terpstra dat hij niet tegen een hoger collegegeld voor masteropleidingen is. ‘Mensen die een masterdiploma op zak hebben, behoren tot de geprivilegieerden van onze samenleving. Ze hebben bovendien jarenlang op kosten van de samenleving kunnen studeren. Daar mag je best een eigen bijdrage voor vragen.’

Re:ageer