Wetenschap - 1 januari 1970

Wageningen moet biotechnologie-debat vlottrekken

Wageningen moet biotechnologie-debat vlottrekken

Wageningen moet biotechnologie-debat vlottrekken

De discussie over moderne plantenbiotechnologie in Nederland is tot stilstand gekomen. Voor- en tegenstanders komen niet verder dan het eindeloos herhalen van bekende standpunten. Actiegroepen pleiten voor een moratorium, omdat voordelen volgens hen ontbreken terwijl de risico's voor mens en milieu onaanvaardbaar hoog zijn. Voorstanders beloven gouden bergen en prijzen toekomstige zegeningen zoals milieuvoordelen en de oplossing van het wereldvoedselvraagstuk. Beide partijen zijn nauwelijks in staat hun standpunten met gedegen feiten te onderbouwen. Tegenover we weten nog niet alles over de complexiteit van de natuur, dus stoppen met die handel, staat de overtuiging het niet kunnen uitsluiten van alle risico's mag de vooruitgang niet in de weg staan. Met deze polarisatie verliest men het zicht op de werkelijkheid

Om uit de impasse te komen, zou ons inziens een discussie moeten worden gevoerd over wat de waarde is van zowel de biologische als de reguliere landbouw met en zonder biotechnologie voor de toekomst. Hier ligt, denken wij, een belangrijke rol weggelegd voor Wageningen. Waar anders dan in Wageningen is zoveel kennis aanwezig over de landbouw in westerse en ontwikkelingslanden en de baten en risico's van moderne biotechnologie?

Startpunt voor een dergelijke discussie zou moeten zijn dat het onverstandig is als de grootschalige landbouw op oon paard zou wedden. Er is zowel veel te leren van de teeltmethoden in de biologische landbouw als van de nieuwe inzichten van de biotechnologie. De volgende punten zouden wat ons betreft aan de orde moeten komen in het debat

Duurzaamheid

Voorstanders van biotechnologie beweren dat de teelt van transgene gewassen duurzaam is, omdat deze leidt tot een lager gebruik van bestrijdingsmiddelen en een hogere opbrengst per hectare. Onafhankelijke onderzoeken die deze beweringen staven zijn echter schaars. Tegenstanders van biotechnologie beweren dat boeren die transgene gewassen telen juist afhankelijker worden van bestrijdingsmiddelen en zien meer in een landbouw die misschien minder productief is maar wel zonder bestrijdingsmiddelen kan. Daarbij is echter de vraag of een laagproductieve landbouw in ontwikkelingslanden duurzaam is als door bevolkingsgroei steeds meer grond in gebruik moet worden genomen voor landbouw. Dit kan leiden tot ontbossing en andere ongewenste effecten voor het milieu. Kortom: de vraag wat duurzame landbouw is, moet absoluut worden verhelderd

Voordelen voor de boer

In Amerika telen inmiddels tienduizenden boeren transgene gewassen. In 1998 bedroeg het areaal transgene gewassen wereldwijd ongeveer dertig miljoen hectare. In 2003 zal dit naar verwachting ongeveer 85 miljoen hectare zijn. In het maatschappelijk debat in Nederland wordt nauwelijks aandacht besteed aan deze ontwikkeling. Aangezien we mogen verwachten dat boeren niet gek zijn, zou het wellicht aardig zijn eens te onderzoeken wat de landbouwkundige voordelen zijn van de teelt van transgene gewassen in Amerika

Uitkruising

Volgens tegenstanders van biotechnologie ontstaat door uitkruising van transgene gewassen met wilde verwanten verstoring van het ecosysteem. Al sinds jaar en dag echter worden in de moderne landbouw via traditionele veredelingstechnieken gewassen resistent gemaakt tegen ziekten en plagen. Een aantal van deze gewassen kruist uit naar wilde verwanten. Zou het voor een afgewogen oordeel over de risico's van uitkruising niet verstandig zijn om de ervaringen met uitkruising van vijftig jaar moderne landbouw mee te nemen, in plaats van te doen voorkomen alsof met de introductie van transgene gewassen een geheel nieuw fenomeen is ontstaan?

Wereldvoedselprobleem

Biotechnologie zou de oplossing zijn voor het wereldvoedselvraagstuk. Dit is onjuist, omdat daarmee volledig voorbij wordt gegaan aan het verdelingsvraagstuk. Tegelijkertijd is het te makkelijk om te veronderstellen dat biotechnologie helemaal geen rol zou kunnen spelen. Duidelijk is dat de wereldbevolking zal groeien van zes miljard nu naar tien miljard mensen in 2050. Deze groei zal voornamelijk plaatsvinden in ontwikkelingslanden. De FAO en Wereldbank menen dat een aanzienlijke productiviteitsverhoging van de lokale landbouw in ontwikkelingslanden noodzakelijk is om problemen met de voedselvoorziening te voorkomen. Naast klassieke veredeling zien deze organisaties hierbij ook een rol weggelegd voor de toepassing van moderne biotechnologie, zonder overigens hun ogen te sluiten voor toepassingen die mogelijk kwalijke consequenties kunnen hebben. Ook hier geldt dat de voor- en nadelen eens nuchter op een rijtje gezet zouden moeten worden

Toekomstige ontwikkelingen

De discussie over moderne biotechnologie concentreert zich nu op de zogenaamde eerste generatie biotech-producten. Het gaat dan om gewassen die resistent zijn gemaakt tegen bestrijdingsmiddelen, insecten en virussen. Deze gewassen moeten voordelen opleveren voor de boer. De komende jaren kunnen we echter ook tweede en derde generatie biotech-producten op de markt verwachten die, naar verluidt, voordelen zullen opleveren voor de consument. Voorbeelden hiervan zijn producten met een gezondere vetzuursamenstelling, verbeterde voedingswaarde of smaak. Om de rol van moderne biotechnologie beter in perspectief te kunnen zetten, zou het goed zijn om meer duidelijkheid te krijgen over de voordelen van de nieuwe generatie biotech-producten

Dialoog

De Projectgroep Biotechnologie van de Productschappen beijvert zich ervoor om via dialoog en informatievoorziening tot een zorgvuldige introductie van transgene gewassen in Nederland te komen. Zij doet dit niet vanuit blind geloof, maar vanuit de overtuiging dat de moderne biotechnologie naast de biologische en de reguliere landbouw voordelen kan bieden aan producent en consument. Hervatting van de dialoog over moderne plantenbiotechnologie in Nederland is noodzakelijk om tot meer begrip te komen van de risico's en baten die aan deze technologie zijn verbonden. Pas dan kan de juiste maat in de toepassing van biotechnologie worden gevonden. Het zou een goede zaak zijn als door een actieve inbreng vanuit Wageningen de maatschappelijke discussie over plantenbiotechnologie op een hoger niveau wordt gebracht en ruimte creëert voor zowel voor- als tegenstanders om hun emotionele stellingnames te verlaten en verschillen te overbruggen


Projectgroep Biotechnologie Productschappen

Studentenkampioenschappen: te groot voor Wb?

Op 17, 18 en 19 mei heeft het Grote Nederlandse Studenten Kampioenschap, GNSK, plaatsgevonden in Wageningen. Het grootste landelijke studentensporttoernooi, dit jaar gehouden in de kleinste universiteitsstad, Wageningen. Het streven was te tonen waarin een kleine stad groot kan zijn. Oftewel: perfect georganiseerde sportwedstrijden, gevat in een totaalprogramma waaraan een grote studentenstad een puntje kan zuigen

Erg ambitieus, gelukkig kunnen we na afloop concluderen: een groot succes

- Voor het eerst sinds jaren een stijging in deelnemers, 980 met daaromheen nog een tweehonderd man begeleiding;

- Sport in tien takken van sport op hoog tot zeer hoog niveau (het niveau lag over het algemeen op landelijk niveau, waardoor zelfs teams die dit niveau niet aankonden zich na oon wedstrijd hebben teruggetrokken);

- Drie dagen lang een sportieve feestelijke sfeer

Verscheidene malen hebben we geprobeerd het Wb erop te attenderen dat dit grote sportevenement naar Wageningen zou komen en minstens zoveel nieuwe mensen met Wageningen in contact zou brengen als bijvoorbeeld een AID. Het verslag in het Wb doet vervolgens vermoeden dat een slordige duizend mensen het GNSK heeft aangegrepen als excuus om drie dagen lang een derde helft te spelen en mogelijk en passant te zorgen voor wat vandalisme en geluidsoverlast. Ja, inderdaad, een popconcert maakt veel lawaai, maar duizend mensen loslaten in de stad geeft naar ons idee meer overlast. Ja, als je aan iemand uit Amsterdam vraagt wat vind je van het Wageningse nachtleven op maandag zal hij zeggen: saai, alles is hier gesloten. Ja, als je weinig van sport weet zal het feit dat er verscheidene eredivisiespelers rondlopen niet opvallen. Negentig procent van de deelnemers sliep in de Rustenburg? De Wageningers - vijftien procent - sliepen thuis, wie waren de vroegslapers in De Bongerd?

De foto's zijn mooi maar verder is het stuk in het Wb eenzijdig. Wij zijn teleurgesteld over het feit dat de berichtgeving het feesten en alle randverschijnselen er zo uit lichtte, terwijl de essentie van het GNSK het sportgedeelte is. De vraag is: Waar ligt dat aan?

Wij zijn voor onafhankelijke kritische journalistiek maar verstaan daaronder blijkbaar iets anders dan het Wb. De lezers hebben recht op artikelen waaraan gedegen journalistiek onderzoek ten grondslag ligt. De journalist verdiept zich in het onderwerp en verzamelt informatie door de juiste vragen te stellen aan de juiste personen. Een goed artikel met kritische kanttekeningen is het resultaat. Zelfs de kanttekeningen zullen door iedereen gewaardeerd worden als de mening van een onafhankelijke instantie. Kritiek als waardevolle input voor een evaluatie

Een landelijk evenement vraagt om landelijke kwaliteiten van de sporters, van de organisatie, van de universiteit, van de gemeente en van de journalisten die verslag doen van het evenement. Dat het Wb dat niet waargemaakt heeft, is vooral jammer. Hiermee is een kans blijven liggen om Wageningen op een positieve manier naar buiten te brengen. Wageningen is dit jaar niet alleen kenniscentrum maar ook sportcentrum van studerend Nederland. Dat is 17, 18 en 19 mei bewezen. Althans zo denken de universiteit, de gemeente Wageningen, de NSSS, de organisatie van het voorgaande GNSK, de deelnemers en wij erover. Daar zou ik me echter als onafhankelijk journalist niet te veel van aantrekken


Beta-gamma integration

Several recent articles in Wb discuss the merits of the Technology & Agrarian Development (TAD) group of Paul Richards. As a Farming Systems Research agronomist with ample field experience in Eastern & Southern Africa I am of the opinion that beta-gamma integration is absolutely essential in the development of sustainable farming systems, both here and in Europe. Therefore, TAD needs not only to be reinstated as a full chair, but rather should become a spearhead in Wageningen

It seems as if the most innovative groups in Wageningen (for example, TAD, Gender Studies in Agriculture and Ecological Agriculture) are systematically incapacitated by the Board. When I graduated in 1978 interdisciplinarity was just emerging as a relevant topic to the study of rural development. Although it might have been difficult to establish co-operation between natural and social scientists, now Wageningen is reversing this trend in favour of a single-minded focus on reductionist, positivist science as exemplified in the emphasis on biotechnology, genetic manipulation and computer-supported precision agriculture

Paul Richards said that evaluation is a two-way street and Joost Brouwer remarked that it takes two to tango. How can one expect small innovative groups to foster interdisciplinarity when large well-established groups are busy protecting their own interests? To my mind it is the explicit task of a Board to support young groups that have the guts to be innovative and that are not swayed by the issues of the day. Instead of being passive travellers, scientists need to be road constructors

The Board must be pro-active in supporting young groups with personnel and funds to bridge the gap between the natural and social sciences. Richards says: We need a level playing field, and that is a responsibility of the Board. If one looks at what happened with the group of Ecological Agriculture, then one can hardly maintain that the Board is interested in creating level playing fields. Why is one so afraid to support some small groups that act as dissidents, as highly necessary deserters from mainstream research. In the context of the unwavering belief in the technological fix, Niels Röling said in the WUB of 21 November 1996 that he felt terribly ashamed of Wageningen Agricultural University. He is not the only one


Dar es Salaam

e-mail: tvaneijkud.co.tz

Buitenlandse studenten

Naar aanleiding van Wb magazine, dat bij het Wb van 3 juni ingevoegd was, willen wij als medewerkers van het Dean's Office for International Students graag een reactie geven op de geplaatste interviews met PhD-studenten

Allereerst onze waardering voor de grote aandacht die op deze manier terecht aan buitenlandse studenten in Wageningen wordt gegeven. Een zo groot aantal van de studentenpopulatie kan niet zomaar gepasseerd worden

Het verbaasde ons dat er niet elders in het Wb of in het magazine zelf een samenvatting van de interviews in het Engels te vinden was. Wij nemen aan dat deze verhalen vooral bestemd zijn voor de Nederlandse Wb-lezers die anders de Engelse pagina niet lezen. Het lijkt ons echter niet goed om een artikel 362ver onze buitenlandse studenten uitsluitend in voor hen onleesbare taal te publiceren

Het viel ons verder op dat er in twee van de drie artikelen rechtstreeks een mening over het Dean's Office naar voren komt. Het interview met de familie Halachmi wekte de indruk dat er expliciet naar deze mening was gevraagd. Als het doel van de gesprekken met studenten (mede) was de meningen te peilen over het Dean's Office, waren wij er graag op enigerlei wijze bij betrokken geweest

Bovendien stond er een opvallende kop boven het interview met Tae Ho Han, die niet helemaal de lading dekte van het verhaal. De negatieve toon ervan stoort ons bijzonder

Wij betreuren het zeer als PhD-studenten zich achtergesteld voelen bij de overige studenten. Het lijkt ons slechts gedeeltelijk terecht. Juist omdat wij vreesden dat de in aantal groeiende groep PhD'ers een beetje tussen wal en schip zou geraken, zijn er eind 1997 twee parttime medewerkers vrijgemaakt bij het Dean's Office om de praktische voorbereidingen voor de komst en ondersteuning tijdens het verblijf te stroomlijnen en om bovendien aan leerstoelgroepen en studenten extra voorlichting te geven over de beleidslijnen die zijn uitgezet

Dat PhD'ers zouden moeten smeken om hulp, klinkt ons vreemd in de oren. Alle studenten (ook PhD'ers) kunnen langskomen tijdens de open spreekuren met vragen over bijvoorbeeld huisvesting en verzekering. Iedere student kan een afspraak maken met de Dean. Iedere aangemelde student ontvangt reisbegeleiding. Dat de kas bij de afdeling FEZ voor iedereen slechts tot 12.00 uur open is, is spijtig, maar niet door ons te veranderen

Zoals ook al door de studenten zelf gesignaleerd werd, vloeit het probleem van de PhD-studenten met name voort uit de individuele programma's die zij volgen met individuele begeleiders, die bovendien allen op leerstoelgroeps- of departementsniveau een eigen beleid volgen en ons en de afdeling Kennisbemiddeling wel of niet inschakelen voor opvang en begeleiding

Deze knelpunten herkennen wij. Opmerkingen hierover dienen serieus genomen te worden, zeker in het licht van een toenemend aantal promovendi afkomstig uit het buitenland. Een meer eenduidig beleid ten aanzien van PhD'ers is gewenst en kan mogelijk ook opgenomen worden in de nieuwe internationaliseringsplannen

Aandachtspunten die wij zien voor de toekomstige opvang en begeleiding van buitenlandse studenten hebben wij op 1 maart in een nota vastgelegd. Deze nota is breed verspreid onder alle managers die zich in het reorganisatieproces bezig houden met het beleid ten aanzien van internationale studenten/medewerkers. Wij zijn erg benieuwd wat de plannen van het Programmateam Internationalisering zullen blijken te zijn. Wij verwachten dat deze van grote invloed zullen zijn op mate en manier van toekomstige begeleiding van buitenlandse studenten aan onze universiteit

In de tussentijd blijven wij ons inzetten voor een goede begeleiding van buitenlandse studenten, ook voor de PhD'ers onder hen


Digitalis of ... P346per?

Eind 22598 hebben we het WUB vaarwel gezegd en in januari 22599 met oon letter minder weer verwelkomd als Wb. De reden hiervoor was dat DLO en LUW nu samenwerken en de afzonderlijke huisorganen moesten opgaan in oon. Tot eind 22598 werd Wb als werknaam gebruikt. Er moest een nieuwe naam bedacht worden voor het nieuwe huisorgaan. Er was een mogelijkheid om een nieuwe naam aan te dragen. Naar ik meen was dat zelfs in de vorm van een prijsvraag

Wb is wel een erg foute naam (zeg maar gerust afkorting), dus ieder ander voorstel zou al tot een nieuwe naamgeving moeten leiden, toch? Echter, de redacteur besloot anders. Ondanks alle inzendingen werd de werknaam de uiteindelijke naam. Nu, na vijf maanden, heeft iedereen het nog steeds over het WUB. Als je het over Wb hebt, vragen studenten je met een stalen gezicht: Wb, wat is dat?

In december heb ik ook een aantal namen voorgesteld. Het baatte niets. Mijn eerste voorstel was Digitalis. Deze nieuwe naam hoeft nu bij u niet direct instemming te vertonen. Naar mijn idee is de filosofie achter een naam echter net zo belangrijk, zo niet belangrijker, dan de naam zelf. Uiteindelijk went iedere naam, zelfs Wb

De filosofie achter Digitalis is als volgt. Het is de Latijnse naam voor vingerhoedskruid. Dit geeft alvast een verband tussen de onderneming en haar groene imago. Digitalis is weliswaar een giftige plant bij plomp gebruik, maar het plantenextract heeft bij gedoseerd gebruik een geneeskrachtige werking tegen hartziekten alias CvB-kwaaltjes. Digitaal heeft de associatie met ordening. Wb staat toch voor ordening van het nieuws. Digitaal staat ook voor stukje voor stukje, zoals een krant uit verschillende stukjes of artikeltjes bestaat. En de krant gaat iedere week weer een stukje verder in de informatievoorziening over de onderneming en haar actoren. Het Wb is ook digitaal te verkrijgen. Verder klinkt Digitalis modern en is de Engelse uitspraak ervan similar to dutch

Andere namen die naar mijn mening ook minimaal beter zijn dan de gortdroge afkorting Wb zijn: WUR-ding, VerWURring, WURm (m staat voor magazine), Conceptie, Complex, Reflex, Pieper, P346per (samenvoeging van het Engelse woord voor krant en het Nederlandse woord peper) of Peper (als smaakmaker of ter ere van de grondlegger van Wageningen UR, Bram Peper)

Net zo snel als de onderneming van naam kan veranderen (weet u ze nog: LUW, DLO, KCW, WURC, WUR, UW, WU) hoop ik dat het onafhankelijke en kritische huisorgaan Wb die flexibiliteit ook heeft


student

De huisstijl is nog (net) niet compleet

Wat ben ik blij dat Wageningen UR eindelijk een huisstijl heeft. Jarenlang hebben we moeten werken binnen een organisatie zonder gezicht. Zeg maar gerust in een bedrijf zonder smoel. In binnen- en buitenland speelden onze multinationals mooi weer met hun huisstijl. Met de zielige W moesten wij van de universiteit concurreren tegen de prachtige logo's van AKZO-Nobel, de Shell, Unilever en Philips, om maar te zwijgen over de Utrechtse zon, de Fortisdas en de Rabojurk. Maar nu staat het er bij ons dan ook als een huis, met de omgekeerde U gaan we het helemaal maken, wij van de universiteit en zij van de dienst

Ik begrijp de ophef die door onze bestuurders over de huisstijl wordt gemaakt helemaal, want die omgekeerde U is het bindmiddel. Het is het zout in de pap. Die omgekeerde U toont onze minister en zijn ambtenaren dat onze Raad van Bestuur op schema ligt. De nieuwe minister Brinkhorst kan zijn collega Van Boxtel, de Tweede Kamer en Rabbinge in de Eerste Kamer met de omgekeerde U laten zien dat het in de landbouw niet altijd kommer en kwel is en dat Wageningen UR millenniumproof is. De landbouwpolitici kunnen er in Den Haag en Brussel de blits mee maken en dat is heel goed. Jarenlang is het een rommeltje geweest, daar is op 10 juni 1999 door onze vier hoge raadsleden een definitief einde aan gemaakt. Wij moeten de mannen van formaat daarom heel dankbaar zijn

Toch zijn we nog niet klaar, want ik mis de slotfase. Want als de huisstijlcoördinatoren de badges, de relatiegeschenken, de stropdassen, de paraplu's, de servetten, het servies en de labjassen op orde hebben gebracht, is er nog steeds werk aan de winkel. Allereerst moeten natuurlijk de toga's en de baretten worden aangepast. Die moeten racinggreen worden, om de snelheid van de Wageningse wetenschap te symboliseren. Daarnaast dienen de echte groene hoogleraren klompen te dragen om hun binding met het platteland en agrarisch Nederland te tonen. Deze klompen moeten ook in de businessklasse van de KLM worden gedragen, evenals bij agrarische congressen. Hoogleraren met moeilijke voeten kunnen, op medisch advies, vrijstelling verkrijgen. Fraaie vrouwelijke hoogleraren dienen het recht te hebben een minitoga te dragen, hun baret kan van een voile worden voorzien. Hierdoor zijn zij in staat om de DLO-directeuren te verleiden en vette contracten gezamenlijk in de wacht te slepen. Deze directeuren krijgen allen een fleurig pak van Frans Molenaar aangemeten. De couturier van Haagse vuilnismannen en socialistische premiers goes Wageningen University. De hoogleraar-directeuren dienen een insigne, bijvoorbeeld een vijgenblad, op hun mouw aan te brengen

Maar we zijn nog niet klaar. De kroon op het werk dient de plaatsing te zijn van een kopie van de Arc de Triomphe, het versteende symbool van ons logo, bij de ingang van het hoofdgebouw. Bij nadering van de poort door een man van formaat, met huisstijlvlag op de dienstauto, dient de dienstdoende heraut-portier de tonen te blazen van het lied sikkels blinken. De toeristen met hun kinderen, de toekomstige studenten, zullen toestromen. Dit Wageningse ritueel zal even vermaard worden als de aflossing van de wacht in Athene of een bezoek aan het graf van Jim Morrisson in Parijs. De hoogste bestuurders zullen mij begrijpen want: hoe hoger een bestuurder, des te meer oog hij heeft voor het detail


Studentenkampioenschappen: te groot voor Wb?

Op 17, 18 en 19 mei heeft het Grote Nederlandse Studenten Kampioenschap, GNSK, plaatsgevonden in Wageningen. Het grootste landelijke studentensporttoernooi, dit jaar gehouden in de kleinste universiteitsstad, Wageningen. Het streven was te tonen waarin een kleine stad groot kan zijn. Oftewel: perfect georganiseerde sportwedstrijden, gevat in een totaalprogramma waaraan een grote studentenstad een puntje kan zuigen

Erg ambitieus, gelukkig kunnen we na afloop concluderen: een groot succes

- Voor het eerst sinds jaren een stijging in deelnemers, 980 met daaromheen nog een tweehonderd man begeleiding;

- Sport in tien takken van sport op hoog tot zeer hoog niveau (het niveau lag over het algemeen op landelijk niveau, waardoor zelfs teams die dit niveau niet aankonden zich na oon wedstrijd hebben teruggetrokken);

- Drie dagen lang een sportieve feestelijke sfeer

Verscheidene malen hebben we geprobeerd het Wb erop te attenderen dat dit grote sportevenement naar Wageningen zou komen en minstens zoveel nieuwe mensen met Wageningen in contact zou brengen als bijvoorbeeld een AID. Het verslag in het Wb doet vervolgens vermoeden dat een slordige duizend mensen het GNSK heeft aangegrepen als excuus om drie dagen lang een derde helft te spelen en mogelijk en passant te zorgen voor wat vandalisme en geluidsoverlast. Ja, inderdaad, een popconcert maakt veel lawaai, maar duizend mensen loslaten in de stad geeft naar ons idee meer overlast. Ja, als je aan iemand uit Amsterdam vraagt wat vind je van het Wageningse nachtleven op maandag zal hij zeggen: saai, alles is hier gesloten. Ja, als je weinig van sport weet zal het feit dat er verscheidene eredivisiespelers rondlopen niet opvallen. Negentig procent van de deelnemers sliep in de Rustenburg? De Wageningers - vijftien procent - sliepen thuis, wie waren de vroegslapers in De Bongerd?

De foto's zijn mooi maar verder is het stuk in het Wb eenzijdig. Wij zijn teleurgesteld over het feit dat de berichtgeving het feesten en alle randverschijnselen er zo uit lichtte, terwijl de essentie van het GNSK het sportgedeelte is. De vraag is: Waar ligt dat aan?

Wij zijn voor onafhankelijke kritische journalistiek maar verstaan daaronder blijkbaar iets anders dan het Wb. De lezers hebben recht op artikelen waaraan gedegen journalistiek onderzoek ten grondslag ligt. De journalist verdiept zich in het onderwerp en verzamelt informatie door de juiste vragen te stellen aan de juiste personen. Een goed artikel met kritische kanttekeningen is het resultaat. Zelfs de kanttekeningen zullen door iedereen gewaardeerd worden als de mening van een onafhankelijke instantie. Kritiek als waardevolle input voor een evaluatie

Een landelijk evenement vraagt om landelijke kwaliteiten van de sporters, van de organisatie, van de universiteit, van de gemeente en van de journalisten die verslag doen van het evenement. Dat het Wb dat niet waargemaakt heeft, is vooral jammer. Hiermee is een kans blijven liggen om Wageningen op een positieve manier naar buiten te brengen. Wageningen is dit jaar niet alleen kenniscentrum maar ook sportcentrum van studerend Nederland. Dat is 17, 18 en 19 mei bewezen. Althans zo denken de universiteit, de gemeente Wageningen, de NSSS, de organisatie van het voorgaande GNSK, de deelnemers en wij erover. Daar zou ik me echter als onafhankelijk journalist niet te veel van aantrekken


Beta-gamma integration

Several recent articles in Wb discuss the merits of the Technology & Agrarian Development (TAD) group of Paul Richards. As a Farming Systems Research agronomist with ample field experience in Eastern & Southern Africa I am of the opinion that beta-gamma integration is absolutely essential in the development of sustainable farming systems, both here and in Europe. Therefore, TAD needs not only to be reinstated as a full chair, but rather should become a spearhead in Wageningen

It seems as if the most innovative groups in Wageningen (for example, TAD, Gender Studies in Agriculture and Ecological Agriculture) are systematically incapacitated by the Board. When I graduated in 1978 interdisciplinarity was just emerging as a relevant topic to the study of rural development. Although it might have been difficult to establish co-operation between natural and social scientists, now Wageningen is reversing this trend in favour of a single-minded focus on reductionist, positivist science as exemplified in the emphasis on biotechnology, genetic manipulation and computer-supported precision agriculture

Paul Richards said that evaluation is a two-way street and Joost Brouwer remarked that it takes two to tango. How can one expect small innovative groups to foster interdisciplinarity when large well-established groups are busy protecting their own interests? To my mind it is the explicit task of a Board to support young groups that have the guts to be innovative and that are not swayed by the issues of the day. Instead of being passive travellers, scientists need to be road constructors

The Board must be pro-active in supporting young groups with personnel and funds to bridge the gap between the natural and social sciences. Richards says: We need a level playing field, and that is a responsibility of the Board. If one looks at what happened with the group of Ecological Agriculture, then one can hardly maintain that the Board is interested in creating level playing fields. Why is one so afraid to support some small groups that act as dissidents, as highly necessary deserters from mainstream research. In the context of the unwavering belief in the technological fix, Niels Röling said in the WUB of 21 November 1996 that he felt terribly ashamed of Wageningen Agricultural University. He is not the only one


Dar es Salaam

e-mail: tvaneijkud.co.tz

Buitenlandse studenten

Naar aanleiding van Wb magazine, dat bij het Wb van 3 juni ingevoegd was, willen wij als medewerkers van het Dean's Office for International Students graag een reactie geven op de geplaatste interviews met PhD-studenten

Allereerst onze waardering voor de grote aandacht die op deze manier terecht aan buitenlandse studenten in Wageningen wordt gegeven. Een zo groot aantal van de studentenpopulatie kan niet zomaar gepasseerd worden

Het verbaasde ons dat er niet elders in het Wb of in het magazine zelf een samenvatting van de interviews in het Engels te vinden was. Wij nemen aan dat deze verhalen vooral bestemd zijn voor de Nederlandse Wb-lezers die anders de Engelse pagina niet lezen. Het lijkt ons echter niet goed om een artikel 362ver onze buitenlandse studenten uitsluitend in voor hen onleesbare taal te publiceren

Het viel ons verder op dat er in twee van de drie artikelen rechtstreeks een mening over het Dean's Office naar voren komt. Het interview met de familie Halachmi wekte de indruk dat er expliciet naar deze mening was gevraagd. Als het doel van de gesprekken met studenten (mede) was de meningen te peilen over het Dean's Office, waren wij er graag op enigerlei wijze bij betrokken geweest

Bovendien stond er een opvallende kop boven het interview met Tae Ho Han, die niet helemaal de lading dekte van het verhaal. De negatieve toon ervan stoort ons bijzonder

Wij betreuren het zeer als PhD-studenten zich achtergesteld voelen bij de overige studenten. Het lijkt ons slechts gedeeltelijk terecht. Juist omdat wij vreesden dat de in aantal groeiende groep PhD'ers een beetje tussen wal en schip zou geraken, zijn er eind 1997 twee parttime medewerkers vrijgemaakt bij het Dean's Office om de praktische voorbereidingen voor de komst en ondersteuning tijdens het verblijf te stroomlijnen en om bovendien aan leerstoelgroepen en studenten extra voorlichting te geven over de beleidslijnen die zijn uitgezet

Dat PhD'ers zouden moeten smeken om hulp, klinkt ons vreemd in de oren. Alle studenten (ook PhD'ers) kunnen langskomen tijdens de open spreekuren met vragen over bijvoorbeeld huisvesting en verzekering. Iedere student kan een afspraak maken met de Dean. Iedere aangemelde student ontvangt reisbegeleiding. Dat de kas bij de afdeling FEZ voor iedereen slechts tot 12.00 uur open is, is spijtig, maar niet door ons te veranderen

Zoals ook al door de studenten zelf gesignaleerd werd, vloeit het probleem van de PhD-studenten met name voort uit de individuele programma's die zij volgen met individuele begeleiders, die bovendien allen op leerstoelgroeps- of departementsniveau een eigen beleid volgen en ons en de afdeling Kennisbemiddeling wel of niet inschakelen voor opvang en begeleiding

Deze knelpunten herkennen wij. Opmerkingen hierover dienen serieus genomen te worden, zeker in het licht van een toenemend aantal promovendi afkomstig uit het buitenland. Een meer eenduidig beleid ten aanzien van PhD'ers is gewenst en kan mogelijk ook opgenomen worden in de nieuwe internationaliseringsplannen

Aandachtspunten die wij zien voor de toekomstige opvang en begeleiding van buitenlandse studenten hebben wij op 1 maart in een nota vastgelegd. Deze nota is breed verspreid onder alle managers die zich in het reorganisatieproces bezig houden met het beleid ten aanzien van internationale studenten/medewerkers. Wij zijn erg benieuwd wat de plannen van het Programmateam Internationalisering zullen blijken te zijn. Wij verwachten dat deze van grote invloed zullen zijn op mate en manier van toekomstige begeleiding van buitenlandse studenten aan onze universiteit

In de tussentijd blijven wij ons inzetten voor een goede begeleiding van buitenlandse studenten, ook voor de PhD'ers onder hen


Digitalis of ... P346per?

Eind 22598 hebben we het WUB vaarwel gezegd en in januari 22599 met oon letter minder weer verwelkomd als Wb. De reden hiervoor was dat DLO en LUW nu samenwerken en de afzonderlijke huisorganen moesten opgaan in oon. Tot eind 22598 werd Wb als werknaam gebruikt. Er moest een nieuwe naam bedacht worden voor het nieuwe huisorgaan. Er was een mogelijkheid om een nieuwe naam aan te dragen. Naar ik meen was dat zelfs in de vorm van een prijsvraag

Wb is wel een erg foute naam (zeg maar gerust afkorting), dus ieder ander voorstel zou al tot een nieuwe naamgeving moeten leiden, toch? Echter, de redacteur besloot anders. Ondanks alle inzendingen werd de werknaam de uiteindelijke naam. Nu, na vijf maanden, heeft iedereen het nog steeds over het WUB. Als je het over Wb hebt, vragen studenten je met een stalen gezicht: Wb, wat is dat?

In december heb ik ook een aantal namen voorgesteld. Het baatte niets. Mijn eerste voorstel was Digitalis. Deze nieuwe naam hoeft nu bij u niet direct instemming te vertonen. Naar mijn idee is de filosofie achter een naam echter net zo belangrijk, zo niet belangrijker, dan de naam zelf. Uiteindelijk went iedere naam, zelfs Wb

De filosofie achter Digitalis is als volgt. Het is de Latijnse naam voor vingerhoedskruid. Dit geeft alvast een verband tussen de onderneming en haar groene imago. Digitalis is weliswaar een giftige plant bij plomp gebruik, maar het plantenextract heeft bij gedoseerd gebruik een geneeskrachtige werking tegen hartziekten alias CvB-kwaaltjes. Digitaal heeft de associatie met ordening. Wb staat toch voor ordening van het nieuws. Digitaal staat ook voor stukje voor stukje, zoals een krant uit verschillende stukjes of artikeltjes bestaat. En de krant gaat iedere week weer een stukje verder in de informatievoorziening over de onderneming en haar actoren. Het Wb is ook digitaal te verkrijgen. Verder klinkt Digitalis modern en is de Engelse uitspraak ervan similar to dutch

Andere namen die naar mijn mening ook minimaal beter zijn dan de gortdroge afkorting Wb zijn: WUR-ding, VerWURring, WURm (m staat voor magazine), Conceptie, Complex, Reflex, Pieper, P346per (samenvoeging van het Engelse woord voor krant en het Nederlandse woord peper) of Peper (als smaakmaker of ter ere van de grondlegger van Wageningen UR, Bram Peper)

Net zo snel als de onderneming van naam kan veranderen (weet u ze nog: LUW, DLO, KCW, WURC, WUR, UW, WU) hoop ik dat het onafhankelijke en kritische huisorgaan Wb die flexibiliteit ook heeft


student

Een autokraker in Baarn heeft twee keer de ruit van een auto kapotgeslagen. De eerste keer om er met een mobiele telefoon vandoor te gaan, een paar dagen later nog eens om het apparaat weer terug te brengen. Was het beltegoed zeker op

Rottend vlees heeft op een bedrijventerrein in Lelystad voor een ongekende stankoverlast gezorgd. De eigenaar van het paar weken oude vlees bleek een illegale diermeelproducent. Wel zonde om weg te gooien. Even door het chloor, flink lang koken en u heeft weer een lekker stukje vlees

Het CDA wil leraren het recht geven ook kleine steekwapens zoals aardappelschilmesjes en geslepen schroevendraaiers van leerlingen in beslag te nemen. Op dit moment mogen leerkrachten alleen vuurwapens en grote messen afpakken. Raketwerpers kwamen niet aan de orde. Daarvoor is het nog wat te vroeg

Al op 29 april heeft het RIKILT-DLO informatie over besmette dioxine-kippen doorgespeeld aan staatssecretaris Faber van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. Toen het nieuws twee weken later vanuit België inderdaad waar bleek te zijn, zijn er pas acties ondernomen om de Nederlandse volksgezondheid te waarborgen. Wij geven Faber groot gelijk; je kunt niet voorzichtig genoeg zijn met dit soort dingen

Het kloonschaap Dolly is oud geboren. De theorie wil dat de kloon op het moment van bevruchting de leeftijd van haar moeder heeft overgeërfd. Ideaal als je als menselijke kloon ter wereld komt; kan je op je dertigste al met pensioen

De Limburgse bioloog en biochemicus Theo Postmes houdt zich al jaren bezig met de geneeskrachtige werking van honing. Bij brandwonden constateerde hij een vochtonttrekkend en steriliserend effect. En de verbrande huid wordt weer als nieuw met een potje antirimpeljam

De universiteiten van Utrecht en Wageningen en het Instituut voor Dierhouderij en Diergezondheid in Lelystad gaan het dierkundig onderzoek verdelen. Het zal de communicatie tussen de verschillende instellingen zeker verbeteren. Ja, met Jansen uit Wageningen. Ik ben nu de kop van varken 2435 aan het uitpluizen, zijn jullie al klaar met de romp?

De vertrekkende president van de wetenschappelijke academie KNAW, Pieter Zandbergen, waarschuwt de Nederlandse wetenschap voor een fikse achteruitgang in de komende tien jaar. Nederland is volgens hem te klein voor toppen in het onderzoek. Ooit van de Wageningse Berg gehoord?

In de aan Nederland grenzende Duitse deelstaat Nedersaksen is opnieuw de varkenspest uitgebroken. Gelukkig; het leek even of er alleen nog maar over gepraat werd

De rechtbank in Utrecht heeft platenmaatschappij Arcade een boete van 150 duizend gulden opgelegd wegens het plegen van verticale prijsbinding. Verticale prijsbinding? Waarom laat zo'n muziekbedrijf zich dan ook in met SM'ers die zich rechtop laten vastsnoeren om aan de kost te komen? M.V

Het avondlicht dat mondjesmaat de donkere stal binnendringt, verraadt de contouren van een groot, gespierd lichaam. Zacht briesend begroet het de hand van Christien de Kramer. Dit is Lawart, zegt ze als het licht in de stal aanfloept. Ze staat bij een pikzwarte Fries, het lespaard van studentenmenvereniging De Paardengroep, waar De Kramer een mencursus volgt. En dit is zijn metgezellin Cabrita. Bij het horen van haar naam komt er plots een geitenkop boven de staldeur uit en begint ongeduldig om aandacht te mekkeren. Terwijl De Kramer de geit een aai geeft: Een paard is een kuddedier; dat kun je eigenlijk niet alleen laten staan. Daarom staat Cabrita bij hem in de stal.

Omzichtig begeleidt De Kramer het paard uit zijn verblijf. Nu is het wachten op haar medecursisten om de zeshonderd kilogram wegende hengst op te tuigen. Al snel komt de 66-jarige Jan Couwehoven aangelopen, de enige niet-student van de cursisten. De oud-DLO'er rijdt al praktisch zijn hele leven met paard en wagen, maar vindt nu de tijd rijp om zijn menbewijs te halen. Ik zie aankomen dat dat straks verplicht wordt, dus moet het maar gebeuren. Hij helpt De Kramer met het optuigen en even later staat het paard ingespannen voor de wagen

Couwehoven mag als eerste koetsieren en krijgt op de bok gezelschap van cursusleider Robert Schuller. Als iedereen aan boord is, geeft Couwehoven een rukje aan de teugels. Onder het klagend gemekker van de in de steek gelaten Cabrita begint de rijles

De cursisten leren het mennen volgens de Achenbachmethode, vernoemd naar de bedenker van de stijl. Met deze techniek kan het paard met een paar simpele handbewegingen een hoop duidelijk worden gemaakt. Couwehovens eigen boerenbachse stijl is er echter in de loop der jaren nogal ingesleten; iets nieuws leren is lastig. Over Achenbach: Het is een fijne vent, maar hij had gewoon in Duitsland moeten blijven.

In een rustig tempo rijden ze naar de Wageningse woonwijk De Nude, die dienst doet als lesterrein. Bij het naderen van een onoverzichtelijke kruising waarschuwt Schuller voor roekeloos rijdend verkeer. Direct komt een witte Renault de hoek om scheuren, die paard en wagen schrikkend en schokkend tot stilstand dwingt. Dat bedoel ik dus, moppert Schuller

Couwehoven lijkt ook wat geschrokken, want hij laat het paard in een beduidend lager tempo zijn weg vervolgen. Naar Schullers idee mag het wel wat sneller. Het lijkt wel een begrafenisstoet!, roept hij uit. Als Couwehoven tracht het dier in galop te krijgen, schiet de zware stem van Schuller te hulp: Kommaaarrrrr, rolt het vanaf de bok. Het beest spurt vooruit en brengt de kar met een ruk in versnelling. Een lage stem geeft autoriteit, verklaart de docent. Waarop De Kramer met haar hoge stem lachend reageert: En daarom is het voor ons meiden zo lastig.

Een doodlopende straat is de ideale plek om het keren op de weg te oefenen. Veeteeltstudent Marjolein van Stokkom heeft inmiddels plaatsgenomen op de bok en laat onder de coaching van Schuller het paard meerdere malen links- en rechtsomkeert maken. Na de vierde keer gaat het foutloos en mag De Kramer de teugels overnemen. Ze heeft moeite met de bochten daar ze, in de woorden van Schuller, telkens op z'n Engels uitkomt: aan de verkeerde kant van de weg. Na een paar nuttige tips van de ervaren menner vormt het afslaan echter geen probleem meer

Ondertussen praten de niet-koetsierende cursisten achterop over het naderende examen. Hoewel zakken voor de eindtest de laatste jaren op oon uitzondering na niet is voorgekomen, heeft niemand echt vertrouwen in een goede afloop. Ook Couwehoven niet. Ik ben het bangste van allemaal. Jullie hebben nog een dikke maand om te oefenen, zegt Schuller geruststellend. Maar ook dat haalt niet veel uit

Nadat ieders rijstijl is bijgeschaafd en Schuller zijn kritiek weer rijkelijk heeft mogen spuien - Couwehoven: Dat vindt ie het leukste van de hele mencursus - mag de inmiddels schuimende hengst zijn stal weer opzoeken. Nog even langs de zwaaiende handen in de koffiezaal van het bejaardentehuis en de les loopt ten einde. Cabrita is lang genoeg alleen geweest. M.V., foto G.A

Mijn muizenis? Studenten die iets willen regelen! De deur van mijn kamer staat open. Klop, klop. Student staat al binnen, mij overvallend: Meneer, ik moet in september afstuderen!

O, en? Wel, eh, er is een probleempje... Die secretaresse wil me mijn cijfer niet geven... Ik had die proef nog niet afgerond en het is al zo'n drie jaar geleden en ik heb alles al gehaald en eh dus...

Om welk vak gaat het?, vraag ik vriendelijk

Fysiologie, klinkt het weer wat zekerder. Welke proef had je niet afgerond? Nou dat weet ik niet meer zo precies, maar dat kunt u vast wel even voor me nakijken! Het was drie jaar geleden, was het niet?, vraag ik voor de zekerheid. Nou nee, even denken, eh, al vier... of vijf jaar geleden, dacht ik, ik ben zesdejaars.

Maar, eh, moet ik dat dan nog inhalen, dat is toch belachelijk na zoveel jaar studie, oon zo'n stom proefje mag toch niet mijn afstuderen blokkeren? Uit zijn triomfantelijke houding maak ik op dat hij zijn argumentatie kennelijk ijzersterk vindt. Hij realiseert zich niet dat hij voor mij student tig is die mij met dit soort zaken onnodig lang van mijn werk houdt. Ik weet hoe ik moet reageren als ze moeten afstuderen, op vakantie zijn als er examen is, rijexamen hebben, een vriend(in) hebben die dan juist afstudeert, geen kans zien om op tijd te komen - sorry, meer woorden kreeg ik niet ter beschikking voor mijn muizenis

Re:ageer