Organisatie - 16 september 2013

Wageningen met Delft en MIT naar Amsterdam

tekst:
Rob Goossens

Het belangrijkste wetenschapsinstituut ter wereld creëren op het terrein van metropolitane oplossingen, dat is de ambitie van Wageningen UR, de universiteit van Delft en het Massachusetts Institute of Technology (MIT). De drie wonnen vrijdag een door Amsterdam uitgeschreven competitie. Het instituut gaat er komen.

De competitie was nieuw voor Nederland: een stad die een wetenschappelijk instituut wil, in dit geval rond metropolitane thema’s, en daarvoor een wedstrijd uitschrijft. Amsterdam heeft vijftig miljoen euro beschikbaar, verdeeld over de komende tien jaar. Degene met het beste plan zou met dat geld aan de slag mogen. De gelegenheidscoalitie van Wageningen, Delft en MIT kwam daarbij als winnaar uit de bus. Dat werd vrijdag bekendgemaakt door juryvoorzitter Robbert Dijkgraaf, die eraan toevoegde dat het drietal ‘met overtuiging’ eerste was geworden. Chris Karman, coördinator van dit initiatief voor Wageningen UR, legt uit wat dit voor Wageningen betekent.

Kun je de ambities van het nieuwe instituut in een paar zinnen samenvatten?

‘Wereldwijd neemt de verstedelijking heel snel toe. Dat stelt ons voor allerlei nieuwe uitdagingen. Het nieuwe instituut zet zich in om voor die problemen oplossingen aan te dragen. Enerzijds door onderzoek te doen met een sterk toegepast karakter, en anderzijds door jong talent op te leiden in deze materie, onderwijs dus. Het instituut wordt een platform, een netwerkorganisatie waarbij ook veel bedrijven en andere organisaties betrokken zijn.’

Een bijzondere combinatie: Wageningen, Delft en het belangrijkste technologische kennisinstituut ter wereld: MIT.

‘Dat klopt, maar we vullen elkaar dan ook uitstekend aan. Delft is goed in wat we de ‘tissue’  van de stad noemen: gebouwen, straten, infrastructuur. Wageningen weet veel van de ‘flow’: de stromen van water, voedsel en afval, maar ook de sociale structuur. En de specialiteit van het Sensible Cities Lab van MIT is het meten van dat alles. "Sensing the city" is hun sterkte. Daarmee breng je een metropool fysiek in kaart.’

Hoe moeten we ons dit instituut concreet voorstellen. Waar komt het?

‘Dat hangt ervan af. We gaan niet éérst het instituut oprichten om vervolgens iemand te vinden die we daarmee kunnen bedienen. We doen het juist andersom: we gaan aan de slag met projecten en opleidingen, aan de hand daarvan bepalen we welke faciliteiten daarbij passen. Op die manier weet je zeker dat je een relevant instituut neerzet. Juist dat sterk toegepaste, marktgerichte karakter past goed bij Wageningen.’

Is er behoefte aan dit soort onderzoek?

‘Jazeker, grote bedrijven als Shell en KPN hebben al laten weten dat ze meedoen. Ook voor hen is het interessant om inzicht te krijgen in de ontwikkeling en het functioneren van een moderne metropool. Beide maken daar bovendien ook deel van uit, als belangrijke spelers in de stedelijke infrastructuur. Dat geeft heel interessante onderzoeksmogelijkheden.’

Wat houden de onderwijsplannen in?

‘Er komt een nieuwe master die gericht is op metropolitan solutions. Die wordt gedragen door zowel Delft als Wageningen. Naast het gebruikelijke eerste jaar is het ook mogelijk om het eerste jaar in een eigentijdse vorm te doorlopen, die van een MOOC, een massive open online course, aangevuld met een summer course. Delft en MIT experimenteren al langer met deze vorm, voor Wageningen is dit betrekkelijk nieuw.’

Hoe belangrijk is dit initiatief voor Wageningen?

‘Heel belangrijk. In een wereld die snel verstedelijkt, zie je dat de onderzoeksthema’s voor Wageningen ook verschuiven. Er komt steeds meer nadruk op onderwerpen als voedselvoorziening en energie in een metropole context. Dit instituut zal voor Wageningen een springplank zijn om daarin een grote stap te maken.’


Re:ageer