Wetenschap - 5 april 2001

Wageningen UR wil proefboerderij voor gengewassen

Wageningen UR wil proefboerderij voor gengewassen

De kenniseenheid Plant Wageningen UR gaat een virtueel proefbedrijf voor genetisch gemodificeerde gewassen opzetten. In het virtuele bedrijf gaan onderzoekers, industrie en milieugroeperingen samen onderzoeksprojecten met genetisch gemodificeerde gewassen opstellen. Projectleider dr. Bert Lotz hoopt over ??n of twee jaar met een echt proefbedrijf te kunnen starten.

Wageningen UR wil zo veel mogelijk belangengroepen betrekken bij de plannen voor de proefboerderij. Naast wetenschappers en het biotechnologisch bedrijfsleven is bijvoorbeeld ook de stichting Consument en Biotechnologie betrokken bij de plannen. Lotz hoopt daardoor het draagvlak voor het project zo breed mogelijk te krijgen. Dat moet ervoor zorgen dat de opzet van het onderzoek en de wetenschappelijke resultaten van de experimenten zo breed mogelijk geaccepteerd worden.

Het gebruik van genetisch gemodificeerde gewassen stuit op veel weerstand bij de milieubeweging en consumentenorganisaties. Zij stellen dat er nog te weinig bekend is over de risico's van transgene gewassen voor de menselijke gezondheid en de natuur. Op de proefboerderij zouden wetenschappers onder andere onderzoek kunnen doen naar de overdracht van genen uit transgene planten naar biologische gewassen of wilde planten. En naar de effecten van gewassen die resistent zijn gemaakt tegen onkruidbestrijdingsmiddelen op het gebruik van deze middelen.

De virtuele proefboerderij zal waarschijnlijk vooral vorm krijgen aan de vergadertafel en in de computer. Lotz wil de kennis die Plant Research International heeft met het opstellen van gewassimulaties gebruiken bij het maken van een computersimulatie van een proefboerderij. Op de gesimuleerde boerderij kunnen dan proeven worden uitgevoerd. Minstens zo belangrijk is echter de besluitvorming over de proeven. Lotz wil dat wetenschappers, bedrijfsleven en belangengroepen samen bepalen wat voor onderzoek er gebeurt en volgens welke methoden. Lotz: "De virtuele fase is noodzakelijk voorbereidend werk."

De raad van bestuur heeft Lotz gevraagd voor de eerste fase geen geld van het bedrijfsleven of andere belangengroepen aan te nemen. Dat moet de schijn van belangenverstrengeling vermijden. Voor het virtuele bedrijf is twee ton nodig; de kenniseenheid en de raad van bestuur betalen ieder de helft. Lotz: "Naar mijn mening ontkomen we er niet aan het bedrijfsleven nauw te betrekken bij de tweede fase. We hebben niet alleen financiering nodig, maar ook plantmateriaal en kennis. Ik kan me wel voorstellen dat we geen directe financiering van bedrijven accepteren, maar dat bedrijven, overheid en andere organisaties geld storten in een fonds dat beheerd wordt door bijvoorbeeld het ministerie of de Consumentenbond. Ook de bedrijven hebben daar belang bij. Zij vermijden ook graag de schijn van belangenverstrengeling."

Lotz vervolgt: "Over vijf jaar zou ik graag verschillende proefboerderijen zien voor Wageningen UR: voor biologische gewassen en voor GM-gewassen. Ik stel me voor dat er naast de GM-boerderij een dependance voor Greenpeace zit; we moeten immers zorgen dat we het onderzoek zo open mogelijk doen. Alle betrokkenen moeten het gevoel hebben dat het ook h?n onderzoeksfaciliteit is." | K.V.

Re:ageer