Wetenschap - 1 januari 1970

Wageningen UR moet aansluiten bij nanotechnologen

Wageningen UR moet aansluiten bij nanotechnologen

Wageningen UR moet aansluiten bij nanotechnologen

Bij het ontwikkelen van sensoren, membranen, zonnecellen en coatings werken onderzoekers bijna op nanoschaal. Dat wil zeggen: ze veranderen moleculen bijna op atoomschaal. Nanostructuren gedragen zich in elektrisch, magnetisch, chemisch en optisch opzicht anders dan grotere deeltjes. Daarom moeten de technologen die op zulke kleine schaal werken aansluiting vinden bij het fundamenteel nanotechnologisch onderzoek in Nederland. Dat stelt de Nationale Raad voor Landbouwkundig Onderzoek (NRLO) in zijn rapport Nanotechnologie, speerpunten voor actie

Wageningen UR moet zich inderdaad een positie zien te verwerven bij de drie grote nanotechnologische instituten in Nederland, beaamt ing Theo Gieling van het Instituut voor Milieu- en Agritechniek (IMAG-DLO). Want juist in de land- en tuinbouw liggen veel toepassingen voor nanotechnologie. Denk bijvoorbeeld aan de verbetering van membranen die specifiek bepaalde stoffen doorlaten.

Het IMAG-DLO werkte samen met nanotechnologen van de Universiteit Twente aan sensoren die in afvalwater van de glastuinbouw de concentratie van ionen als calcium en magnesium meten. Met zulke sensoren kan de tuinder het water hergebruiken, omdat hij precies weet met hoeveel ionen hij het moet aanvullen. Gieling meent dat samenwerking met Wageningen UR ook interessant is voor de nanotechnologen in Groningen of Twente. Zij kunnen hun financiers dan laten zien dat hun geld nuttig wordt gebruikt

Volgens een studie van het Institute for Prospective Technological Studies van de EU te Sevilla is het nanotechnologisch onderzoek in Europa ongeveer even ver als in Japan en de VS. Wel lijkt het erop dat in Europa minder wordt samengewerkt met de industrie, en dat zou kunnen betekenen dat er minder toegepast onderzoek wordt gedaan. M.H

Re:ageer