Student - 26 maart 2009

WOLVENGEHUIL IN MONGOLIË

Masterstudent Bos-en natuurbeheer Ruud Mengers zat van begin oktober tot eind december in Hustai National Park, Mongolië. Samen met masterstudent Dierwetenschappen Annemieke Sprangers onderzocht hij de habitatkeuze van edelherten. En luisterde hij naar huilende wolven.

nieuws_3104.jpg
nieuws_3104.jpg

Foto: .

‘Ook al schijnt overdag bijna altijd de zon, als je bij temperaturen onder het vriespunt in het heuveligachtige, besneeuwde landschap herten gaat tellen is thermo-ondergoed een must. We liepen elke dag met behulp van gps over zogenoemde transecten – denkbeeldige lijnen in het landschap – van ongeveer een kilometer. We noteerden het aantal herten dat we tegenkwamen, hoever weg ze stonden en waar in het transect ze precies voorkwamen.
De waarneming die me het meest is bijgebleven, is trouwens niet van een edelhert. We waren die ochtend aan het lopen toen we in de verte wolvengehuil hoorden. Het enge geluid en de wolvensporen in de sneeuw maakten me toch een beetje bang. De hele ochtend ging het indringende gehuil door. Plotseling zagen we hem, op zo’n 150 meter afstand op een bergrand. Door de verrekijker zag ik dat hij me aankeek, zijn hoofd optilde en weer begon te huilen. De angst maakte plaats voor een prachtig, magisch gevoel. Het was echt een bizarre ervaring.
Het bleef niet bij één wolf. Een andere keer zagen we een op hol geslagen schaapskudde. Het leek of er twee honden achteraan liepen maar toen we wat beter keken zagen we dat de voorste een wolf was, en de achterste een herdershond die de wolf achternazat. Daar achteraan kwam nog eens een schreeuwende herder galopperend op zijn paard.
De meeste mensen die rond het park wonen zijn herders. Ze wonen met hun gezin in gers. Dat zijn witte tenten met een inklapbaar houten geraamte die de vorm hebben van een kleine circustent. In de zomer staan de tenten in de wat lager gelegen gebieden bij de rivier en in de winter worden ze verplaatst naar de wat meer beschutte plekken tegen een berghelling aan.
De mensen zijn heel gastvrij. Als je binnenkomt krijg je een soort melkthee en een bot met vlees, waar je zelf met een mes stukken af kan snijden. Het is heel klein binnen en het enige wat er in staat zijn wat kastjes, bedden, kookgerei, een kachel waar ze mest in opstoken en soms een kleurentelevisie. Herders zijn in verhouding met de rest van de bevolking namelijk best rijk. Ze hebben ook bijna allemaal een auto of motor, en sommige gezinnen hebben zelfs een enorme satellietschotel of zonnepanelen bij de ger staan.
Terug in Nederland moest ik wel even wennen. Hier zit ik heel de dag achter de computer te typen, en dat voelt echt als werken. Daar was ik ook wel aan het werk, maar als je de hele dag buiten bent in de prachtige natuur voelt dat toch minder zo.’

Re:ageer