Wetenschap - 12 februari 2009

WINDMOLEN NIET ALTIJD GEHAKTMOLEN

Windmolens kunnen een groot effect hebben op vogels en vleermuizen. Maar het hangt er maar net van af waar je zo’n molen neerzet. Wie plannen heeft, moet vooral beginnen met een gedegen ecologisch onderzoek. Dat is de conclusie van een studie die Alterra uitvoerde voor LNV.

Een middelgrote windmolen maakt tussen de twintig en veertig slachtoffers per jaar, voornamelijk onder vogels.
Nederland gaat nog veel windmolens plaatsen. Dat heeft effect op de natuur. De molens doden vogels en vleermuizen en verstoren hun leef- en trekgebied. Maar hoe groot zijn die effecten nou precies, wilde LNV weten.
Op die vraag bestaat geen simpel antwoordt, zegt Alterra-onderzoeker Martin Epe. Dat hangt van te veel factoren af. Elke plek is anders. Het begint al met de simpele constatering dat er in een gebied veel of weinig vogels of vleermuizen voorkomen. En is het bijvoorbeeld een trekgebied? Maar ook de soort, de zeldzaamheid, de directe omgeving van de windmolen, het ontwerp van de molen, het weer en de tijd van het jaar spelen een grote rol.
Duidelijk is wel dat een doorsnee middelgrote windmolen tussen de twintig en veertig slachtoffers per jaar maakt, voornamelijk onder vogels. Omgerekend naar alle windmolens tikt dat al snel aan tot over de honderdduizend. Dat is overigens nog maar een schijntje vergeleken met het aantal slachtoffers langs onze snelwegen. Dat ligt op twee tot acht miljoen per jaar. Ook hoogspanningslijnen zijn jaarlijks goed voor één tot twee miljoen slachtoffers.
Daarbij moet aangetekend worden dat het aantal dode vogels met een korreltje zout moet worden genomen. Tellen is volgens Epe moeilijker dan het lijkt. Niet elke vogel wordt gevonden. ‘En hoe ver ga je met zoeken: tien meter, vijftig of een kilometer.’ Dat maakt ook het vergelijken van verschillende onderzoeken lastig. Over vleermuizen is bovendien maar heel weinig bekend. Voor ons land ontbreken serieuze gegevens zelfs helemaal.
‘Het onderzoek heeft zich in het begin heel erg op het aantal slachtoffers geconcentreerd. ‘Windmolens gehaktmolens’ was de kreet. Maar dat is in zijn algemeenheid onzin gebleken. Van lieverlee werd ook naar barrièrewerking en verstoring gekeken. Dat soort onderzoek is veel moeilijker.’ Toch valt er volgens Epe per geval voldoende zinnigs te zeggen over het ecologisch effect van een windmolen. Zinnig genoeg om al of niet een vergunning voor een molen te verlenen. Gedegen onderzoek is daarbij een voorwaarde.

Re:ageer