Organisatie - 12 januari 2017

Vrouwelijke hoogleraren erbij

tekst:
Roelof Kleis

Wageningen University kan voor één, hooguit twee extra vrouwelijke hoogleraren geld krijgen van minister Bussemaker. Toch doen, vindt hoofd HR Ingrid Lammerse.

Bussemaker wil dat de universiteiten dit jaar 100 extra vrouwelijke hoogleraren aanstellen. Zij heeft daarvoor vijf miljoen euro beschikbaar. Vrouwen zijn op Nederlandse universiteiten nog steeds zwaar ondervertegenwoordigd in hoogleraarsposities. Dit jaar is het honderd jaar
geleden dat de eerste vrouwelijke hoogleraar (Johanna Westerdijk, Universiteit Utrecht ) werd aangesteld.

Vijf miljoen euro is lang niet genoeg om een hoogleraarspost te financieren.  Een hoogleraar kost al gauw een ton per jaar. De bijdrage van Bussemaker komt volgens Lammerse neer op vijf jaar lang 10.000 euro per jaar. ‘Er moet inderdaad geld bij’, erkent zij. ‘De rest van de kosten en voor de jaren na die vijf jaar moet de universiteit betalen. Toch vind ik dat we er gebruik van moeten maken. Ook wij willen meer vrouwelijke hoogleraren.’

Marijtje Jongsma, voorzitter van de VAWO (vakbond voor wetenschappers) is te spreken over de voornemens van de minister. ‘Vijf miljoen is niet veel, maar toch is dit een fantastische structurele slag die we goed kunnen gebruiken. Honderd extra vrouwelijke hoogleraren doen wel wat op het totaal. Hiermee laat de minister zien dat het haar menens is.’ In ons land is maar 17 procent van de hoogleraren (met een vaste aanstelling) vrouw.

Wageningen University heeft overigens de afgelopen paar jaar een behoorlijke inhaalslag gemaakt wat de aanstelling van vrouwelijke hoogleraren betreft. In 2011 was Wageningen met 7,6 procent van de fte’s voor vrouwelijke leerstoelhouders nog hekkesluiter van alle Nederlandse universiteiten. Op dit moment is dat 15,7 procent. Het aandeel persoonlijke hoogleraren is zelfs 23 procent.