Wetenschap - 10 april 2008

Vroeg koppen niet nodig in strijd tegen tulpenvirus

Bollentelers moeten vroeger in het seizoen de strijd tegen bladluizen inzetten, blijkt uit onderzoek van Praktijkonderzoek Plant & Omgeving. De eerste vliegende bladluizen kunnen het gevreesde tulpenmozaïekvirus al verspreiden. Een meevaller voor de toeristen is dat het vroegtijdig verwijderen van bloemkoppen kan vervallen, want bladluizen worden niet extra aangetrokken door tulpen met een bloem.

Bollenarbeiders zoeken naar zieke tulpen in het veld.
Bollenarbeiders zoeken naar zieke tulpen in het veld.

Foto: Theo Tangelder

‘Telers worden soms zelfs bedreigd als ze een tulpenveld koppen. Toeristen denken alleen aan mooie foto’s, maar het verwijderen van de bloemkop is gewoon nodig om goede bollen te kunnen oogsten’, vertelt dr. Maarten de Kock, onderzoeker bij PPO Bollen in Lisse. Het advies om de tulpen niet vroegtijdig te koppen is dan ook niet bedoeld om de toeristen te gerieven, verzekert hij. ‘Uit ons onderzoek blijkt dat het virus ook in lichte mate via de messen van de kopmachine kan worden verspreid. Je moet dus pas koppen als je alle viruszieke planten hebt verwijderd, anders help je zelf mee aan de verspreiding.’
De Kock en zijn collega’s deden de afgelopen twee jaar onderzoek naar de verspreiding van het tulpenmozaïekvirus, in opdracht van het Productschap Tuinbouw en het ministerie van LNV. Het virus, dat voornamelijk wordt overgebracht door bladluizen, zorgt voor veel schade in de tulpenteelt. Vooral in gele en witte tulpen is het virus moeilijk onder controle te krijgen omdat de zichtbare symptomen – vurige gevlamde bloemen – in deze cultivars nauwelijks optreden. Het werken met virusvrije partijen en het verwijderen van de zieke planten in het veld is de meest effectieve manier om virusverspreiding te beperken.
Daarnaast bestrijden tulpentelers bladluizen zodra zij die waarnemen. ‘Uit ons onderzoek blijkt dat je dan al te laat kan zijn. Het is zaak preventief maatregelen te nemen zodra de temperatuur boven de tien graden uitkomt’, aldus De Kock.

Re:ageer