Wetenschap - 20 september 2007

Vraatremmers deren koolwitrups niet

Rupsen van koolwitjes leven op koolbladeren, leren biologieboeken ons. Maar eigenlijk is de aanwezigheid van de rups op de bladeren onnatuurlijk, ontdekte dr. Renate Smallegange bij toeval. Als de rupsen de keuze krijgen eten ze liever andere delen van de plant, zelfs als die veel meer vraatremmende stoffen bevatten dan de bladeren.
‘We deden eigenlijk onderzoek naar Brassica nigra, de mosterdplant, een familielid van de koolplant’, zegt Smallegange, onderzoeker bij de leerstoelgroep Entomologie. ‘We bestudeerden of rupsen van koolwitjes minder schade aan de zaadjes van de mosterdplant toebrengen als je ze bestrijdt met sluipwespen. Het gangbare onderzoek was tot nu toe gebeurd met kool en koolbladeren, niet met mosterdplanten, of met een doorgeschoten koolplant met bloemen. Daarom heeft niemand ontdekt wat wij hebben gevonden.’
Nadat de rupsen voor de eerste keer waren verveld, hielden ze het op de bladeren van de mosterdplant voor gezien. Ze klommen omhoog en deden zich tegoed aan de knoppen en bloemen van de plant. ‘Als je de rupsen de keuze geeft tussen bloemen en bladeren, dan eten ze alleen bloemen’, zegt Smallegange.
De bladeren van de mosterdplant leken niet zo gezond voor de rupsen te zijn. De koolwitrupsen groeien in ieder geval sneller op een dieet van bloemen dan op een dieet van bladeren.
‘Dat is merkwaardig’, zegt Smallegange, ‘want brassicaplanten maken een groep stoffen aan die vraat door rupsen moeten afremmen. De concentratie van die glucosinolaten in de bloemen van de mosterdplanten is vijf keer hoger dan in de bladeren.’
Smallegange denkt niet dat de glucosinolaten, die in mensen overigens gezondheidsbevorderende effecten van kool veroorzaken, de rupsen sneller laten groeien. ‘We denken dat er in de bloemen van de mosterdplant meer nutriënten zitten. Maar dat hebben we niet gemeten, dus we weten het niet zeker. We denken wel dat de rupsen in staat zijn hoge concentraties glucosinolaten onschadelijk te maken. Ze hebben zich goed aangepast.’
Smalleganges onderzoek verschijnt binnenkort in de Journal of Chemical Ecology.

Re:ageer