Wetenschap - 1 januari 1970

Voor vissers heeft duurzaamheid niets met zee te maken

Duurzaamheid heeft voor kottervissers niets te maken met de ecologie van de zee. Zij denken bij dat woord vooral aan een stabiele toekomst voor hun familiebedrijf. Visserijbiologen denken juist alleen aan visstanden als ze het over duurzaamheid hebben.

Dat blijkt uit een onderzoek dat het LEI deed in opdracht van het ministerie van LNV naar de waarden van kottervissers. Door de verschillen in waarden praten visserijbiologen en vissers langs elkaar heen, zoals begin dit jaar al bleek uit de ruzie tussen vissers en visserijbiologen van Wageningen UR in IJmuiden.
Voor de kottervissers betekent duurzaamheid dat het familiebedrijf blijft voortbestaan en ook hun zonen zullen vissen, bleek uit het onderzoek. De vissers voelen zich niet serieus genomen door ambtenaren, die alleen naar de visserijbiologen luisteren en hen volgen in hun oordeel over de visserij. Een oplossing, zo concludeert het onderzoek, ligt in een actievere deelname van vissers aan het maken van beleid, regels en controle.
Projectleider drs Ellen Hoefnagel van het onderzoek haalde ontwikkelingssocioloog prof. Leontine Visser erbij om te leren van de ervaring die daarmee is opgedaan in ontwikkelingssamenwerking. Visser: ,,In veel ontwikkelingsprojecten in de visserij in bijvoorbeeld Zuidoost-Azië is al veel meer ervaring opgedaan met het betrekken van vissers in beleid. In Nederland heeft de overheid alles erg overgeorganiseerd en heeft de vissers zelf daarmee buiten gesloten. Die hebben daar terecht moeite mee. Nederland is in dit opzicht dus eigenlijk een ontwikkelingsland en kan leren van ervaring in de ontwikkelingssamenwerking.’’
Er zijn inmiddels zogenaamde Biesheuvelgroepen opgericht, vernoemd naar de voormalige minister van landbouw en visserij. Daarin praten vissers samen met de overheid over bijvoorbeeld quota, aantal zeedagen en ander beleid. Uit het onderzoek blijkt dat de vissers zich daarin wel serieus genomen voelen. | J.T.

Re:ageer