Wetenschap - 25 juli 2002

Voedingsconsument is onbekend maar wel bemind

Voedingsconsument is onbekend maar wel bemind

Precieze cijfers zijn onbekend, want iedere onderzoeksgroep heeft zijn eigen definities van wat een nieuw product of succes op de markt precies is. Maar aan wie je het ook vraagt, alle marktonderzoekers zijn het erover eens dat de meeste nieuwe voedingsmiddelen floppen. Prof. Hans van Trijp van de leerstoelgroep Marktkunde en Consumentengedrag kon zelfs een powerpointstaatje op het scherm projecteren dat beweerde dat slechts ??n op de honderd nieuwe levensmiddelen goed loopt.

Omdat de ontwikkeling en de introductie van nieuwe voedingsmiddelen miljoenen kost, kijken bedrijven verlangend uit naar een oplossing. Marktonderzoekers zeggen dat ze die hebben gevonden en de door Van Trijp ingeleide workshop op het tiende Food Choice Conference was er helemaal aan gewijd: door consumenten gestuurde productontwikkeling. Op de conferentie gebruiken de meeste aanwezigen liever de Engelse term. Misschien omdat consumer led development beter klinkt. Maar misschien ook omdat de door onderzoeksschool Vlag georganiseerde conferentie een internationaal publiek had getrokken.

Consumer led development houdt in dat productontwikkelaars samen met vertegenwoordigers van hun toekomstige kopers levensmiddelen maken. Zo weten ze zeker dat ze iets maken wat aan wensen van de kopers voldoet.

Maar hoe doe je dat? De Australische marktonderzoeker Sarah Hyland had voor een fabrikant onderzocht hoe de kansen lagen voor een gezonde breakfastbar. Voor haar een uitdaging, bekende ze. Hyland had zulk onderzoek tot nu toe alleen uitgevoerd voor de sigarettenindustrie en casino's. Door mensen met vragenlijsten te benaderen, had ze grofweg twee groepen mogelijke klanten voor de ontbijtreep ontdekt: een groep die vooral een goed smakende reep voor weinig geld wilde, en een groep die was ge?nteresseerd in een hoogwaardig voedingsmiddel dat wel wat meer mocht kosten. De wensen liepen zo uiteen dat ze de fabrikant had geadviseerd met twee repen te komen.

Een ander onderzoek was dat van Joanna Purdy. Op de University of Ulster had Purdy zich verdiept in de consumentenacceptatie van de hoeveelheid zout in kant-en-klare voedingsmiddelen. Omdat zout bij veel mensen de bloeddruk verhoogt, wil de industrie graag minder zout gebruiken, maar ze is bang dat de veranderende smaak consumenten afschrikt. Door consumentenpanels en veel, heel veel statistiek had Purdy ontdekt in welke tempo fabrikanten de hoeveelheid zout konden verminderen zonder dat de gebruikers het zouden merken.

Ongetwijfeld waren de opdrachtgevers tevreden over de studies die op de morgen van de tweede juli werden gepresenteerd. Maar was dit nu de aanpak waarmee de bedrijven hun slagingspercentage konden opkrikken? Gert van den Oever, productontwikkelaar bij Unilever en ??n van de aanwezigen, betwijfelde het. "De onderzoeken die we hebben zien langskomen zijn niet anders dan de studies die het bedrijfsleven al jaren laat verrichten. En die studies hebben het slagingspercentage van nieuwe producten niet op een hoger plan kunnen brengen."

Van den Oever zag eigenlijk maar ??n manier om beter marktonderzoek te doen: onderzoek herhalen. "Het gebeurt geregeld dat je van die sterke verbanden, waardoor je had geconcludeerd dat het product zou slagen, de tweede keer helemaal niets terugvindt." | W.K.

Re:ageer