Wetenschap - 31 januari 2002

Virus kaapt blaasjes in de kousenband

Virus kaapt blaasjes in de kousenband

Een Wagenings onderzoeker heeft de werkwijze van een plantenvirus in een peulvrucht uitgebreid in kaart gebracht. Drs Jan Carette kleurde steeds weer andere onderdelen van cellen die besmet waren met het virus, en ontrafelde zo hoe het kousenbandmoza?ekvirus zich vermenigvuldigt. Carettes onderzoek is ook buiten de plantenwetenschappen van belang. Het onderzochte virus lijkt sprekend op het poliovirus.

"Het erfelijk materiaal van het poliovirus en het moza?ekvirus lijken sprekend op elkaar", zegt Jan Carette. "Ze zijn evolutionair aan elkaar verwant. Ook wat betreft hun werkwijze lijken de virussen op elkaar." Beide virussen vermenigvuldigen zich door het endoplasmatisch reticulum van de cel te dwingen om eiwitten voor een nieuwe generatie virussen te maken.

Hoe dat proces verliep, kon Carette volgen door een speciale kleurtechniek. Daarbij gebruikte hij lichtgevende moleculen, die hij steeds weer aan een ander eiwit plakte. Die eiwitten brachten de kleurstof de ene keer naar het endoplasmatisch reticulum, de eiwitfabriek van de cel, de andere keer naar de vacuolen en weer een andere keer naar het apparaat van Golgi.

"Eerst brengt het virus zijn erfelijk materiaal in de cel", vertelt Carette. "Daardoor gaat de cel een aantal nieuwe eiwitten aanmaken. We hebben ontdekt dat twee daarvan zich vastmaken aan de wand van het endoplasmatisch reticulum."

Als de eiwitten zich hebben verankerd aan de wand, begint de structuur van de cel ingrijpend te veranderen. Er ontstaat een wildgroei van blaasjes. "Op die blaasjes vermenigvuldigt het virus zich. Een streng erfelijk materiaal laat daar de bouwstenen voor nieuwe virussen aanmaken."

Ook niet-ge?nfecteerde cellen maken die blaasjes aan, maar dan in kleinere hoeveelheden. De cel gebruikt ze om de eiwitten, die het endoplasmatisch reticulum maakt, te vervoeren. In gezonde cellen komen die blaasjes terecht bij het apparaat van Golgi. Dat is eigenlijk een soort distributiecentrum, dat beslist waar de eiwitten naartoe moeten.

"Waarschijnlijk gebruikt het virus die transportmogelijkheid voor zijn eigen doeleinden", zegt Carette. "Uitzoeken hoe dat precies gaat, is de volgende stap in dit onderzoek."

Carette zal die stap niet nemen. Hij werkt nu als post-doc aan de Vrije Universiteit aan een gentherapie tegen kanker. | W.K.

Jan Carette promoveert op 1 februari bij prof. Ab van Kammen, emeritus hoogleraar in de moleculaire biologie.

Re:ageer