Organisatie - 4 november 2010

Vijf vragen over drie cao’s

Universiteitsmedewerkers krijgen geen loons­verhoging, maar DLO-ers en VHL-ers wel.
Arbeidsvoorwaarden verschillen op vele punten.

Vijf vragen over drie cao’s

1. Hebben WU-medewerkers nu geen cao?
Nee, bij het uitblijven van een nieuw cao-akkoord blijft de oude gelden. Die liep op 1 maart af, en is nu verlengd tot 1 maart 2011. Dat betekent dus geen collectieve loonsverhoging in 2010.

2. Wat gebeurt er nu?
De universiteiten willen geen salarisverhoging geven omdat de overheid haar bijdrage aan de universiteiten ook niet verhoogt. De VSNU gaat daarom nu naar de minister van OCW om ruimte te krijgen. Dat zal lastig worden, want de ambtenaren krijgen ook niets extra.

3. DLO-ers en VHL-ers gaan er wel op vooruit. Dat is toch oneerlijk?
Dat klopt, maar in andere jaren gingen DLO-ers en VHL-ers er weer minder op vooruit. De universiteiten hebben afgesproken samen op te trekken, om inkomensverschillen tussen universiteiten te voorkomen. Wel kunnen de instellingen schuiven met de secundaire arbeidsvoorwaarden. Het is onduidelijk of Wageningen UR dat zal gaan doen.

4. Waarin verschillen de Wageningse cao’s?
Globaal zijn ze vergelijkbaar, maar er zijn ook verschillen. Zo bestaat een fulltime werkweek voor DLO-ers in principe uit 36 uur, voor WU-ers uit 38 uur en VHL-ers kunnen kiezen uit 36, 38 of 40 uur. Een ander voorbeeld is Goede Vrijdag: DLO-ers werken dan door, de universiteit is die dag dicht gaat en VHL-ers kunnen zelf kiezen.
Ook het rechtssysteem is anders. WU-ers hebben een ambtelijke aanstelling en vallen onder de Algemene Bestuurswet. DLO-ers hebben een arbeidsovereenkomst, voor hen geldt het Burgerlijke Wetboek. VHL-ers zitten daartussenin.

5. En de salarissen, die gaan nu toch afwijken?
Klopt, maar veel scheelt het niet. Zo loopt schaal 9 bij VHL per 1 juli in 2010 van 2461 tot 3390, bij de universiteit van 2492 tot 3422 en bij DLO van 2473 tot 3530 euro. Het grootste verschil zit hem in de eindejaarsuitkering: bij DLO is die 3,0 procent en bij universiteit en hogeschool 8,3 procent van het jaarsalaris.

Re:ageer