Wetenschap - 8 augustus 2016

Vijf vragen over de 'verdwenen' wespen

De Natuurkalender maakte bekend dat in het zuiden en oosten van het land 30 tot 75 procent minder wespennesten zijn gezien. Dat komt door het extreme weer in mei en juni. Wat kunnen we met deze kennis?

Onderzoeker Arnold van Vliet van Wageningen UR kwam tot deze cijfers door wespenbestrijdingsdiensten te vragen hoeveel meldingen van wespennesten ze hebben gehad. In het noorden waren minder hevige buien gevallen en meer nesten gevonden. In het zuiden is de helft van de wespen verdwenen, blijkt uit zijn onderzoek.

Waarom brengt u het aantal wespennesten in kaart?
‘We willen weten hoe het ervoor staat met de wesp. We doen dit sinds 2007. In februari van dat jaar was een enorme wespenplaag en niemand kon dat verklaren. De vraag rees daardoor hoe het met de wesp ging. Die vraag konden we toen niet beantwoorden. Sindsdien zijn we het aantal wespennesten in kaart gaan brengen om te kijken waar de wespen zijn en wat ze beïnvloedt.’

Wat kan de wetenschap met uw gegevens?
‘We begrijpen hierdoor beter hoe het weer invloed heeft op de wespenpopulatie. Daarnaast geven de gegevens inzicht in de ecologie van de wesp en krijgen wetenschappers meer duiding. Met deze kennis kunnen we ook het publiek beter informeren over het beest.’

Heeft de wesp impact op de natuur?
‘Dat is lastig te zeggen, maar lokaal hebben wespen zeker invloed. Ze vangen veel insecten die ze aan hun larven geven. In 1921 was er een onderzoek waaruit bleek dat 300 wespen in 6 uur tijd ongeveer 2500 vliegen en 650 langpoot- en steekmuggen hadden gevangen. Als je dat doortrekt naar een wespennest met gemiddeld 6000 wespen die dagelijks 12 uur actief zijn, dan vangen die wespen in totaal een half miljoen vliegen en 130.000 muggen per week. Dat is gigantisch.’

Verdwijnen wespennesten ook weleens uit zichzelf?
‘In 2011 had ik een nest in een spouwmuur in mijn huis. Ik heb toen meteen de kans gepakt om een klein onderzoek te doen. Ik ging voor het nest zitten om te kijken hoeveel wespen erin en eruit vlogen. Op een dag kwam een hevige bui voorbij. Daarna bleek dat dat er 80 procent minder wespen voorbij kwamen. Ook stierf kort daarna het nest af, want er was een voedseltekort ontstaan voor de larven. Het was niet eens nodig het nest te laten weghalen.’

Wat wilt u met de gegevens doen in de toekomst?
‘Ik zou graag uitgebreider onderzoek willen naar de effecten van hevige buien op wespen. We weten nog vrij weinig van de wesp. Met meer onderzoek kunnen we het beestje beter doorgronden. Daarmee kunnen we bijvoorbeeld terrashouders beter voorlichten over wat ze kunnen doen om de wespen bij hun terrassen vandaan te houden.’

Re:ageer