Wetenschap - 12 april 2001

Veel minder mosselzaad in Waddenzee

Veel minder mosselzaad in Waddenzee

Uit metingen van het Rivo blijkt dat er dit jaar slechts een fractie van de normale hoeveelheid mosselzaad in de Waddenzee ligt. De mosselsector kan rekenen op grote economische schade.

Het Rivo heeft de hoeveelheden mosselzaad - dit zijn jonge mosseltjes van ongeveer een centimeter groot - beneden de laagwaterlijn ge?nventariseerd en dit was volgens dr. Aad Smaal misschien tien procent van de gemiddelde hoeveelheid. Smaal: "Het mosselzaad is de grondstof voor de mosselvisserij. Als er dit jaar weer weinig broedval is, komen de vissers echt in de problemen."

Mosselvissers vissen de jonge mosseltjes op en brengen ze naar gepachte percelen in Zeeland en de Waddenzee om ze daar tot marktwaardige mosselen op te kweken. De afgenomen zaadval zal over twee jaar haar weerslag hebben op de vangsten. Dan zijn de mosseltjes namelijk groot en geschikt voor de verkoop als consumptiemossel. De huidige ontwikkeling past in de dalende trend voor de mosselaanvoer van de laatste paar jaar. Uit gegevens van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) blijkt dat in 2000 de Nederlandse mosselsector 67 miljoen kilo mosselen aanvoerde, een derde minder dan in 1999.

Volgens het Rivo heeft de afgenomen broedval van mosselen waarschijnlijk natuurlijke oorzaken. Het kan te maken hebben met veranderde zeestromingen. De mosselen voeden zich namelijk met planktonalgen die zij uit het langsstromende zeewater bemachtigen.

De mosselvissers kunnen wel maatregelen nemen om de hoeveelheid mosselzaad te vergroten. Ze kunnen bijvoorbeeld de zeebodem zo bewerken dat jonge mosselen zich eerder vasthechten en verder opgroeien. Een optie is het aanbrengen van stenen of touwen op de bodem. Dit soort methoden zijn nog in een experimenteel stadium. Het Rivo doet hier momenteel onderzoek naar. | H.B.

Re:ageer