Wetenschap - 1 januari 1970

Veel belangstelling voor Wageningse vistrap

Waterschappen in heel Nederland tonen belangstelling voor de vispassage die is ontwikkeld in het hydraulica lab van de sectie Waterhuishouding van Wageningen UR. Deze ‘trap’ blijkt geschikt voor bijna alle soorten vis die voorkomen in de kleinere waterlopen.

Er is in Nederland al een groot scala aan vispassages gebouwd. Meestal zijn dat vistrappen bestaande uit meerdere compartimenten die een groot verval overbruggen. Daarnaast bestaan er hevel-vispassages waarbij water met vis en al met een vacuümpomp wordt overgeheveld stroomopwaarts. Maar de effectiviteit van de diverse vispassages is dikwijls twijfelachtig of niet goed bekend vanwege beperkte metingen. Waterschappen hebben daarom behoefte aan een uniform ontwerp voor een goed functionerende vispassage, waarvan de eigenschappen goed in kaart zijn gebracht.
De vistrap die is ontwikkeld in het hydraulica lab van de Sectie Waterhuishouding blijkt goed te voldoen aan deze eisen. Kenmerkend zijn de openingen in de tussenschotten waar de vis onder water doorheen kan zwemmen. Uit metingen door Wubbo Boiten van de leerstoelgroep Hydrologie en kwantitatief waterbeheer blijkt dat de vervalletjes en de vertraging van de waterstroom heel acceptabel zijn voor de meeste vissoorten die te vinden zijn in de Nederlandse beken en kanalen. In de ‘doorzwemvensters’ voor de vissen kan bijvoorbeeld een gemiddelde stroomsnelheid van 1 meter per seconde worden bereikt, waar de vis gemakkelijk tegenin kan zwemmen.
Voor een groot aantal beekjes in Nederland en ook in België staan momenteel nieuwe vistrappen in de planning, om de doortrek van vis verder te bevorderen en om bepaalde waterrijke natuurgebieden geschikter te maken voor visetende vogels. | H.B.

Re:ageer