Wetenschap - 22 februari 2001

Veehouderij stoot minder broeikasgas uit

Veehouderij stoot minder broeikasgas uit

De veehouderij heeft -overigens onbedoeld- de emissie van broeikasgassen uit mest al aardig doen teruglopen. De uitstoot is 1,5 procent gedaald ten opzichte van het referentie jaar 1990 en kan, volgens het IMAG, verder dalen met 5 procent.

Het Imag heeft in opdracht van Novem, bekeken wat de beste manieren zijn om methaanemissies uit de mest te verlagen. Methaan is een broeikasgas dat 21 maal erger is dan kooldioxide. Van de Nederlandse methaanemissie is veertig procent afkomstig van de veehouderij. Daarvan is twintig procent afkomstig uit mest. De rest komt uit de maag van koeien.

Het Imag-onderzoek laat zien dat enkele maatregelen om de emissie van ammoniak te beperken ook de uitstoot van methaan tegenhouden. Alle mestsilo's zijn sinds 1990 afgedekt om de ammoniakemissies te verminderen. Uit metingen blijkt dit ook te helpen tegen methaanemissies. Verder vermindert een verlaging van de mesttemperatuur met vijf graden de uitstoot van beide gassen met vijftig procent. Een varkensstal is ongeveer twintig graden terwijl de buitentemperatuur gemiddeld lager is dan vijftien graden. Mest kan daarom het beste afgedekt en buiten de stal worden opgeslagen, concludeert onderzoeker dr Max Hilhorst.

De huidige emissie cijfers zijn schattingen die gebaseerd zijn op de situatie van rond 1990. Deze cijfers zijn echter niet goed gecontroleerd door metingen. Sinds 1990 heeft de veehouderij een aantal maatregelen getroffen om de uitstoot van ammoniak te verminderen. Hilhorst gaat er vanuit dat daarmee ook meer reductie van methaan uitstoot is bereikt dan de 1,5 procent. Een gerichte meetcampagne om de werkelijke cijfers bovenwater te krijgen is daarom volgens hem gewenst. | L.N.

Re:ageer