Student - 5 juli 2007

Vakantie!

948_nieuws.jpg
Hoera, het is bijna vakantie. Mijn huisgenoot Nikkie is al een week klaar, tentamens gehad. Verveeld hangt ze thuis rond. ‘Nicoooo, ik weet niet wat ik moet doehoen. Weet jij nog iets te doen?’ Ehm, de afwas? Toch maar even een leuk speeltje voor haar gekocht, waar ze voorlopig zoet mee is. Maar ik weet zelf ook niet wat ik moet doen. Ik heb zes maagdelijk lege weken voor de boeg. Hoe moet ik die in hemelsnaam invullen? Ideeën genoeg, daar ligt het niet aan. Vrienden en familie opzoeken in Australië en Zuid-Afrika. Klussen bij mijn zus die gaat samenwonen, zes weken rondreizen in Zuid-Amerika of een weekje Ameland. Mezelf afzonderen en een enorme inhaalslag met mijn studie maken. Feesten in de AID of naar Lowlands. Het allermoeilijkst is het om iedereen af te troeven met het beste plan. Want de vakantie moet perfect zijn. Spannend, nieuw, actief maar ook relaxed, uniek en toch te betalen, met cultuur én natuur, zonnig maar zonder extra rimpels. En dan heb ik eindelijk een perfect plan in elkaar gedraaid, komt er weer zo’n Wageninger die met een vies gezicht vraagt ‘ga je met het vliégtuig?’ Dat is een occupational hazard van de milieukunde: inzicht in je eigen cognitieve dissonantie. Toch is uiteindelijk de beslissing gevallen. Onder het motto ‘weg uit de beschaving’ ga ik, voor het eerst met mijn vriendje, wandelen in Noorwegen. Twee weken met alles mee wat we nodig hebben. Drie kilo havermout, gedroogd vlees en misschien één onderbroek en helemaal geen zeep. Bas loopt al zijn leven lang. Ik haat lopen. Mijn voeten zijn gewoon te klein en ik heb geen loopspieren. Dus moet ik trainen voor mijn vakantie. Welke sukkel gaat trainen voor zijn vakantie? Dat is echt de wereld op zijn kop. Maar wat heb ik voor keus? Ik zou hem ook zes weken alleen kunnen laten, maar sinds hij vorige week heeft opgebiecht dat hij wel eens naar andere vrouwen kijkt, zelfs heimelijk naar ze verlangt ‘omdat ze hem zo smachtend aankijken’, weet ik dat ik geen keus heb. Hier in Wageningen weet ik zo’n meisje nog wel te vinden om haar met één vuistslag in tweeën te splijten. Maar naar een ander land vliegen om zo’n lichtekooi op te sporen, dat vind ik pas milieuverspilling. /Nicolette Meerstadt

Re:ageer