Organisatie - 11 juni 2009

VRIJDENKER SCHEFFER KRIJGT SPINOZAPRIJS

Professor Marten Scheffer, hoogleraar Aquatische ecologie en waterkwaliteitsbeheer, ontving op 9 juni de Spinozaprijs van NWO. Hij mag 2,5 miljoen euro naar eigen inzicht aan onderzoek besteden.

In de ranglijst van Spinozaprijswinnaars stoomt Wageningen op naar een gedeelde zevende plek.
De internationale jury roemde Scheffer als een vrijdenker en wetenschappelijk vernieuwer. De Spinozapremie is de een na belangrijkste wetenschappelijke prijs in Nederland.
Scheffer ontvangt de prijs voor zijn grensverleggende werk aan het begrip van kritische omslagen in complexe ecosystemen, het klimaat en oude beschavingen. Hij is medeoprichter van twee internationale instituten voor interdisciplinair onderzoek. De jury noemde hem een creatief vernieuwer die keer op keer de grenzen tussen verschillende wetenschapsgebieden overschrijdt en verlegt. ‘De Spinozacommissie wacht in prettige spanning af in welke richting hij zijn onderzoek zal uitbreiden’.
Naast Scheffer kregen ook de natuurkundige prof. Albert van den Berg van de Universiteit Twente en neuroloog prof. Michel Ferrari van het Leids Universitair Medisch Centrum een Spinozapremie.
Anders dan andere jaren werden dit keer niet vier maar drie prijzen vergeven. Dat is een gevolg van het feit dat er dit jaar geen geschikte kandidaten uit de alfa-gamma-wetenschappen voorhanden waren. De spelregels van het premiestelsel staan niet toe dat meer dan twee prijzen naar dezelfde cluster van wetenschappen gaan. Scheffer en Van den Berg zijn beiden beta’s, Ferrari valt in het cluster medisch leven. Van de aanvankelijke vier geselecteerden moest er derhalve eentje afvallen.
In de ranglijst van prijswinnaars stoomt Wageningen op naar de gedeelde zevende plek. De ranglijst wordt aangevoerd door Leiden met twaalf Spinoza’s. De prijs voor Scheffer is de derde op rij voor Wageningen UR. Daar gingen evenwel twaalf jaar aan vooraf dat Wageningen ‘droog’ stond. In het verleden lukte het de universiteiten van Utrecht, Leiden en Amsterdam (UvA) ook om driemaal op rij een prijs binnen te halen. Utrecht viel van 2003-2007 liefst vijf keer op rij in de prijzen. / Albert Sikkema

INSPIREREND EN NIET TE OUD
Kandidaten voor de Spinozaprijs worden voorgedragen door de dertien rectores magnifici van de Nederlandse universiteiten en een select groepje van eveneens dertien prominenten van wetenschappelijke instellingen of belangenbehartigers als het Landelijk Netwerk van Vrouwelijke Hoogleraren. Elk van hen mogen op persoonlijke titel twee kandidaten naar voren schuiven.
In totaal werden dit jaar dertig kandidaten voorgedragen. Desgevraagd wil rector magnificus Martin Kropff van Wageningen UR niet zeggen hoeveel kandidaten hij heeft voorgedragen.
Met klem verzoekt de NWO om ook vrouwen voor te dragen. Onder de vijfenvijftig winnaars in de afgelopen vijftien jaar zitten zeven vrouwen. Dat is dertien procent en een goede afspiegeling van het aandeel vrouwelijke hoogleraren in ons land.
Kandidaten moeten van naam en faam zijn, in ons land maar ook daarbuiten. Ze moeten langdurig in dienst zijn bij een Nederlandse onderzoeksinstelling en nog niet te oud. Dat laatste is van belang, want met de geldprijs moet nog een flink aantal jaren toponderzoek worden verricht. De kandidaat moet bovendien ‘inspirerend leiderschap’ bezitten om jonge onderzoekers aan zich te binden. / Roelof Kleis

Re:ageer