Organisatie - 17 april 2008

VHL helpt Rwanda bij onderwijshervormingen

De vraag hoe het hoger onderwijs beter kan aansluiten op de arbeidsmarkt en de praktijk houdt niet alleen Nederlandse scholen bezig. In Rwanda werd van 31 maart tot 4 april een conferentie over competentiegericht leren in sub-Sahara Afrika gehouden. Vier medewerkers van Van Hall Larenstein Velp en Wageningen bezochten de bijeenkomst. De hogeschool is betrokken bij verschillende projecten voor onderwijshervorming in Afrika.

‘In Rwanda waren we te gast bij het Institut Supérieur d'Agriculture et d'Elevage’, vertelt Wouter van den Wall Bake, docent en projectleider van internationale projecten in Velp. ‘Deze instelling kwam na de genocide veertien jaar geleden en een brand in 1998 in een wederopbouwfase. De docenten, die in het buitenland hebben gestudeerd, hadden amper een netwerk of referentiekaders in hun land. Dat leidde tot een geïsoleerde onderwijsomgeving, waarin studenten geen stages liepen of afstudeeronderzoeken deden.’ Naast Van den Wall Bake bezochten opleidingsdirecteur Land- en watermanagement Jos Wintermans en Wybe van Halsema uit Velp en Marco Verschuur uit Wageningen de conferentie.
Sinds oktober 2004 ondersteunt Van Hall Larenstein de Rwandese onderwijsinstelling bij onderwijshervormingen, om de curricula praktijkgericht te maken en de banden met externe partners als overheden en het bedrijfsleven te versterken. Van den Wall Bake: ‘De verbinding met de maatschappij heeft wonderen gedaan. Het instituut haalt inmiddels een deel van de inkomsten uit externe projecten. Studenten worden nu ingezet bij projecten, bijvoorbeeld op het gebied van terrasbouw en de bescherming van stroomgebieden voor drinkwatervoorzieningen, en ze doen mee aan studies, zoals naar de aardappelketen.’
Het Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs, financiert de projecten. Wageningen International is betrokken bij soortgelijke projecten, die drie of vier jaar lopen en ook gaan over de vraag hoe het hoger onderwijs beter kan aansluiten op de arbeidsmarkt en de praktijk.
Het idee voor een conferentie ontstond door de behoefte die medewerkers van Van Hall Larenstein hadden aan uitwisseling, en groeide uit tot een gezamenlijk initiatief met het Nuffic. Tijdens de conferentie bezochten de deelnemers ook het Genocide Memorial Centre. ‘De binding die tijdens de conferentie tussen de deelnemers groeide, ontstond deels door de emoties die met dat bezoek gepaard gingen. Verder hadden we vergelijkbare ervaringen met competentiegericht onderwijs. We kwamen uit bij fundamentele vragen en dat leidde tot een buitengewoon boeiende discussie en een zinnige confrontatie. Het was geen ver-van-mijn-bedshow. Ook Nederlandse universiteiten en hogescholen hebben te maken met veranderingsprocessen. In Afrika hadden we een heel open uitwisseling. Dat was buitengewoon stimulerend’, aldus Van den Wall Bake.
Het tastbare resultaat van de conferentie is de Kigali Declaration, waarin de gemeenschappelijke ervaringsvelden en elementen van de onderwijshervormingen worden benoemd, van instroomeisen en trainingen van docenten tot maatschappelijke participatie. Een nog op te richten secretariaat in Rwanda gaat een ervaringsdesk en een discussieforum opzetten voor de partners. Volgend jaar vindt waarschijnlijk een tweede conferentie plaats over strategische keuzes.

Re:ageer