Organisatie - 1 januari 1970

Urker boycot krijgt steun van federatie

Het bestuur van de Federatie van Visserijverenigingen heeft unaniem het standpunt van de afdeling Urk overgenomen om de samenwerking met de visserijbiologen van de Animal Sciences Group in IJmuiden te beëindigen. ‘Vaststaat dat er bij ons iets is geknapt’, meldt de federatie in haar nieuwsbrief. RIVO-directeur dr Martin Scholten roept in een reactie de viswereld op de huidige impasse door de vertrouwensbreuk te doorbreken.

De Urker zeevissers weigeren sinds begin januari nog langer hun vangst- en aanvoergegevens ter beschikking te stellen van de biologen van het Nederlands Instituut voor Visserijonderzoek (RIVO) in IJmuiden. Zij hadden zich vooral gestoord aan het advies van de visserijbiologen om de vangst van schol en tong aan banden te leggen om herstel van de kabeljauw mogelijk te maken. Het bestuur van de Federatie van Visserijverenigingen heeft zich nu hierachter gesteld en roept haar leden op onverkort achter het bestuur te gaan staan, zodat zij ‘met autoriteit en kracht van argumenten kunnen werken aan duurzame verhoudingen in het belang van de gehele sector’.
De visserijbiologen hadden voorgesteld de platvisvangst stil te leggen om herstel van de kabeljauwpopulatie mogelijk te maken. Maar de reactie van de vissersfederatie was destijds dat bij de platvisvisserij ‘maar enkele kilo’s kabeljauw’ worden mee gevangen. Daarnaast heeft de federatie nu kritiek op de biologische adviezen voor 2004, waar in de berekeningen ‘zomaar 100.000 ton schol’ waren verdwenen.
RIVO-directeur Scholten zegt in een reactie geen begrip te kunnen opbrengen voor de eenzijdige kritiek op het RIVO, zonder dat de Federatie met hen in gesprek wil. Volgens hem zijn de bestandsschattingen ‘kwalitatief goed’. De ‘verdwenen schol’ is volgens hem goed te verklaren. Scholten: ,,Er is jarenlang sprake geweest van een systematische overschatting van het scholbestand, waarschijnlijk doordat de bijvangsten aan ondermaatse schol werden onderschat. Je zou kunnen zeggen dat jarenlang een te optimistisch beeld van de ontwikkeling van het scholbestand heeft bestaan, dat nu naar de beste en nieuwste inzichten is bijgesteld.’’ De bestandschattingen die het RIVO de afgelopen jaren samen met de vissers heeft opgesteld, hebben hieraan een belangrijke bijdrage geleverd.
Scholten: ,,Ik neem het principe van continue verbetering van de kwaliteit van het onderzoek op basis van voortschrijdend inzicht heel serieus, maar waak ook heel scherp op onze onafhankelijkheid en integriteit. Ook al hebben we oog voor het maatschappelijke krachtenspel rond visproductie, we laten ons niet afleiden door druk vanuit welk maatschappelijke belang dan ook’’, aldus Scholten.
Het niet langer meewerken aan het - wettelijk verplichte - onderzoek noemt Scholten ‘schadelijk voor de visserij, omdat daarmee de kwaliteit van het onderzoek en de integriteit en geloofwaardigheid van de sector in het geding is’. ,,Ondanks alles heb ik het vertrouwen in de sector nog niet verloren. Ik blijf bereid tot een goed gesprek en een eerlijke evaluatie.’’ De medewerkers van het RIVO gaan vooralsnog gewoon verder met het onderzoek en wachten eerst de brief van de federatie aan de minister af. | G.v.M.

Re:ageer