Organisatie - 23 juni 2011

Universiteiten en bedrijven willen samen de markt op

Minister beloont gezamenlijke visie wetenschap en bedrijven. Wageningen voorbeeld voor kennisinstellingen.

Bedrijven die investeren in onderzoek, worden daarvoor fiscaal ­gecompenseerd. EL&I-minister Maxime Verhagen trekt daarvoor 500 miljoen euro uit. Ook handhaaft hij volgend jaar de finan­ciering van de met opheffing bedreigde topinstituten, waaronder de voor Wageningen relevante ­in­stituten Groene Genetica en Food & Nutrition. Dat zei de mi­nister afgelopen vrijdag in Den Haag.
Verhagen beloont daarmee de plannen van Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen om meer samen te gaan optrekken. In februari beloofde minister Verhagen 1,5 miljard voor negen zogeheten topsectoren - geld dat overigens is weggehaald bij NWO, DLO en ontwikkelingssamenwerking. Bedrijfsleven en kennisinstellingen moesten vervolgens samen met plannen komen. Bij twee van die negen 'topteams' was Wageningen UR betrokken, rector Martin Kropff vertegenwoordigde de wetenschap in het topteam Agrofood en PSG-directeur Ernest van den Ende deed dat in het topteam Tuinbouw.
Investeren in kennis
Op 17 juni presenteerden zij hun visies. De onderzoekers en ondernemers zijn vol over publiek-private samenwerking. Het bedrijfsleven is daarom bereid om in kennis te investeren, terwijl kennisinstellingen op hun beurt meer vraaggestuurd onderzoek beloven. De topteams verwachten van de overheid steun bij de export, onder meer door vrije handel en toegang tot markten in belangrijke landen. Ook wijzen ze op het belang van samenwerking bij het aangaan van handelsrelaties. Niet in je eentje je waren proberen te slijten, maar met de hele keten op handelsmissie: producenten, verwerkers, logistiek, maar ook de kennisinstellingen.
Bij de presentatie had Verhagen lovende woorden voor Wageningen. Hij prees het  jarenlange partnerschap tussen ondernemers, kennisinstellingen en overheid in de land- en tuinbouw, waarbij hij Wageningen ziet als internationaal uithangbord waar andere kennisinstellingen een voorbeeld aan moeten nemen. 'In Wageningen worden vragen uit de agrofoodsector beantwoord, maar het fundamenteel onderzoek behoort ook tot de wereldtop.'    GvC
'We zijn ineens hét model'
Met Ernst van den Ende en Martin Kropff is Wageningen UR sterk vertegenwoordigd in de topteams. Dat is te danken aan de veelgeprezen samenwerking tussen onderzoekers, ondernemers en overheid. Van den Ende: 'Die gouden driehoek is bijna een mantra geworden, je ziet het in de pers: het komt telkens terug.' Kropff: 'We zijn ineens hét model. Pas wel op dat je niet wordt doodgeknuffeld. Je moet beseffen en benoemen dat elders ook hele mooie dingen gebeuren.'
De afgelopen drie maanden werden hun agenda's beheerst door de topsectoren, maar met resultaat vinden de onderzoekbestuurders. Van den Ende: 'De tuinbouw heeft veel bestuurders en vele meningen. Nu hebben we een sterkere positie omdat we in een klein team de regie konden pakken.' Kropff: 'De agrosector en de foodsector waren twee losse sectoren. Nu is het een combinatie, voor het eerst hebben we één agenda.'
Van den Ende: 'Het mooiste vind ik dat tuinbouw nu als topgebied gezien wordt. Het ging jaren over chemie of life sciences, maar nu staat de tuinbouw op de kaart. Dat is het gevolg van een simpel rekensommetje, het economisch belang is gewoon heel groot.' 
 

Re:ageer